Hemingway

De bespreking van Pieter Steinz (BOEKEN 3.12.99) over Ernest Hemingway begint sterk met een opsomming van zijn verdiensten voor de Amerikaanse literatuur. Daarin stelt hij terecht dat de schrijver Hemingway ondergesneeuwd is door de legende Hemingway. De waarde van zijn werk is ondergeschikt geraakt aan de mythische verhalen. Ook zijn bewondering voor de verhalenbundel In Our Time is terecht. In de rest van de artikel bewijst Steinz echter ongewild zijn eigen stelling, door een aantal legendes over Hemingway te herhalen.

Martha Gellhorn was niet zijn tweede echtgenote, maar zijn derde. Daarvoor was Hemingway getrouwd geweest met Hadley Richardson en Pauline Pfeiffer. Hemingway vocht niet in de Spaanse burgeroorlog, maar was er de bestbetaalde Amerikaanse verslaggever. Hij leefde in comfortabele omstandigheden met een kleine hofhouding in Madrid en bezocht zo nu en dan in journalistieke hoedanigheid het front. Zijn spionageactiviteiten in de Tweede Wereldoorlog zijn op zijn zachtst gezegd omstreden. De jacht op Duitse duikboten rond Cuba wordt door zijn biografen beschouwd als een uit de hand gelopen grap om aan gratis brandstof te komen. En zijn kortstondige activiteiten als informatieverzamelaar tijdens de geallieerde opmars richting Parijs is ook obscuur. Verder is Hemingway bij D-Day niet op de Normandische stranden geweest. Hij maakte het geheel mee vanaf een geallieerd schip, en vertrok dezelfde dag weer naar zijn hotel in Londen, waar hij een persconferentie hield. Ook de bevrijding van het Ritz hotel is een hardnekkige mythe, alsof Hemingway aan het hoofd van de geallieerde troepen Parijs binnenmarcheerde. Dat is absoluut onwaar. Ook Hemingway noemen als de man die het modernisme de Amerikaanse literatuur binnenbracht is iets teveel eer. Er was voor hem al een generatie Amerikaanse modernisten actief, zoals Gertrude Stein, E.E. Cummings, Sherwood Anderson en Ezra Pound.

Hemingway vermengde op onnavolgbare wijze zijn romans, journalistiek en sterke verhalen tot een mythe, waar feit en fictie een onontwarbare knoop vormen. Het beeld wat hij van zichzelf schiep houdt nog steeds stand, hoewel gedeeltelijk als een karikatuur. Ook zijn betere biografen, zoals Jeffrey Meyers, Kenneth Lynn en de in de bespreking genoemde Michael Reynolds hebben dit beeld nauwelijks kunnen bijstellen. De Hemingway mythe blijkt nog steeds onweerstaanbaar.