V-raad verlengt olie-akkoord met Irak

De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft gisteren de olie-voor-voedsel overeenkomst met Irak voor zes maanden verlengd. In afwachting van de stemming waren de olieprijzen gisterochtend al gedaald.

Daarmee opende de raad de weg naar hervatting van de Iraakse olie-export onder dit programma, die 23 november door Bagdad was opgeschort. De Iraakse autoriteiten protesteerden daarmee tegen het feit dat het humanitaire programma, waaronder Irak voor 5,2 miljard dollar per zes maanden olie mag exporteren om voedsel en medicijnen voor zijn bevolking te kopen, in eerste instantie slechts met twee weken, en vervolgens met een week was verlengd.

Deze korte verlengingen waren bedoeld om Rusland, Frankrijk en China ertoe te bewegen een bredere resolutie te aanvaarden die ook hervatting van de wapeninspecties in Irak omvat. Over een desbetreffende ontwerpresolutie wordt al sinds het voorjaar onderhandeld. Rusland, Frankrijk en China, in variërende mate medestanders van Irak, eisten verdergaande versoepeling van de handelssancties tegen Irak dan de Verenigde Staten en Groot-Brittannië wilden accepteren.

Inmiddels wordt de laatste hand gelegd aan de resolutie, die in de laatste versie voorziet in opschorting van de sancties als Irak ,,volledig meewerkt'' aan een nieuwe vorm van wapeninspectie. Washington drong er gisteren op aan vandaag te stemmen, maar in het bijzonder Rusland probeerde de stemming nog te vertragen. Diplomaten gingen ervan uit dat het wel maandag zou worden. Rusland, Frankrijk en China hebben niet laten weten hoe ze gaan stemmen, maar aangenomen wordt dat ze geen veto zullen uitbrengen.

Overigens heeft Irak bij herhaling aangekondigd niet te zullen meewerken aan uitvoering van de resolutie. Bagdad eist dat de sancties zonder meer worden opgeheven. (AFP, Reuters)