`De fraudezaken waren geen issue in Amsterdam'

Voormalig PvdA-coryfee Marjanne Sint was vijf jaar gemeentesecretaris van Amsterdam. Het was een tijd van fraude en corruptie.

Ze dankte beleefd voor een wethouderspost. Graag een onzichtbaar bestaan als baas van alle ambtenaren. Het is haar gelukt - dat onzichtbare bestaan. Noem de naam van de Amsterdamse gemeentesecretaris en iedereen zegt nog steeds: `PvdA-voorzitter, WAO-crisis, fietsen in Toscane'.

Marjanne Sint trad in 1991 af als voorzitter van de PvdA omdat ze tijdens de WAO-crisis onvindbaar was voor haar partijgenoten. Na een baan op het ministerie van Economische Zaken werd Marjanne Sint vijf jaar geleden gemeentesecretaris in de hoofdstad, een betrekking die ze nu verruilt voor een functie bij adviesbureau Berenschot. Achteraf bezien is ze van mening dat de fraudezaken die in de loop der jaren in Amsterdam naar buiten kwamen politieke gevolgen hadden moeten hebben.

We vergeten de WAO-crisis. U mag uzelf een nieuw etiket opplakken.

,,Ik zou zeggen: Marjanne Sint, de vrouw die veerverbindingen in de archipel heeft aangelegd. Toen ik hier vier jaar geleden kwam, was het ambtelijk apparaat een groot eilandenrijk. Niemand kende elkaar. Dat is veranderd. Er is nu meer binding. Dat vergemakkelijkt het voorbereiden en uitvoeren van collegebesluiten.''

U was gemeentesecretaris in een tijd dat er veel fraude en corruptiezaken naar buiten zijn gekomen.

,,Die fraude is van een stuitende omvang geweest. Hoe is het toch mogelijk dat we bij stadstoezicht met zijn allen blij waren met het parkeergeld dat binnenkwam, zonder ons af te vragen of het niet meer moest zijn? Het had achteraf bezien tot politieke consequenties moeten leiden. Het zou goed geweest zijn als er een wethouder was afgetreden. Dan gaat het niet om de schuldvraag, maar om een signaal naar de stad toe.''

Dat zegt u nu.

,,Ik ben er pas goed over na gaan denken na het lezen van het [onlangs verschenen] boek `Chaos aan de Amstel' van Jos Verlaan. Dat is misschien laat ja. Maar het is in Amsterdam nooit een issue geweest. Niet in het college, niet in de raad, niet onder de bevolking.''

Hoe verklaart u die laconieke houding?

,,Ik kan slechts gissen. Wat mee kan spelen is dat de fraudezaken beetje-bij-beetje naar buiten kwamen. De volle omvang werd pas geleidelijk aan duidelijk. En in de lokale politiek dragen college en raad samen de verantwoordelijkheid. Het is geen dualistisch stelsel, zoals in Den Haag. De raad heeft als hoogste orgaan zelf het laatste woord en is dus medeverantwoordelijk. Dan vraag je niet zo makkelijk om een onderzoek, zoals het parlement dat wel doet.''

Het college heeft acht wethouders van vier partijen. Wat betekent dat voor de ambtenaren?

,,Ambtenaren moeten kunnen koorddansen. De ene keer moeten ze een wethouder bedienen die de ene kant op wil, de andere keer moeten ze een wethouder van argumenten voorzien om nu juist de andere kant op te gaan. Als iets het college passeert, weet je wel hoe de stemming in de raad uitvalt. De debatten in de raadszaal zijn wel minder spannend geworden.''

Als gemeentesecretaris bent u ook een headhunter. U was tegen de benoeming van Testa als directeur van het Gemeentevervoerbedrijf.

,,Ik heb gewaarschuwd. Pas op: u haalt een heel eigenwijze meneer binnen. Uiteindelijk heeft het goed uitgepakt.''

Liever niet te veel eigenwijze types die hardop meedenken over de stad?

,,De wethouder moet scoren, niet de ambtenaar. Een ambtenaar moet vooral loyaal zijn aan het bestuur. Ik heb geen behoefte aan een vijfde colonne die de eigen politieke zin wil doordrammen.''