Tanker breekt in tweeën

Een Maltese tanker, gevuld met 30.000 ton geraffineerde olie, is gisteren even ten noorden van de Golf van Biskaje in tweeën gebroken. Ongeveer 4000 tot 5000 ton van de olie is in zee gespoeld. De 26 bemanningsleden zijn bij zwaar weer door een Britse helikopter van de 180 meter lange tanker gehaald.

Volgens experts berokkent geraffineerde olie over het algemeen minder schade aan het milieu dan ruwe aardolie. Het verdampt meer en wordt gemakkelijker door hoge golven afgebroken. Toch waren Britse en Franse milieu-inspecteurs er niet vanmorgen niet zeker van dat de olievlek geen blijvende schade zal veroorzaken. Greenpeace heeft er inmiddels op aangedrongen dat tankers, net als vliegtuigen, worden uitgerust met een `black box' die de scheepsbewegingen registreert zodat een reconstructie van de toedracht van scheepsongelukken achteraf gemakkelijker kan plaatsvinden.

De 19.666 ton metende Erika was op weg van Rotterdam naar Livorno in Italië. Ongeveer 100 kilometer ten zuiden van Bretagne belandde de tanker in ruwe zee en raakte in moeilijkheden. Nadat de Franse kustwacht niet in staat bleek snel een grote helikopter te leveren om de bemanning van boord te halen, zond de Britse Royal Navy twee helikopters. Deze vlogen, na hun reddingsoperatie, door naar de Franse marine-basis Lorient.

Vanmorgen deed een Frans sleepvaartuig een poging de gebroken tanker weg te slepen. Harde wind en hoge golven bemoeilijkten de sleeppogingen zeer. Een ander vaartuig, uitgerust met apparatuur om milieuschade tegen te gaan, was eveneens onderweg.

Het ongeluk met de Erika voltrok zich niet ver van de plaats waar in 1978 de olietanker Amoco Cadiz brak en één van de grootste milieurampen uit de Britse geschiedenis veroorzaakte. (AP)