Federadagen

MET vier populair-wetenschappelijke lezingen over `Hoe gezond is ons voedsel?' sluit op zaterdag 18 december de Federatie voor Medisch Wetenschappelijke Verenigingen de eerste 40 jaar van haar bestaan af. Het is voor het eerst dat de federatie haar deuren voor het grote publiek openstelt.

In de Julianahal van de Jaarsbeurs in Utrecht spreekt de Maastrichtse voedingshoogleraar dr. W.H.M. Saris over vetzucht, voeding en bewegen. De epidemioloog prof.dr.ir. D. Kromhout behandelt het verband tussen voeding en hart- en vaatziekten. Dr. P. van 't Veer doet dat voor voeding en kanker en prof.dr.ir. F.M. Rombouts gaat in op voedselinfecties.

Met een publieksdag zoekt de federatie een nieuw doel. De initiatiefnemers van de Federatie voor Medisch Wetenschappelijke Verenigingen (FMWV), prof.dr. D.W. van Bekkum en prof.dr. D. de Wied, stond eind jaren vijftig voor ogen om onderzoekers uit zoveel mogelijk vakgebieden met elkaar in contact te brengen, met als doel om interdisciplinair onderzoek te stimuleren.

De hoogtijdagen van de FMWV vielen eind jaren zestig en in de jaren zeventig, toen de `federadagen', jaarlijkse tweedaagse congressen, de hoogtepunten van congresbezoek voor de meeste medische onderzoekers in Nederland waren. FMWV-voorzitter prof.dr. J.W. Oosterhuis, hoogleraar pathologie aan het Josephine Nefkensinstituut van de Erasmusuniversiteit Rotterdam: ``De federadagen bloeiden toen er ruimte ontstond voor wetenschappelijk onderzoek, maar buitenlandse reizen nog uitzonderlijk waren. Congresbezoek was een binnenlandse aangelegenheid. Er waren in de jaren zeventig ongeveer 40 wetenschappelijke verenigingen aangesloten. Ja, zoveel disciplines onderscheiden we binnen de medische wetenschappen, nog wel meer trouwens. Er is volgens mij geen moment geweest waarop alle verenigingen lid waren.''

De toegenomen buitenlandse contacten, en het normaal worden van interdisciplinair onderzoek, betekenden het einde van de bloeiperiode. De belangstelling voor de federadagen nam af. De FMWV werd voor veel aangesloten verenigingen vooral een bureau dat de ledenadministratie verzorgde.

De laatste federadagen vonden in 1992 plaats. Daarna kwamen er wetenschappelijke vergaderingen rond één multidisciplinair thema. De eerste jaren programmeerden de `ziektestichtingen' als Hartstichting, Astmafonds en Nierstichting de voor onderzoekers bedoelde dagen. Dit jaar wordt de dag voor vakgenoten gevolgd door een dag met lezingen voor geïnteresseerde leken. Naast het uitgeven van het blad Mediator, met nieuws over onderzoeksprojecten van Stichting Zorgonderzoek Nederland (ZON) en het gebiedsbestuur medische wetenschappen van NWO, de twee organisaties die het overheidsgeld verdelen dat aan medisch-wetenschappelijk onderzoek wordt besteed. Oosterhuis: ``We zien verder een taak op het gebied van de ethiek van het vak en de wetgeving rond onderzoek. We organiseren nu bijvoorbeeld een reactie vanuit de medische wereld op de voorbereiding van wetgeving rond het gebruik van menselijk materiaal voor wetenschappelijk onderzoek. Dat is bijvoorbeeld tumorweefsel dat na een operatie is onderzocht op type en kwaadaardigheid en daarna is bewaard. Die weefselbanken zijn voor onderzoekers van onschatbare waarde. Vooral nu aan de lopende band genen worden gevonden die, als ze afwijkend zijn, het risico op kanker kunnen verhogen. Dan is met zo'n historisch archief snel vast te stellen hoe groot het risico exact is. En of bijvoorbeeld de ene therapie beter is dan een andere.''

De publieksdag `Hoe gezond en veilig is ons voedsel?' is op 17 december in de Julianahal van de Jaarbeurs in Utrecht. Aanvang: 10.00 uur. Informatie: tel. 010 4087901. E-mail: schotman@path.fgg.eur.nl