Alain Peyrefitte

Te zeggen dat ik Alain Peyrefitte, de onlangs overleden politicus, schrijver en journalist, goed heb gekend, zou overdreven zijn, maar wij hebben elkaar de laatste jaren nogal eens ontmoet, af en toe samen gegeten en met een zekere regelmaat gecorrespondeerd. Die gesprekken en brieven gingen over verschillende onderwerpen, want Peyrefitte was een veelzijdig man, maar vooral over De Gaulle en zijn politieke ideeën. Peyrefitte was een zeer bekend en gezaghebbend, zij het geenszins onomstreden, auteur en politicus. Hij genoot eer en aanzien en had veel invloed. Hij was lid van de Académie Française, wat in Frankrijk gelijk staat aan de onsterfelijkheid. Hij was een aantal malen minister, was een gezichtsbepalende figuur bij de Figaro en schreef veel boeken die vrijwel zonder uitzondering een groot succes werden.

Alain Peyrefitte was een typisch product van het Franse onderwijssysteem en van de Franse vorm van sociale emancipatie. Zijn beide grootvaders waren boeren, woonachtig en werkzaam in `la France profonde', respectievelijk de Ariège en de Aveyron. Zijn beide ouders waren onderwijzers. In 1925, toen Alain Peyrefitte werd geboren, werkten en woonden ze in de dorpsschool van Najac. Briljante leerling, net als zijn oudere broer, en afkomstig uit een typisch onderwijsgezin was er voor Peyrefitte geen andere toekomst denkbaar dan de Ecole Normale Supérieure in de Parijse rue d'Ulm, de kweekplaats van Frankrijks literaire en intellectuele elite. Zo werd Peyrefitte dus normalien.

Inmiddels was echter in 1945 een nieuwe superschool gesticht, de Ecole Nationale d'Administration, beter bekend als de ENA. Deze school, een schepping van Michel Debré, minister en vertrouweling van De Gaulle, was bedoeld om Frankrijks toekomstige ambtelijke elite op te leiden. Peyrefitte combineert beide scholen en met succes. In 1947 verlaat hij de ENA, als derde van zijn klas (zijn `promotion'). Hij behoort nu niet alleen tot de normaliens maar ook tot de énarques, de mensen die Frankrijk na de oorlog zullen regeren. Hij kiest aanvankelijk voor een diplomatieke carrière, die hem onder andere naar Bonn en Brussel voert. Met de terugkeer van generaal De Gaulle in 1958 en de invoering van de Vijfde Republiek gaat hij in de politiek. Hij wordt député, gespecialiseerd in Buitenlandse Zaken, en vanaf 1962 tot 1968 is hij onder premier Pompidou verschillende keren minister op diverse departementen. Zo is hij onder andere belast met Onderwijs (in mei 1968!), met Onderzoek en met Voorlichting. Deze laatste functie brengt hem in nauw contact met president De Gaulle. De resultaten daarvan zijn later neergelegd in Peyrefitte's fascinerende boeken over De Gaulle, waarvan er twee zijn verschenen (een derde is in voorbereiding) onder de titel C'était de Gaulle.

Na het vertrek van De Gaulle uit de politiek in 1968 wordt Peyrefitte's leven meer beheerst door denken en schrijven dan door de politiek, al blijft hij député en is hij opnieuw af en toe minister, onder andere van 1977 tot 1981 van Justitie. Zijn intellectuele en journalistieke activiteiten domineren echter zijn politieke bezigheden. Hij wordt een succesvol journalist en vooral een zeer succesvol auteur. Zijn oeuvre is omvangrijk en veelzijdig, maar er zijn, afgezien van literair werk en herinneringen, drie hoofdthema's in te onderscheiden: China, het kapitalisme en de Franse politiek.

Het eerste boek dat Peyrefitte als auteur bekend maakte, was Quand la Chine s'éveillera... le monde tremblera (het woord is van Napoleon, althans wordt aan hem toegeschreven) uit 1973, dat een bestseller werd. Er werden meer dan een miljoen exemplaren van verkocht. Ook zijn volgende Chinaboek, uit 1989, L'Empire immobile ou le choc des mondes was in Frankrijk een groot succes. Peyrefitte gold sindsdien – zij het niet onder sinologen – als Chinakenner en zijn opinies over het hedendaagse China kregen hierdoor een bijzonder gewicht. Zij waren zeer omstreden, vooral omdat zij er op neerkwamen dat men niet moest proberen in China Westerse ideeën, bijvoorbeeld over mensenrechten, te introduceren. Met name na `Tienanmen' leidde dit vaak tot scherpe kritiek.

Zijn andere grote object van studie was het kapitalisme. Het centrale thema in zijn publicaties hierover was het begrip vertrouwen. Hij had dit onderwerp al in 1948, direct na het einde van zijn studie dus, als proefschriftonderwerp bij de Sorbonne gedeponeerd, maar de promotie zou pas een kleine veertig jaar later, in 1995, plaatsvinden. Het moet een bijzondere ervaring zijn geweest deze beroemdheid, auteur van menige bestseller, lid van de Académie Française en vele malen oud-minister, voor de jury te zien verschijnen. Het proefschrift zou in 1995, in bewerkte vorm, onder de titel La société de confiance verschijnen. Peyrefitte had zich overigens al eerder met deze materie beziggehouden, namelijk in zijn bekende boek Le mal français uit 1976. Dit boek over de `Franse ziekte', dat wil zeggen de Franse stagnatie, maakte in Frankrijk veel indruk. Het werd even goed verkocht als de Chinaboeken en bovendien uitvoerig becommentarieerd en bediscussieerd.

Peyrefitte weet de Franse stagnatie aan de autoritaire traditie, zowel in godsdienstig als in politiek opzicht. Daartegenover stelde hij de `sociétés de confiance', waarvan de Hollanders, de Engelsen en de Pilgrimfathers de grote voorbeelden waren. In zijn latere boek over dit onderwerp, La société de confiance, werkte hij deze gedachte verder uit. Dat er arme en rijke landen zijn, is een gevolg van de verschillen in economische ontwikkeling. Hoe zijn die verschillen te verklaren? Sommigen zoeken de oorzaak ervan in materiële factoren, als kapitaal, arbeid en grondstoffen. Volgens Peyrefitte is dit onjuist. Het gaat om mentale factoren. De kern van de zaak is vertrouwen. Vandaar de titel: La société de confiance. Dit woord, `confiance', doet natuurlijk sterk denken aan wat Fukuyama met meer aplomb en internationaal succes over dit onderwerp naar voren heeft gebracht in zijn boek Trust. Interessant is in dit verband ook dat deze gedachte al te vinden is bij Huizinga, die in Geschonden wereld over het economische leven schreef: ,,[...] dit berust geheel op vertrouwen, op een ethische functie derhalve''.

Het derde grote thema in Peyrefitte's werk is de Franse politiek, waarbij hij zelf, zoals gezegd, zeer actief betrokken is geweest. Liberaal essayist en historicus, was hij als politicus een uitgesproken conservatieve diehard. Dit bleek zowel op Voorlichting (hij was voorstander van staatstoezicht op radio en tv) als op Justitie (hij stelde veiligheid boven vrijheid). Hij schreef veel over de Franse politiek, maar veruit zijn boeiendste boeken zijn die over De Gaulle. Natuurlijk is Peyrefitte hier eigenlijk niet de echte auteur, niet Goethe maar Eckermann, niet Johnson maar Boswell. Maar net als Eckermann en Boswell was ook Peyrefitte's rol verre van onbeduidend. Opvallend zijn zowel zijn wonderbaarlijke geheugen, dat hem in staat stelde zeer uitvoerige beschouwingen van De Gaulle naar het lijkt verbatim weer te geven, als zijn redactionele en stilistische kwaliteiten, waardoor de boeken helder gestructureerd en goed leesbaar zijn. Er is zeer veel over De Gaulle geschreven, maar er is geen werk dat Peyrefitte's boeken overtreft in levendigheid, breedheid en oorspronkelijkheid.