Uitverkoren? Geschoven moet er worden!

Vandaag nam vader mij mee naar de tuin. Hij trok het gazon aan het haar, verplaatste een aantal graszoden en opende een luik.

``Kijk kind,' zei hij. ``Dat is je redding, als ze komen.'

Ik ken nu de geur van mijn overleven. Als het graf, muf en klam.

``Ja popje,' zei vader. ``We moeten zuinig op onze zesmiljardste zijn. En de tijden zijn onveilig.'

Wij leven in de Balkan – moet ik meer zeggen? – in een huis zonder balkon. Het werd er afgeschoten door een tankkanon.

Misschien zal ik deze jeugdherinnering ooit kunnen opschrijven of uitspreken, als ik praten kan en schrijven. Aan mijn gebrabbel heeft men voorlopig nog niet veel. Misschien zal ik ooit nog eens ergens lezen dat de grootste voetballer van de twintigste eeuw gevleugeld heeft gezegd dat het toeval hem een logica was.

Dat ik moest verschijnen was inderdaad geen toeval, men heeft er op gewacht. Eens zou ik komen, logisch. Misschien was ik er eerder dan gedacht, wellicht wat later, maar hier ben ik dan toevallig, nutertijd en nuterplekke. Dat uitgerekend ik het werd, opgeteld en afgetrokken, doet me gapen van verbazing.

Iemand die Salman Rushdie heet schreef mij onlangs: `Naar mijn mening heeft zelfs de meest verfijnde, wereldwijze godsdienst een wezenlijk infantiliserende invloed op ons ethische zelf.'

Iemand die Connie Palmen heet schreef mij: `Hier bij ons behoort het tot de zwaarte van het bestaan om weet te hebben van de hele wereld.'

Iemand die Meir Shalev heet schreef mij: `Als dolfijn zul je in de toekomst meer liefde en zorg ontvangen dan veel andere wereldburgers.'

Iemand die Nawal el Sadaawi heet schreef mij: `De progressieve beweging ´moet streven naar eenheid in verscheidenheid.'

Iemand die Duong thu Huong heet schreef mij: `De geschiedenis gaat niet in een constante, regelmatige, mechanische beweging voort.'

Iemand die Dubravka Ugresic heet schreef mij: `Mijn besef van tijd is veranderd. Vaarwel is niet langer een definiërend begrip. Mijn ruimtelijke en tijdscoördinaten zijn in de war.'

Iemand die Eduardo Galeano heet schreef mij: `Het jaar 2001 van de christenen is het jaar 1379 van de moslims, het jaar 5114 van de Maya's en het jaar 5762 van de joden.'

Iemand die Pramoedya Ananta Toer heet schreef mij: `Jongeren van nu gaan een absoluut nieuw gebied binnen.'

Wereldburger zesmiljard, wat schuift dat op een dag als vandaag? Als ik weg kan waar de bevallen- en opstaanlogica mij deponeerde, graag. Een baby vindt het veel te vroeg om in een reddend graf te kijken, onze soort haakt daar te veel voor naar het leven. Ik zou bij voorbeeld graag een potje voetbal spelen, in de zon. Op mijn dikke beentjes ja, of later.

En mocht het toeval logisch uitkomen bij talent op dat gebied, kijk, dan schuift er wat, dan praten we. Berooid vaart niemand wel, met hoeveel we ook zijn.

Wie het naar vindt dat ik over pegels praat?

Wat wilt U van een kansarm paupertje als ik? Ik kost mijn ouders veel. Ik moet pap, ik moet speeltjes, straks kicksen en een voetbalbroek. Vanochtend nog, aan 't ontbijt, zei vader dat hij dacht met mij te adverteren. Nummer zesmiljard, boeren, burgers, buitenlui, komt dat zien, entree één pegel.

Neem ik zeker een impresario, als ik groot ben. Mijn vader, of die onbekende man die nu al geld aan mij verdient, zo neem ik aan. Rokende schoorsteen, vertel mij niets, niet eens de zon die opgaat voor niemendal.

Van die man kreeg ik een brievenboekje toegestuurd. Ik zal het lezen als ik voetballen kan, en praten. Brabbelen kan ik al, en kraaien, de woorden Wereldburger Zesmiljard zijn uit mijn mond al opgetekend. Want het is beslist niet niks om met de berg nog op het hoofd, de korsten babyvet nog om de leden, puur op numerieke gronden een brievenboek aan de luier te krijgen. Straks worden nog monumenten opgericht, of krijg ik een homepage www. wb6. 9x0. net.

Nu maakt ik zelf een fout, neem mij dat niet kwalijk in mijn eerste levensdagen. Laat ik vast mijn merkrecht deponeren voor het Internet, maar dan als www.wb6.9x0.com.

Geschoven moet er worden, pegels graag, geen gedrukte boekjes. Want als ik het goed bijeen vocaliseer, dan wordt er door grote onbekenden hoog over mijn steeds nog ongesloten kruin heengeschreven. Wat willen die mensen van mij? Nauwelijks de ogen open, geen bezit vergaard en 't schamele familiezilver bij de laaste plundering naar Servië heengegaan. En geen balkon meer, als ik even mag memoreren.

Ik weet niet wat die mensen allemaal zeggen, ik zal het nog eens lezen als ik groot ben, heus. Wat ik nu het eerste nodig heb zijn pegels, ideeën heb ik al. Bij voorbeeld dit: laten die brievenmensen hun handgeschreven originelen maar verkopen, misschien brengt dat wat op. Rechtstreeks geld, is ook niet gek. Ik zal die meneer die 't boekje stuurde mijn vaders gironummer laten weten, als hij dat nog heeft. En zo niet, dan nemen we een nieuw - nummer zesmiljard voorkomt veel misverstanden.

Ik mag ondankbaar lijken, maar voor een nieuwgeboren burger in een no nonsens-wereld is eer niet veel meer waard. Bovendien: ik kreeg mijn nummer, het had toch evengoed een ander kunnen zijn? Ik had in dat geval naam- en nummerloos in een graf op leven zitten wachten, dat beeld laat mij niet los.

Nu kreeg ik veertien epistels toegestuurd van mij onbekenden en kwam een limosine voor de deur met een bekleder achterin. Hij was het die mij mijn nummer gaf, en floep – hij was weer weg.

``Maak er zelf wat van', dat zei hij nog.

Als ik dan dus straks toch geen voetballer word – je moet er hard voor werken – mag ik dan misschien volgens de lijnen der toevalslogica als zoveelste der zovelen in mijn eigen niche (ik herhaal: www.wb6.9x0.com) van Internet geworpen, verzoeken om spoedige en adequate intoetsing van het juiste nummer van Uw creditcard, opdat wij hier op de Balkan om te beginnen ons nieuw balkon bestuiveren kunnen, en verder zoveel méér. Pegels zijn mijn redding, als ze komen, de geur maakt mij niet uit. Bij voldoende gaven moet het mogelijk zijn genoeg te krijgen voor een jeugd in païs en vree, en kicksen, en een voetbalbroek. Zodat ik tot in mijn kruin openstaand voor de toekomst in de huidige toestand wel voorlopig moet ondertekenen met: WB6punt9keer0

PuntCom.

Toef Jaeger en Joke van Kampen (red.) m.m.v. Salman Rushdie, Connie Palmen, György Konrád, Ariel Dorfman, Eduardo Galeano, Meir Chalet e.a.: Brieven aan de 6-miljardste wereldburger.

Podium, 143 blz. ƒ17,50