`Slaande mannen heel onzeker'

In Zwolle en Hengelo worden stellen behandeld waarvan de vrouw door de man wordt mishandeld. De behandeling richt zich nadrukkelijk op de man.

De behandeling van mannen die hun vrouw en/of kinderen mishandelen staat nog in de kinderschoenen, zo blijkt uit het vandaag verschenen rapport Daderhulpverlening in Nederland. In totaal kent Nederland slechts vijf lokale projecten die de man bij de behandeling betrekken.

Geweld in relaties is nog altijd een omvangrijk probleem. Ruim 200.000 vrouwen krijgen er jaarlijks mee te maken, zo blijkt uit onderzoek. Onderzoeker Ron van Outsem: ,,Het gaat vaak om mannen die zeer onzeker zijn. Bang dat hun partner ervan doorgaat met een ander. Ze voelen zich heel afhankelijk. Proberen haar met geweld te dwingen om niet weg te gaan, zodat ze niemand anders tegenkomen. En dan kom je in een spiraal terecht. Hoe meer geweld, hoe meer de vrouw wordt weggedreven van de man. En dan heeft hij weer meer geweld nodig.''

Bij Transact, een instituut dat zich onder meer richt op de bestrijding van seksueel geweld, ontwikkelde Van Outsem een nieuwe methodiek voor de behandeling van plegers van `relationeel geweld'. Het komende jaar zal met deze benadering in Zwolle en Hengelo worden geëxperimenteerd. Onderdeel is dat de plegers van de mishandeling zeer actief worden benaderd. Vergelijkbare projecten in Haarlem en Alkmaar werken alleen met stellen die zich vrijwillig samen aanmelden.

In Zwolle zijn tot nu toe vier stellen in behandeling. In totaal zullen twintig paren worden behandeld. Als de behandeling succesvol is krijgt hij landelijk navolging.

Van Outsem ontwikkelde een typologie van negen soorten mannen die regelmatig hun vrouw slaan of bedreigen. Volgens die typologie, waarover Van Outsem geen details wil verstrekken om te voorkomen dat het potentiële cliënten afschrikt (,,dan lezen ze dat en denken: dat is niet op mij van toepassing''), zullen de mannen in kwestie een behandeling op maat ontvangen, naast een algemene training in zelfbeheersing.

Vrouwen die zich melden bij een Blijf van mijn Lijfhuis wordt om toestemming gevraagd om hun man te benaderen. Vervolgens wordt de man met klem verzocht zich te laten behandelen. ,,We proberen het uiterste om hem voor behandeling te motiveren. We sturen niet alleen een brief met een folder, maar we hebben ook telefonisch contact waarbij we ook wijzen op de nadelige consequenties van een weigering, bijvoorbeeld dat zijn partner een aanklacht tegen hem indient bij de politie of dat het bij een scheiding veel moeilijker zal zijn een omgangsregeling voor de kinderen te krijgen'', zegt Van Outsem. ,,Deze mannen zijn moeilijk te motiveren, die hebben dat duwtje in de rug echt nodig.''

Stemt de man toe in therapie, dan krijgen man en vrouw ook eerst apart, en later eventueel gezamenlijk, begeleiding in de vorm van `psycho-educatie'. ,,Hoe werkt geweld in relaties. Welke alternatieven zijn er. Hoe kun je leren communiceren, onderhandelen. Hoe kan het anders in relaties. In deze tijd is er ook geen vaste maatstaf meer voor wat nou eigenlijk een gezonde relatie is.''

Daarnaast krijgt ook de vrouw individuele begeleiding. Nieuw daarbij is dat ook wordt gekeken naar het eigen aandeel van de vrouw, volgens Van Outsem tot nu toe een element dat in de hulpverlening werd verwaarloosd.

,,De vrouw doet over het algemeen ook allerlei dingen waardoor de kans op geweld toeneemt. Het blijkt dat vrouwen vaak al eerder in een mishandelingsrelatie hebben gezeten. En als ze zo'n relatie afbreken, komen ze vaak daarna wéér in zo'n relatie terecht. Dus kijken we: Hoe zit het met je partnerkeuze. Wat voor mannen zoek je uit. We proberen haar verantwoordelijk te maken voor haar eigen veiligheid, en te zorgen dat ze die verantwoordelijkheid ook gaat nemen.''