Ultimatum

HET IS MAAR dat u het niet vergeet, wij hebben kernwapens. Jeltsins boodschap was aan ambtgenoot Clinton gericht, maar gastheer Jiang Zemin kon er ook zijn voordeel mee doen. Russen en Chinezen vallen elkaar nu wel letterlijk in de armen, maar China als opkomende nucleaire en economische macht laat een Rus zich per definitie ongemakkelijk voelen. De toenadering die China begin jaren zeventig tot Amerika zocht, had rechtstreeks te maken met de dreiging dat Moskou hardhandig een einde zou komen maken aan China's toenmalige embryonale atoomprogramma. Ook nu komen de `goodies' eerder van de Amerikanen (China's lidmaatschap van de Wereldhandelsorganisatie is nog slechts een formaliteit) dan van het verarmde Rusland. Een Kremlin dat ruzie zoekt met hun belangrijkste gesprekspartner van het moment is bepaald niet iets waar de Westers georiënteerde leiders in Peking naar verlangen.

JELTSINS UITVAL was een reactie op in kracht toenemende waarschuwingen uit het Westen dat Moskou met zijn ultimatum aan de Tsjetsjeense stad Grozny een stap te ver dreigt te gaan. Clinton drukt zich van de waarschuwende Westelijke leiders weliswaar het meest gematigd uit, maar met zijn rechtstreekse antwoord aan de Amerikaanse president liet Jeltsin blijken dat hij, wanneer het om strategische zaken gaat, geen andere gesprekspartner erkent dan de bewoner van het Witte Huis: ,,Het schijnt dat hij (Clinton) even vergeten was dat Rusland over een volledig arsenaal aan kernwapens beschikt.''

Het hoort bij Jeltsins persoonlijkheid om af en toe hoog van de toren te blazen. De wereld staat niet aan de rand van een militaire confrontatie over de opstandige provincie in de Kaukasus. De voormalige veiligheidsadviseur van president Bush, Brent Scowcroft, heeft eens opgemerkt: ,,Toepassing van de rechten van de mens is een praktische kwestie. Hetzelfde geldt voor het zelfbeschikkingsrecht.'' En dat is nog steeds de rode draad in het beleid van Westerse landen – hoeveel `soundbytes' en verdragsteksten ook aan die rechten worden gewijd. De mantra ,,Tsjetsjenië is Kosovo niet'' klinkt dan ook als een echo van Scowcrofts opmerking.

Clinton bevestigde dit met zoveel woorden: ,,Laten we niet spreken over wat de leiders zeggen en al die kritische opmerkingen. Laten we ons concentreren op wat het land doet. Is het goed of fout? Zal het werken of niet? Wat zijn de gevolgen? Ik ben het niet eens met wat daar gebeurt. En ik meen dat ik verplicht ben dat te zeggen.''

DIE UITSPRAAK staat voor de verhouding tussen Amerika en Rusland. We zeggen elkaar wat ons niet bevalt. We kunnen daar eventueel consequenties aan verbinden. Maar we weigeren terug te vallen in een sfeer van Koude Oorlog. Niet alleen omdat kernwapens op de achtergrond hun dreiging laten voelen. Maar vooral ook omdat de les van de Koude Oorlog is geleerd. De wereld wordt er niet beter en veiliger van wanneer de supermachten opnieuw tegenover elkaar in de loopgraven zouden plaatsnemen. Bovendien zijn er gevaren, zoals het internationale terrorisme, die Amerika, Rusland en China gelijkelijk bedreigen en waarop langzamerhand een gezamenlijk antwoord zou moeten worden gevonden.