De Schelde plaatst VVD voor keuze

De Schelde wil opnieuw geld, maar de Tweede Kamer voelt er weinig voor. Aan drie VVD-bewinds- lieden de taak de komende maanden liberale principes te paren aan een gecompli- ceerd praktijkgeval.

Rob van den Heuvel is niet geliefd in Den Haag. De topman van De Schelde heet een onaangename gesprekspartner te zijn: narrig, bot, te grote bek. Het liefst zouden ze hem op het ministerie van Economische Zaken wippen als president-directeur. Zie de lege orderportefeuille: wat presteert hij nou helemaal?

Maar al is de staat houder van negentig procent van de aandelen in de marinebouwer, de zeggenschap van het departement over de directie is nihil. Daarover gaat de raad van commissarissen. In ieder geval tot gisteren waren er geen signalen dat die van Van den Heuvel af wil. Ook de ondernemingsraad staat pal achter zijn baas.

Dus moet VVD-minister Jorritsma (Economische Zaken), op de vingers gekeken door de bewindslieden De Grave en Van Hoof van Defensie, het de komende tijd zien uit te zingen met Van den Heuvel aan het roer. Het is, in het licht van de overige ongemakken in het dossier-De Schelde, een te klein probleem om veel energie in te steken.

Prangender is inmiddels de vraag of Jorritsma er vorig jaar verstandig aan heeft gedaan De Schelde een kapitaalsinjectie van 50 miljoen gulden te gunnen. Haar voorganger Wijers hield de boot twee jaar af. Het stramien dat zich na een eerste steunverlening aftekent, wist hij maar te goed, behoort tot de eerste lessen uit het handboek van de politiek: wie eenmaal geld in een verlieslijdend bedrijf heeft gestopt, wordt bijna gedwongen dat nadien opnieuw te doen om het eerdere besluit te rechtvaardigen.

In dat opzicht haalde Van den Heuvel, die de Haagse mechanismen dankzij zijn Fokker-verleden als zijn broekzak kent, vorig jaar een geweldige slag binnen met de verstrekte lening van 50 miljoen. Economische Zaken koppelde die aan het voornemen het staatsaandeel in De Schelde te verkopen. Maar met één serieuze overnamekandidaat (Damen) is het moeilijk onderhandelen. Damen stapelt eis op eis in de veilige wetenschap dat Economische Zaken toch geen alternatief heeft.

Jorritsma ging vorig jaar overstag onder pressie van haar partijgenoten De Grave en Van Hoof op Defensie. Op dat ministerie ligt de echte complicatie in het dossier-De Schelde. Het bedrijf bouwt voor de marine en kan daar nauwelijks op verdienen. Maar een sluiting, die vorig jaar al dreigde, impliceert dat de bouw van de nieuwste generatie luchtverdedigings- en commandofregatten (LCF) elders moet worden afgemaakt. Dat kost Defensie, toch al krap bij kas, honderden miljoenen.

Nadere complicatie is dat de betrokken topambtenaren van Defensie en Economische Zaken elkaar danig wantrouwen. Recentelijk vroeg EZ, in de persoon van directeur-generaal Industrie en Diensten Mich van der Harst, mandaat van Defensie de onderhandelingen over een verkoop van het Schelde-aandeel te leiden. Het werd bars afgewezen.

Intussen is de nood zo hoog dat staatssecretaris Van Hoof enkele weken geleden persoonlijk is gaan onderhandelen met Schelde-bankier ABN Amro om kredietlijnen open te houden. Effect was dat Van Hoof werd gedwongen zijn verplichtingen aan De Schelde versneld te voldoen om te vermijden dat de bank de onderneming verder afknijpt. Een goede vraag is of Van Hoof met deze handelwijze te kennen gaf te hebben begrepen welke risico's aan actieve industriepolitiek kleven. Maar meer nog laat de kwestie zien hoe hoog de nood is.

Het zou voor alle betrokken VVD'ers een blessing in disguise zijn als het de komende maanden alsnog lukt het staatsaandeel in De Schelde te verkopen. Maar de voortekenen zijn allerminst bemoedigend. In dat geval mogen ze kiezen tussen een nieuwe injectie of het liberale principe van de vrije markt.

Wat er ook uitkomt, een van de twee partijen rookt een zware pijp: of de bewindslieden van Defensie, dan wel de minister van Eeconomische Zaken.