De koning is dood, leve de koning

Na het overlijden van zijn vader, deze zomer, heeft de nieuwe Marokkaanse koning Mohammed VI een vliegende start gemaakt. In hoog tempo, en even autocratisch als zijn voorganger, haalt hij de bezem door het verkalkte en corrupte machtssysteem. Met de dreiging van het fundamentalisme op de hielen.

Het is druk in de galerie Sahara op de Avenue Mohammed V in het centrum van Rabat. Een menigte Marokkanen – merendeels jongeren, enkele ouders met kleine kinderen – verdringt zich nog wat onwennig voor de foto's van de jonge koning Mohammed VI. Dit zijn de nieuwe staatsieportretten die straks in alle winkels, cafés en restaurants, ministeries en postkantoren komen te hangen. Nu prijkt daar meestal nog de beeltenis van de in juli overleden koning Hassan II. Die zat meestal op de troon, ernstig in officieel gewaad, soms meer ontspannen in een vlotte blazer met een kopje mintthee in zijn hand.

Het nieuwe gezicht van Marokko pakt de zaken dynamischer aan. We zien Mohammed (36) in wetsuit op een waterscooter, in ski-uitrusting in de bergen en breed lachend naast een partijtje vers gevangen vis. Soms met een modieus, kort gehouden baardje. Maar ook op de troon, in de ceremoniële witte djellaba, rode fez op het hoofd. De boodschap is duidelijk: sportief en eigentijds, maar ook daadkrachtig en – indien het protocol dat vereist – koninlijk. Het publiek kijkt, wijst, keurt discreet en zo te zien instemmend. ,,Deze koning is jong'', zegt Samir (28), terwijl hij buiten naar de etalage van de galerie kijkt. ,,Hij begrijpt onze problemen misschien.''

Sinds het aantreden van Mohammed VI gonst er een nieuwe boodschap door Marokko. Democratie, vernieuwing en openheid zijn de trefwoorden. In vliegende vaart haalde de jonge vorst politieke ballingen binnen als helden, ontmantelde de controle door de politieke politie en stond toe dat uiterst kritische rapporten over de rechten van de mens verschenen en uitgebreid werden bediscussieerd in de media. Zelfs republikeinen van het eerste uur worden fan van de nieuwe koning. Maar voor de meeste van zijn nieuwe onderdanen is hij nog een raadsel. De jonge monarch neemt zelf plaats achter het stuur om naar zijn werk te rijden, zo valt te vernemen. En wie geluk heeft, treft hem 's morgens joggend aan, gewoon op straat en in gezelschap van slechts één lijfwacht.

Voor het overige zijn er de geruchten, `nieuwsmedium nummer één in Marokko' zoals onlangs boven een stuk in een van de weekbladen stond. Eind vorige maand liep een schietpartij tussen twee paleiswachten in het circuit van cafés en marktplaatsen uit op een verijdelde moordaanslag op de koning. Het weekblad Le Reporter berichtte over het bestaan van een lijst met tientallen namen van personen die het land niet zouden mogen verlaten.

Grenzen van de vrijheid

De koning werkt hard. Er zijn dagen dat het dagblad Le Matin, de officiële spreekbuis van Marokko, ruimte te kort komt om op zijn voorpagina alle foto's van de ontvangsten van internationale hoogwaardigheidsbekleders af te drukken. Of om de speciale commissies en hun rapporten aan te kondigen. Velen menen dat Mohammed VI een race tegen de klokt loopt, en dat hij zich hiervan bewust is. ,,De problemen zijn groot'', zegt een man voor de portrettenetalage van galerie Sahara. ,,Een leven van één koning is misschien niet genoeg om hier een einde aan te maken.''

Een van de problemen is de Marokkaanse democratie. In de laatste jaren van zijn leven liet koning Hassan II de teugels van zijn strakke regime vieren. Politieke gevangenen kwamen vrij, de linkse oppositie werd tot de regering toegelaten. Maar iedereen wist precies de grenzen van de vrijheid: het koningschap, de Westelijke Sahara en andere taboes bleven onbesproken. En de verantwoordelijke uitvoerders van jaren van onderdrukking bleven op hun post.

Mohammed voert de nieuwe openheid in met hardere hand. Van de directeur van het officiële persbureau MAP tot het hoofd van de staatsveiligheidsdienst DST: de afgelopen maanden regende het ontslagen in Marokko. Op de sleutelposities in het staatsapparaat werden vertrouwelingen van de nieuwe koning geplaatst.

,,Het is een beetje een dubbele boodschap'', vindt Mohammed Sassi. ,,De koning vervangt de oude garde door zijn eigen mensen. En de stijl is weinig democratisch.'' Hij zit op het terras van hotel Balima in Rabat en het enfant terrible van de regerende socialistische partij – grote bril, baardje, op zijn revers een speldje van Amnesty International – praat vrijuit. De tijd dat gevoelige kwesties alleen met gedempte stem en speurend naar mogelijke politiespionnen konden worden aangeroerd, lijkt voorbij.

In een vraaggesprek met zijn partijkrant baarde Sassi eerder opzien door openlijk een politiek taboe te doorbreken. Het was de hoogste tijd voor Marokko, zo meende de dissident, om drastisch het mes te zetten in de almacht van de koning. Een constitutionele monarchie met de macht aan het parlement was immers meer van deze tijd, aldus Sassi. In één moeite door bepleitte hij vervroegde verkiezingen ter vervanging van de gemanipuleerde uitslag van twee jaar geleden, die naar eigen zeggen ook hem zijn parlementszetel kostte.

De repercussies bleven beperkt: premier Abderrahmane Youssoufi werd op het matje geroepen bij de koning over de uitspraken van zijn dissidente partijgenoot. De journalist die het vraaggesprek optikte, kreeg acht dagen inhouding van salaris en moest zijn excuus aan Zijne Majesteit aanbieden. Dat was onder de vorige koning drastisch anders afgelopen: cel of erger voor dissident en journalist.

De koning kent in het huidige Marokkaanse systeem een vrijwel onbegrensde macht. Hij benoemt de premier, de belangrijkste ministers en hoge functionarissen. Het kabinet legt aan hem verantwoording af. ,,De koning is de bron van alle politieke activiteit in dit land'', zegt Mohammed Sassi. Een directe verandering naar een parlementair systeem is volgens hem moeilijk denkbaar, een overgangsperiode vindt hij gewenst. ,,Maar binnen de politieke partijen is er helaas weinig enthousiasme voor het idee'', meent hij. ,,Ze geloven nog steeds in de absolute monarchie, niet in de wil van het volk.''

Zelf weet hij nog niet precies of de nieuwe koning Marokko de impuls zal geven die het land nodig heeft. ,,Ik ben optimistisch omdat deze koning het land een nieuwe kans kan bieden. Maar pessimistisch omdat het systeem niet van de ene op de andere dag verandert.''

Popster

In oktober maakte de nieuwe koning een rondreis door het noordelijke Rifgebied. In een open Rolls Royce reed hij wuivend door de straten, van Tetouan tot Saïda, als een popster toegejuicht door een uitzinnige menigte jongeren. Zijn vader Hassan kende het Rifgebergte alleen vanuit de lucht. Toen hij zelf nog kroonprins was, bestookte hij de opstandige Rifbewoners persoonlijk in een jachtbommenwerper met napalm om vervolgens nooit meer een voet in de noordelijke provincies te zetten.

Op de doortocht van de koninklijke stoet in Tanger gebeurde er iets ongekends. Driss Basri, de oppermachtige minister van Binnenlandse Zaken, werd uitgejouwd toen zijn volgauto door de straten reed. `Basri opgedonderd' stond er te lezen op een spandoek. Hier en daar vloog een ei door de lucht. De koning keek toe, de politie greep niet in, er waren geen arrestaties achteraf. De boodschap was duidelijk: Driss Basri, twintig jaar lang de trouwe grootvizier van Hassan II, had zijn beste tijd gehad. De man die de geheime dienst en de politie aanvoerde, die bepaalde hoe de verkiezingsuitslag en het kabinet er uit moesten zien en die verantwoordelijk was voor de talloze arrestaties, martelingen en verdwijningen van politieke tegenstanders, was uit de gratie.

Basri stond ook bekend als de informele chef van de makhzen. De term is een verbastering van het Franse magasin en met reden: wie de voorraadschuur in het dorp beheert, heeft de sleutel van de macht. De makhzen is het systeem van vriendendiensten, omkoping, het vergeven van banen en van andere corruptie die Marokko in zijn greep houdt. Van hoog tot laag, van arm tot rijk, niemand ontkomt aan de makhzen.

Dat het niet goed boterde tussen Mohammed en Basri was een publiek geheim en de eerste signalen waren weinig geruststellend voor de minister van Binnenlandse Zaken. Had de nieuwe koning niet als door een wesp gestoken zijn hand teruggetrokken toen Basri die had willen kussen kort na het overlijden van Mohammeds vader? Het ontslag van Basri, begin vorige maand, baarde niettemin opzien. Aanleidingen waren er genoeg. De brute onderdrukking van een aantal protesten in Laayoune, de hoofdstad van de bezette Westelijke Sahara, waartoe Basri opdracht had gegeven, was de vorst duidelijk in het verkeerde keelgat geschoten. En dan was er nog een mysterieuze brand in de archieven van de geheime dienst DST, die erop zou kunnen wijzen dat de minister bewijsmateriaal over vroegere misdaden aan het vernietigen was.

Het was echter vooral de grofheid waarmee de nieuwe koning de trouwe vazal van zijn vader de laan uit stuurde die opzien baarde. De minister vloog in de ochtend van 9 november over vanuit Rabat, waar hij ten paleize in Marrakech was ontboden. Daar kreeg Basri van de koning te horen dat hij ontslagen was en zijn immense bureau op het ministerie in Rabat diende te ontruimen. Premier Youssoufi, op dat moment aanwezig bij de socialistische Internationale in Parijs, was pas kort tevoren van het aanstaande ontslag van zijn minister op de hoogte gesteld. Hardhandiger had de band met het vroegere regime niet verbroken kunnen worden.

Heilsboodschap

De erfenis die koning Mohammed van zijn vader heeft meegekregen is gecompliceerd en bewerkelijk. Er zijn honderden politieke gevangenen jarenlang zonder reden opgesloten, gemarteld of simpelweg verdwenen. Er is het dossier van de Westelijke Sahara, het gebied dat na het vertrek van de Spanjaarden is ingelijfd maar nog altijd wordt geclaimd door de onafhankelijkheidsbeweging Polisario. Al jaren wordt er touwgetrokken over een referendum over de toekomst van het gebied. Er is de wijdverbreide corruptie.

En dan zijn er de Marokkanen zelf: bijna de helft van de naar schatting 35 miljoen inwoners is jonger dan achttien jaar. Hoewel er een kentering gaande is in de geboortecijfers, krijgen vrouwen op het platteland nog steeds gemiddeld vier kinderen. Jaarlijks komen er zo'n zevenhonderdduizend nieuwe Marokkanen bij. De economische groei is sterk afhankelijk van de oogsten en beent de aanwas moeilijk bij: vorig jaar was de groei nog zes procent, voor dit jaar wordt een nulgroei verwacht. De werkloosheid in de grote steden schommelt rond de twintig procent, per jaar komen er zo'n honderdduizend jongeren bij die geen baan kunnen vinden. Rond de helft van de Marokkanen kan lezen noch schrijven. Het is, menen veel mensen, een uitstekende voedingsbodem voor de verlokkingen van de islamitische heilsboodschap, zoals die bijvoorbeeld wordt verkondigd door de Al Adl Wal lhssane-beweging van sjeik Abdessalam Yassine.

De dochter van de sjeik, Nadia Yassine, bewoont een ruim, licht appartement in Salé. Aan de muur hangt een schilderij waarin met grote letters de naam van Allah staat gekalligrafeerd. Een kunstwerkje van eigen hand. Haar 72-jarige vader – gevreesd icoon van de fundamentalistische beweging – zit al tien jaar in arrest in zijn villa verderop in de stad. Nu de politieke bannelingen zijn teruggekeerd naar Marokko, dissidenten openlijk hun vragen kunnen stellen en het respect voor de rechten van de mens tot officieel dogma is verklaard, brengt het huisarrest van sjeik Yassine de autoriteiten hoe langer hoe meer in verlegenheid. Zijn aanhangers hebben hem al uitgeroepen tot `martelaar' van de rechten van de mens. ,,Hij is een valse noot binnen alles wat met democratie te maken heeft'', meent dochter Nadia, en schikt haar hoofddoek.

Afkomstig uit de gegoede Marokkaanse burgerij leek Abdessalam Yassine aanvankelijk een keurige ambtelijke loopbaan voor zich te hebben. Maar na een spirituele crisis zag hij in de jaren zestig het licht. `De islam of de zondvloed', werd zijn meest geciteerde strijdkreet. Yassine liet een baard staan en werd gids van de gelovigen. Het kwam hem te staan op gevangenisstraffen, gedwongen opsluiting in een psychiatrische kliniek en uiteindelijk huisarrest. Want de koning van Marokkko is, als verre nazaat van de profeet Mohammed, per definitie de Amir al-Mou'minine, aanvoerder van de gelovigen. En koning Hassan mocht dit goddelijk geboorterecht graag onderstrepen om de islamitische oppositie van zijn land de wind uit de zeilen te nemen.

Vriendelijk en welbespraakt, zelf in een smaakvolle zwarte jurk, haar man in spijkerbroek, doet Nadia Yassine als woordvoerster haar best het fundamentalistische imago van haar vader af te zwakken. Zeker, de beweging accepteert de shari'a, de islamitische wetgeving. ,,Maar dat betekent nog niet dat vrouwen zich als pinguïns in doeken moeten verpakken, of dat mannen sabels dragen die druipen van het bloed'', lacht Yassine de scepsis weg. ,,Dat is geen shari'a maar hysterie.'' De beweging van haar vader staat voor de rechten van de minderheden, voor de rechten van de vrouwen en is tegen het gebruik van geweld. Buitenlandse fondsen, Saoedische gelden in het bijzonder, worden niet geaccepteerd.

De nieuwe koning lijkt van goede wil, zegt Nadia Yassine. ,,Hij is in ieder geval niet zo antipathiek als zijn vader.'' De hoop is dat de sjeik, geadopteerd door Amnesty, onder de toenemende druk zal worden vrijgelaten. Zullen de sjeik en zijn aanhangers de nieuwe koning accepteren in zijn positie van aanvoerder der gelovigen? ,,Wij zijn voor de terugkeer naar de kern van het geloof, de Koran en de profeet'', zegt Yassine na enig nadenken. ,,En toen de profeet er was, bestond de monarchie nog niet.'' Als er morgen een volksraadpleging zou worden gehouden, vermoedt zij, zou de meerderheid van de Marokkanen voor de koning stemmen. En de islam respecteert de wil van het volk. ,,Maar we moeten het volk opvoeden en dat heeft tijd nodig'', zegt de dochter van de sjeik. ,,Over dertig, vijftig, misschien honderd jaar is de meerderheid tegen de monarchie.''

De beweging zit op de goede weg, zegt Nadia Yassine. Vorig jaar zomer werden vakantiekampen georganiseerd aan de kust waar families geheel in islamitische stijl tot zichzelf konden komen. Dertigduizend deelnemers meldden zich aan, de vakantiehuisjes kwamen plaatsen te kort. ,,Ik verzeker u'', zegt Nadia Yassine, ,,iedere stad en ieder dorp in Marokko telt onze sympathisanten.''

De koning

is de bron van alle politieke activiteit

in dit land

Voorbij de tijd dat met gedempte stem gevoelige kwesties worden aangeroerd