`Islamitisch recht verdient respect'

Familierecht ligt gevoelig in Marokko, de islamitische identiteit van het land wordt eraan afgemeten. Antropoloog-islamoloog Léon Buskens onderzocht de relatie tussen wetgeving en lokale praktijk. `De hoop is dat de nieuwe koning de positie van de vrouw zal verbeteren.'

`VELDWERK DOEN naar het Marokkaanse familieleven is lastig. Marokkanen schermen hun familieleven doorgaans zorgvuldig af van de buitenwereld. In Salé woonde ik bij een familie en vandaaruit kon ik naar het dorp waar hun ouders leefden. Zo kon ik achter de coulissen kijken. Een man die je bij zich thuis uitnodigt en je laat kennis maken met zijn vrouw, toont zich van zijn meest kwetsbare zijde. Familiezaken geef je zo gemakkelijk niet prijs en zeker niet aan een vreemde, dat vereist intieme vriendschap. Toen ik aan een jongen bij wie ik in huis woonde vroeg waarom zijn nicht nog altijd niet getrouwd was, werd dat direct opgevat alsof ik avances zou maken. Je praat uren over koetjes en kalfjes in de hoop terloops een vitaal feit op te vangen. Men legt beslag op je en vindt het maar vreemd wanneer je met veel meer mensen wilt omgaan.'

Prof.dr. Léon Buskens, aan de universiteiten van Leiden en Utrecht specialist op het gebied van het Marokkaanse familierecht, promoveerde op het onderwerp `Islamitisch recht en familiebetrekkingen in Marokko'. Dit najaar verscheen een (bijgewerkte) handelseditie van dit lijvige proefschrift uit 1993. Het is een breed opgezet handboek waar de Nederlandse magistratuur in kwesties op het terrein van het Marokkaanse familierecht zijn voordeel mee kan doen. Het onderwerp is zeer actueel. Buskens: ``Onlangs wijdde de Marokkaanse Vrouwen Vereniging Nederland een conferentie aan de moeilijkheden die rijzen wanneer een Marokkaanse vrouw van haar man wil scheiden. Door Nederlandse rechters uitgesproken echtscheidingen worden in Marokko niet erkend, wat de vrouwen in kwestie kan opbreken zodra ze zich in Marokko wagen en hun `man' lastig gaat doen. Andersom blijft de Marokkaanse man die in Nederland op het consulaat zijn vrouw verstoot voor de Nederlandse wet gewoon getrouwd. De oplossing zou zijn dat Marokko een liberaler, vrouwvriendelijker familierecht invoert. Daartoe zou de Nederlandse regering druk op Marokko moeten uitvoeren, vindt die vereniging. Dan denk ik: dan ben je toch aan het verkeerde adres, dat ligt in Marokko heel gevoelig, daar kun je je als Nederlandse regering niet zomaar in mengen.'

Familierecht is een beladen onderwerp. Het geldt als een van de belangrijkste onderdelen van de sharia, het klassieke islamitische recht. Wetgeving op dit gebied, in 1958 vastgelegd in de Mudawwana, wordt gezien als een belangrijk symbool van de islamitische identiteit van de Marokkaanse staat. Buskens: ``De Mudawwana sluit nauw aan bij de in Marokko dominante en sterk orthodoxe Malikitische interpretatie van de klassieke islamitische rechtsgeleerde boeken.Vergelijk je het met Tunesië, dat toch een enigszins vergelijkbare geschiedenis heeft en dat in dezelfde periode het recht heeft gecodificeerd als Marokko, dan zie je dat beide landen een heel verschillende koers hebben gevolgd. Tunesië heeft een vrij liberaal familierecht. Het is het enige Arabische land waar de polygamie is afgeschaft. Ook is verstoting niet langer mogelijk: echtscheiding verloopt er via de rechter. Marokko toonde zich veel terughoudender om de privileges die God aan de man gegeven zou hebben aan te tasten. Wel ligt aan de Mudawwana de gedachte ten grondslag dat de islam een middel zou moeten zijn om tot een rechtvaardiger samenleving te komen, dat de man geacht wordt geen misbruik te maken van zijn voorrechten.'

Die ongelijkheid van de vrouw gaat terug op Soera 4 van de koran. Buskens: ``Daar staat dat de man door God is aangesteld als opzichter over de vrouw. In de klassieke islamitische rechtsgeleerde boeken is seksualiteit door God aan de mensen gegeven, daar mag je rustig van genieten – een heel wat positiever beeld dan in de christelijke traditie. Maar je moet voorkomen dat die seksuele driften tot de ondergang van de samenleving leiden. Dat kan het beste binnen het kader van het huwelijk. Mannen moeten toezicht houden op vrouwen, in het belang van de vrouwen zelf. Vrouwen zijn emotioneler, minder met rede begiftigd, ze moeten beschermd worden tegen hun aandriften, tegen de boze buitenwereld. Binnen het huwelijk – artikel 1 van de Mudawwana laat daarover geen twijfel bestaan – is de man de baas, daarvóór valt de vrouw onder het toezicht van haar vader en haar broers. Tegenover het recht op gehoorzaamheid en seksuele beschikbaarheid staat de plicht van de man zijn vrouw te onderhouden, hoe rijk zij zelf ook is.'

liberaal

Mag de man zijn vrouw verstoten wanneer het hem goeddunkt, al is het volgens de islamitische wet afkeurenswaardig (en is hij de bruidsprijs kwijt), andersom kan de vrouw het huwelijkscontract alleen dan zelf ontbinden wanneer ze die mogelijkheid van tevoren met haar man heeft afgesproken – een stap die in de praktijk op sociale belemmeringen stuit. Buskens: ``Toch is het Malikitische recht op dit punt tamelijk liberaal. Het biedt de vrouw vijf gronden voor huwelijksontbinding. Naast ernstige fysieke gebreken bij de man die de gezondheid van de vrouw in gevaar kunnen brengen, of geestesziekte, kan de vrouw ook om echtscheiding vragen als de man gedurende lange tijd zonder geldige reden afwezig is, of wanneer de man niet in staat is haar te onderhouden. Een heel interessante grond is `schade', een breed concept dat is overgenomen door de Marokkaanse wetgever en meestal wordt geïnterpreteerd in de zin van fysieke mishandeling van de vrouw. Dat moet ze kunnen aantonen en dat is heel moeilijk. Je zou je kunnen voorstellen dat ook geestelijk letsel daaronder valt, dat is door Marokkaanse juristen ook wel verdedigd. In de rechtsgeleerde literatuur is schade gekoppeld aan het begrip `tweespalt'. Als je het in die richting uit zou breiden, dan zou je kunnen komen in de richting van een echtscheiding zoals we die in Nederland kennen: duurzame ontwrichting, tweespalt, dat soort dingen. Maar tot nu toe zijn Marokkaanse rechters erg terughoudend geweest in het uitbreiden van de gronden voor echtscheiding op initiatief van de vrouw. Doctrinair gezien is dat begrijpelijk: de rechter treedt dan in plaats van de echtgenoot en eigent zich zijn rechten toe. Dat doet hij niet graag.'

Buskens' Islamitisch recht en familiebetrekkingen in Marokko is opgezet als drieluik. Het eerste deel biedt een gedetailleerde analyse van het Marokkaanse familierecht zoals vervat in de eerste drie boeken van de Mudawwana. Aan de orde komen huwelijkssluiting en -ontbinding, afstamming, onderhoudsplicht, voogdij en echtelijke samenwoning, alles geplaatst binnen het geheel van het Marokkaanse rechtsbestel. Dan volgt in het tweede deel een bespreking van de werkzaamheden en bevoegdheden van de udul, beroepsgetuigen die nodig zijn bij het opstellen van huwelijks- en verstotingsakten, documenten waarmee rechters, advocaten en ambtenaren van de Burgelijke Stand in Nederland regelmatig te maken krijgen. Het derde deel ten slotte biedt een etnografische schets van het Marokkaanse familieleven, waarvoor Buskens in de jaren 1988-90 zowel in de dubbelstad Rabat-Salé als in het naburige dorp Oulad Sbeita antropologisch veldwerk verrichtte. Het beschrijft hoe de rechtsregels in het dagelijks leven functioneren en geeft zo een beeld van de verhouding tussen nationale wet en lokale gewoonten.

Tijdens zijn veldwerk in Marokko kwam Buskens het nodige over het familieleven aan de weet. Zoals het omgaan met maagdelijkheid. ``Vroeger was het een zaak van trots direct na de consummatie van het huwelijk – de eerste geslachtsgemeenschap – het bebloede laken in het openbaar te tonen: `Kijk eens, wij zijn een nette familie'. Nu is dat aan het verschuiven. Voor een deel komt dat door de veranderende positie van de vrouw in de Marokkaanse samenleving. Voor de stedelijke middenklasse geldt dat je als man eigenlijk alleen nog maar kan trouwen met een vrouw die gaat bijdragen aan het gezinsinkomen. Daardoor verschuift de machtsbalans in het voordeel van de vrouwen. Die willen zich niet langer in het openbaar laten beproeven. Vrouwen zeggen: `Mijn ouders vertrouwen mij, als mijn echtgenoot zegt dat het in orde is, hoef ik met dat bloed niet voor de dag te komen. Dat doe je alleen als je het zelf graag wilt.' Daar komt bij dat de huwelijksleeftijd ook in Marokko sterk is gestegen en er veel meer tijd is voor experimenten – soms valt er ook wat te verbergen. Veel belangrijker dan de werkelijkheid is de reputatie, de eer, het beeld naar buiten.'

In Marokko pleit een kleine bovenlaag van hoogopgeleide vrouwen ervoor het familierecht te veranderen. Ze organiseren colloquia en krijgen ruim aandacht in de Marokkaanse media. Buskens: ``Maar de grootste veranderingen spelen zich af in de praktijk, in de lagere middenklasse. Daar hebben vrouwen al veel meer te vertellen, zonder dat dat overigens in de wet is verankerd. De hoop is nu dat de nieuwe koning, Mohammed VI, het familierecht ingrijpend zal wijzigen door de vrouwen meer rechten te geven. Maar omdat familierecht wordt gezien als graadmeter van de te varen islamitische koers, en hij de grote groep orthodoxen met veel aanhang onder de Marokkaanse plattelandsbevolking niet van zich zal willen vervreemden, is zijn speelruimte beperkt. Wat de koning ook doet, het is nooit goed.'

Op zijn colleges in Leiden en Utrecht probeert Buskens de studenten – voor een groot deel allochtonen – er zoveel mogelijk bij te betrekken. ``Ze hebben uitgesproken ideeën over familiezaken en ik leer veel van ze. Gisteren ging het over maagdelijkheid. Vraagt er een Turks meisje: `Hoe zit dat precies in het islamitisch recht, los van de culturele opvattingen? Wat staat er in de bronnen? En hoe zou je dat kunnen interpreteren?' Vrijwel altijd vinden die studenten zichzelf moslim, dat is heel belangrijk, het verschaft identiteit. Maar de traditionele islam uit de landen van hun ouders moeten ze niet, ze willen een islam die past bij hun leven in Nederland. Vandaar de interesse in godsdienstige teksten, waar hun ouders niet en zij wel toegang tot hebben. Wel verwacht ik een zekere openheid. Wie wil weten wat de islam voorschrijft, hoe het precies hoort, kan beter naar een islamitische opleiding gaan. Ik probeer de verschillende meningen onbevooroordeeld naast elkaar te plaatsen. In dat kader vertel ik ook over mijn katholieke jeugd in Limburg. Dat ik in Belfeld - bekend van de waterstanden - tegenover de pastoor woonde en in de bibliotheek en in het missiemuseum in het naburige Steyl ontdekte dat het in dorpen ver weg allemaal ook heel anders kon. Dat ik als jongetje nieuwsgierig was naar hoe dat dan precies zat.'

polygamie

Als het aan Marokko ligt komt er met Nederland een bilateraal verdrag waarin beide landen elkaars echtscheidingsprocedures erkennen. Buskens: ``Ideologisch is zo'n verdrag voor Marokko belangrijk omdat zo formeel wordt vastgelegd dat Nederland het islamitische familierecht serieus neemt - in dat opzicht geef ik ze gelijk. Ook al wonen ze hier, ze vallen volgens de Marokkaanse overheid nog steeds onder Marokkaans familierecht. Dat heeft ook economische aspecten. De overmakingen van Marokkanen vanuit Europa vormen voor het land de belangrijkste bron van deviezen. Via het familierecht kun je de greep op je bevolking in West-Europa versterken en zo de economische banden aanhalen. Daarbij speelt mee dat je de Marokkaanse nationaliteit houdt, ook al ben je in Nederland geboren. Maar de Nederlandse rechters zijn weinig enthousiast. Zaken als polygamie en verstoting zijn in onze cultuur nu eenmaal onacceptabel.'

Intussen zou het volgens Buskens goed zijn als de Nederlandse magistratuur het islamitische recht met wat meer respect en met een zekere nieuwsgierigheid tegemoet zou treden. ``Het is een volwaardig stelsel dat andere oplossingen biedt voor soortgelijke problemen, in die zin kan het ons rechtsstelsel ook verrijken. Des te treuriger dat de cursus `culturele achtergronden van Turken en Marokkanen' die ik samen met enkele collega's op verzoek van de Stichting Studiecentrum Rechtspleging in Zuthen gaf voor rechters in opleiding, zittende rechters, officieren van justitie, gerechtssecretarissen en een enkele advocaat, is wegbezuinigd. In twee dagen kwam daar de vraag aan bod in hoeverre culturele achtergronden van Turken en Marokkanen een rol spelen in juridische kwesties. De schietpartij deze week in Veghel zou een mooie casus zijn. Er was veel belangstelling voor die cursus en de waardering lag hoog. Vorige week zijn we als cursusleiders voor het laatst naar Zutphen geweest.'

Léon Buskens. Islamitisch recht en familiebetrekkingen in Marokko. Geïll., 674 blz., Bulaaq 1999. ISBN 90 5460 020 9. Prijs: ƒ165,-.