`Niemand heeft last van gebed'

Bidden moesten ze maar thuis, niet op school. Twee leerlingen van het Calandlyceum in Amsterdam in debat met hun rector. `Wat maakt het nou uit' versus `Dit is een principekwestie'.

Gadisja El-Marcouchi: ,,Een tijd geleden hebben we gevraagd of we een sleutel van een leeg lokaal konden krijgen, zodat we in de pauze konden bidden. Iedere keer werd gezegd: `We moeten erover praten met het stadsdeel.' Nou, na een tijd kwam het antwoord.''

Fatima Assidah: ,,Toen hebben we een brief geschreven naar de schoolleiding, om het nog eens uit te leggen. En om een uitzondering te vragen voor de ramadan. Dan is het extra belangrijk en zit iedereen te eten in de pauze. Na een paar weken konden we met de conrector praten. Maar die zei weer nee.''

Peter Dorsman, rector van het Calandlyceum: ,,Jullie brief is in de directie besproken, daar hebben jullie ook recht op. Een keurige brief trouwens, dames. Foutloos. Echt heel knap.''

Gadisja (16) zit in 4-Havo, Fatima (17) doet 5-Gymnasium. Ze zijn beide in Nederland geboren en in Amsterdam-West opgegroeid. Ze vinden het Calandlyceum een ,,gezellige'' school. Fatima: ,,Ik voel mij hier thuis.'' Alleen dat ene probleem. Ze willen in de pauze toegang tot een lokaal om hun gebed te verrichten. Fatima: ,,Niemand heeft er last van.'' De rector weigert op principiële gronden en wordt daarin, na een vergadering vanmorgen, gesteund door het stadsdeel en het bestuur. Dorsman: ,,Dit is een openbare school. Actieve geloofuitoefening kan hier niet.''

Wat vinden jullie van de opstelling van jullie rector?

Gadisja, lachend: ,,Worden we niet geschorst?''

Dorsman: ,,Nee, daar moet wel wat anders voor gebeuren, dames.''

Fatima: ,,Het is wel erg makkelijk. Zo van: je verstoort het openbare karakter. Maar het wordt te veel opgeblazen door de school. Het is gewoon onze invulling van de pauze.''

Dorsman: ,,Denken jullie dat er serieus naar is gekeken?''

Gadisja: ,,Jawel, serieus van uw kant, maar niet van onze kant. Heb ik het idee. Het belang van het gebed is heel groot in de islam. Er zijn vaste tijden, maar wij snappen ook wel dat we niet tijdens de les even weg kunnen lopen. vandaar dat we het in de pauze willen doen. Daar zou toch rekening mee gehouden kunnen worden. Het is toch een openbare school.''

Dorsman: ,,Juist omdat het een openbare school is, kan het niet. Ouders verwachten dat van ons.''

Gadisja: ,,Maar ouders hebben toch niks te maken met vijf minuten gebed in een lokaaltje?''

Dorsman: ,,Ouders hebben daar alles mee te maken. Die kiezen bewust voor het openbaar onderwijs. Zij verwachten een neutraal klimaat. Dat is mijn leidraad. Als ik daar niet aan vasthou ben ik ook verloren.''

Fatima: ,,Ik begrijp het niet hoor. Waarom zouden ouders er een probleem mee hebben?''

Er zijn nog geen islamitische middelbare scholen.

Fatima: ,,Daar is iedereen toch zo tegen?''

Dorsman: ,,Ik ben daar niet tegen. Maar inderdaad, die scholen zijn er nog niet. Ik kan mij voorstellen dat je dan voor het bijzonder onderwijs kiest, een christelijke school. Daar vindt actieve geloofsbeleving op school plaats.''

Gadisja: ,,Maar wij zitten op deze school.''

U wilt tegen Fatima en Gadisja zeggen: ga maar naar een christelijke school?

Dorsman: ,,Nou...ja, dat is misschien moeilijk. Dan moeten er maar islamitische scholen komen.''

Zouden jullie liever naar een islamitische school gaan?

Gadisja: ,,Ik zou liever gewoon op het Caland blijven.''

Fatima: ,,Ik ook.''

Gadisja: ,,Wij hebben ons toch aardig geïntegreerd. Waarom zou de school ons niet een beetje tegemoet kunnen komen?''

Fatima: ,,We zijn met z'n zevenen, wat maakt het nou uit? Het is helemaal geen inbreuk. het wordt alleen zo negatief opgevat. Dat het een aantasting zou zijn enzo.''

Dorsman: ,,Wij hebben ook joodse en christelijke leerlingen. Ik ben benoemd om het openbare karakter van de school te bewaken.''

De leerlingen die dat aanvragen kunnen op deze school een uur eerder vrij krijgen, omdat het ramadan is. Daarvan zou je ook kunnen zeggen: dat tast het openbare karakter aan.

Dorsman: ,,Nee, want als mensen thuis het geloof willen beleven, kan je ze daarin niet beperken.''

Hoe dun is die lijn? Er is ook een onderwijsverplichting op basis waarvan je zou kunnen zeggen: we mogen onze leerlingen niet eerder vrij geven, ook al is het ramadan.

Dorsman: ,,Ja, ja. Maar daarin komen we dus tegemoet aan onze leerlingen. Ik vind het geen dunne lijn. Het is een principeel verschil.''

Gadisja: ,,Ik zie het verschil niet hoor.''

Fatima: ,,U bent ook bang dat ouders hun kinderen niet meer naar deze school zullen sturen omdat ze hier teveel met de islam bezig zouden zijn, ofzo. Dat zei de conrector. Dat het een precedent zou scheppen.

Dorsman: ,,Dat is niet mijn verantwoording. Ik weet niet wat er morgen komt, alleen trek ik de grens bij geloofsuitoefening op school. Of dat nou in een lokaaltje, de aula of het schoolplein is. Het mag gewoon niet.''

Zijn jullie teleurgesteld?

Gadisja: ,,Heel erg.''

Dorsman: ,,Het zij zo dames. Ik begrijp jullie wel, alleen we zijn het niet eens.''

Boos?

Gadisja: ,,Ja. Ik vind het nog steeds onzin, eigenlijk.''

Fatima: ,,Nogal. Ik vind de rector erg koppig. Dat hele principiële gedoe...'' Dorsman: ,,Dat is jammer. Jullie zijn van harte welkom op deze school.''

Op het Calandlyceum is het wel of niet bidden het gesprek van de dag. Ophef in de lerarenkamer, leerlingen bespreken de kwestie in de kantine en in de gangen. De meeste leerlingen hebben er geen probleem mee. ,,Als zij zo stom willen zijn om hun eigen pauze op te willen offeren, gaan ze hun gang maar.''

Na afloop van het gesprek met de rector wordt uitgebreid nagepraat op de gang. Sietse Bakker (4-Havo) neemt het op tegen vijftien Marokkaanse meisjes. Hij is tegen bidden op school.

Sietse: ,,Het geeft direct zo'n stempel. Je krijgt een slechte naam.'' Hij krijgt de hele groep over zich heen. In koor: ,,Waarom een slechte naam? Het kan toch ook heel positief zijn.''