Justitie keert tbs'ers 2,5 miljoen uit

Het ministerie van Justitie heeft dit jaar 2,5 miljoen gulden uitgekeerd aan tbs-veroordeelden die te lang in een gevangenis wachten op plaatsing in een kliniek. Dat heeft minister Korthals (Justitie) geantwoord op Kamervragen.

Tot juli 1997 hadden tbs-veroordeelden recht op duizend gulden per maand als zij langer dan een half jaar wachtten op plaatsing. Bij elk kwartaal langer wachten kwam daar steeds 250 gulden bij. Door een wetswijziging is sindsdien een wachttijd van maximaal vijftien maanden toegestaan. Is plaatsing daarna nog niet gelukt, dan moet Justitie overgaan tot een vergoeding van 1.250 gulden per maand, een bedrag dat daarna weer per kwartaal met 250 gulden wordt verhoogd.

Dat wachtende tbs'ers die schadevergoeding ook werkelijk krijgen, is overigens niet gezegd. Het Schadefonds Geweldsmisdrijven, dat door Justitie wordt gefinancierd, probeert die bedragen consequent te claimen als het fonds eerder tot een uitkering aan het slachtoffer van de betrokken tbs-veroordeelde is overgegaan. Het fonds krijgt de gegevens over de eventuele uitkering van de Dienst Justitiële Inrichtingen van het departement.

Volgens de plaatsvervangend secretaris van het fonds, mr. P.H. Cremers lukt dat claimen ,,gek genoeg boven verwachting''. Cremers: ,,Wij zijn er indertijd mee begonnen, omdat het natuurlijk te gek is dat een slachtoffer van alles overhoop moet halen om schadevergoeding te krijgen, terwijl een tbs'er automatisch een uitkering krijgt.''

Ondanks een substantiële uitbreiding van het aantal plaatsen in de inrichtingen is de laatste tijd het aantal `passanten' sterk toegenomen. De capaciteit van de tbs is vanaf 1990 vrijwel verdubbeld tot bijna 800 plaatsen. In dezelfde periode is het aantal passanten echter bijna verzesvoudigd tot 170 personen. De gemiddelde wachttijd is opgelopen tot meer dan een jaar.