Een groter Europa...

VAN DE EUROPESE UNIE, inclusief Griekenland, mag Turkije toetreden – mits het aan een aantal voorwaarden voldoet. Daarmee is tenminste één obstakel geslecht: van de overweging dat Turkije cultureel niet tot Europa behoort en dat van een Turks lidmaatschap van de Unie daarom per definitie geen sprake kan zijn, is afstand genomen. Dit argument was de afgelopen jaren nog wel eens te horen in christen-democratische kring. Op de topconferentie in Helsinki werd het nog gebezigd door de voorzitter van het Europese parlement, die lid is van de Europese Volkspartij. Maar de staats- en regeringsleiders hebben inmiddels anders beslist. Zij geven daarmee uitvoering aan een verplichting die de Europese Gemeenschap in 1963 op zich had genomen op grond van haar associatieverdrag met Turkije. Een soortgelijk verdrag werd gesloten met Griekenland, dat vervolgens in 1981 toetrad als volwaardig lid. De betrekkingen met Turkije ontwikkelden zich in 1995, na langdurig uitstel, tot een douane-unie.

Het Verdrag van Rome van 1957, de `stichtingsakte' van het verenigd Europa, stelt dat ieder Europees land kan toetreden, maar definieert `Europees' verder niet. Dit adagium werd bijvoorbeeld toegepast nadat Spanje en Portugal hun respectieve dictaturen hadden afgeschud. Het telt nu eveneens voor de voormalige Oost-Europese satellieten van de Sovjet-Unie, voor alle drie Baltische landen, voor Slovenië en voor de mediterrane eilandstaten Cyprus en Malta. En dus ook voor Turkije.

UIT DE GESCHIEDENIS van de uitbreiding-in-fasen kan worden afgeleid dat pragmatisme bij de uitverkiezing overheerst. Aan de zes kandidaat-landen waarmee de onderhandelingen al waren geopend, worden nu nog eens zes toegevoegd. De ex-Joegoslavische republieken komen daarentegen, op Slovenië na, op praktische gronden (nog) niet in aanmerking. Voor het door Servië beheerste rest-Joegoslavië ligt de drempel het hoogst zolang in Belgrado geen wisseling van de wacht plaatsheeft.

Voor toetreding gelden verschillende criteria, economische, politieke en ideële. Maar geleidelijk aan zijn de prioriteiten verschoven. Gold aanvankelijk de stelregel dat een land grotendeels op eigen kracht moest hebben aangetoond aan die criteria te willen en kunnen voldoen alvorens zelfs maar als kandidaat te worden erkend, sinds Kosovo heeft de overweging veld gewonnen dat deze benadering landen als Roemenië en Bulgarije te lang in de kou laat staan; met het risico dat zij zich juist verder van de criteria verwijderen. Bovendien heeft de loyaliteit die deze landen in de Kosovo-crisis hebben getoond en heeft de economische schade die zij daarbij hebben opgelopen de geesten rijp gemaakt voor een coulantere opstelling.

DIT ALLES BETEKENT NIET dat voor de erkende kandidaten de deur nu wagenwijd openstaat. In de komende onderhandelingen zullen harde noten moeten worden gekraakt en die onderhandelingen zullen de nodige tijd vergen. De Unie heeft zichzelf de opdracht verstrekt om uiterlijk in 2002 haar voorgenomen reorganisatie te hebben voltooid. Pas daarna zullen de eerste toetredingen mogelijk zijn. Maar met het in Helsinki genomen besluit tot uitbreiding kunnen de genoemde landen plaatsnemen in het voorportaal. Dat mag, na de invoering van de euro, als een nieuw bewijs van Europees elan worden uitgelegd.

...en partner Rusland

VOOR EEN UNIE die nog slechts economisch gewicht in de schaal legt heeft de EU een naar verhouding krachtige politieke veroordeling uitgesproken van het Russische militaire optreden in Tsjetsjenië. De EU vraagt van Moskou zijn ultimatum aan de bevolking van Grozny, dat vandaag afloopt, niet ten uitvoer te brengen, een einde te maken aan de bombardementen in het bijzonder en wat wordt genoemd het buitensporige en zonder onderscheid aangewende geweld tegen de Tsjetsjeense bevolking in het algemeen. Verder wordt om bescherming verzocht van personeel van internationale hulporganisaties en om het zonder uitstel beginnen van een dialoog met de ,,gekozen Tsjetsjeense autoriteiten''.

Om zijn verzoek kracht bij te zetten heeft de Europese Raad besloten tot heroverweging van bestaande samenwerkingsovereenkomsten met Rusland, tot opschorting van bepaalde voorzieningen en strikte toepassing van de regels in handelsovereenkomsten. Toegezegde algemene financiële steun zal worden overgeheveld naar humanitaire projecten. De Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking in Europa (OVSE) en de Raad van Europa – instellingen waarvan Rusland lid is – zijn uitgenodigd de modaliteiten van de samenwerking met Rusland te herzien.

De uitspraken worden verzacht met een erkenning van Ruslands recht zijn territoriale integriteit veilig te stellen en terrorisme te bestrijden. Ook wordt erkend dat Rusland een belangrijke partner voor Europa is en wordt eraan herinnerd dat Europa herhaaldelijk zijn vaste wil heeft uitgesproken Rusland te steunen bij zijn transformatie naar ,,een moderne en democratische staat''. Europa wil niet dat Rusland zich isoleert, wordt gezegd.

DE VERKLARING IS een uiting van het nieuwe zelfbewustzijn van de Europese Unie dat is ontstaan in het kielzog van de interventie in Kosovo. Tegelijkertijd is zij een signaal dat Europa bereid is om in een Europese crisis diplomatiek buiten het verband van de NAVO te opereren. Dat is precies een ontwikkeling waar het Kremlin altijd op heeft geaasd, al zal het daarbij niet de confrontatie met Europa voor ogen hebben gehad die zich nu aandient. In feite gaat de EU met de aangekondigde maatregelen een opmerkelijke stap verder dan de Amerikaanse regering die zich tot verbale waarschuwingen heeft beperkt.

Totnogtoe hebben de Russische leiders de politiek gevolgd van ja zeggen en neen doen. De verklaring van Helsinki herinnert niet ten onrechte aan de toezeggingen die Russische vertegenwoordigers nog onlangs op de OVSE-top in Istanboel hebben gedaan, toezeggingen die zij tot op heden niet zijn nagekomen. Met hun verklaring spelen de staats- en regeringsleiders van de EU hoog spel. Het probleem is nu juist dat Rusland in zijn `transformatie naar een moderne en democratische staat' is blijven steken. Of de aangekondigde maatregelen het gevreesde isolement zullen helpen voorkomen, moet dan ook worden afgewacht.