Een Turkse jongen

In zijn bundel Het raadsel van de multicultuur wijst de arabist Jan Brugman er op dat het aanbevelen van meer tolerantie in minderheidskwesties logischerwijs ook moet leiden tot een grotere acceptatie van verschijnselen die juist intolerant en discriminerend zijn. Je kunt wel vragen om meer begrip voor `andermans cultuur', maar wat te doen als die andere cultuur volledig indruist tegen ons rechtssysteem? Zo wordt volgens Brugman in het islamitisch recht systematisch gediscrimineerd tegen de vrouw, die als er bijvoorbeeld wat te erven valt, slechts de helft krijgt van wat de man toevalt. Toch ben je intolerant als je beweert dat de islam een godsdienst is die op dit punt, en op vele soortgelijke punten, niet deugt.

Dat inzicht van Brugman werd plotseling weer actueel, toen in Veghel vijf leerlingen werden neergeschoten door een zeventienjarige scholier. 's Avonds zag ik in het Journaal iemand van Het Nederlands Centrum Buitenlanders uitleggen dat het eigenlijk de schuld was van de Nederlandse politie, die het drama had kunnen voorkomen als men zich maar meer had verdiept in de cultuur waaruit de dader afkomstig is. Daarom moesten er cursussen komen voor Nederlandse politieagenten. Dat de slachtpartij misschien ook voorkomen had kunnen worden als men die cursussen zou geven in het land van herkomst, en zeker in de moskeeën aldaar, was niet echt een notie die voor die mijnheer van het Centrum Buitenlanders vanzelfsprekend leek.

Omdat ik net was thuisgekomen en het Journaal me met die schietpartij nogal had overvallen, sloeg ik de krant open. Daarbij viel me onmiddellijk iets op en nog juist voor zevenen rende ik naar de kiosk om de hoek om mijn setje van landelijke dagbladen compleet te maken. Wat mij opviel was de bijna pathologische omzichtigheid, waarmee in de berichtgeving werd omgesprongen met het gegeven dat de dader kennelijk geen reguliere kaaskop was. Soms duurde het vele alinea's voordat je er als lezer achter kwam: hé, de dader is een Turk. Wel werden eerst allerlei details vermeld, die de zaak alleen maar geheimzinniger maakten. Zo zou het om een liefdesaffaire gaan, waarbij de dader was opgekomen voor de eer van zijn familie. Waarschijnlijk een verdwaalde Siciliaan denk je dan nog even.

Maar de dader was een Turk. Die informatie is, je kunt er niet omheen, essentieel voor het begrip van de hele gebeurtenis. Vanuit journalistiek oogpunt zou dat gegeven al in de aanhef moeten staan. `Een zeventienjarige Turkse jongen heeft gisteren in Veghel vijf medescholieren neergeschoten', elke berichtgeving zou met die zin moeten beginnen. Voor mijn part staat er `een zeventienjarige jongen van Turks-Koerdische afkomst', maar erg veel journalistieke variatie is hier niet mogelijk.

Maar de Nederlandse kranten draaiden er omheen. De Volkskrant vermeldde het feit pas in de zesde alinea, nadat je je eerst door vijfhonderd andere woorden had geworsteld. Het Algemeen Dagblad wachtte tot de vierde alinea met de vermelding van het gewraakte gegeven. Heel eigenaardig werd de zaak aangepakt door Trouw, die het bericht begint met deze zin: `De schietpartij op het regionaal opleidingscentrum De Leijgraaf in Veghel, waar gisteren vier leerlingen en een leerkracht gewond raakten toen een leerling het vuur opende, heeft geen structurele achtergrond'. Je hebt nog geen idee wat er aan de hand is en wat nou precies de feiten zijn, maar Trouw begint al direct met achtergrondinformatie, ongetwijfeld om de lezer alvast te masseren voor het echt slechte nieuws, namelijk dat de dader een Turk is. Het is trouwens wel verdomd knap dat de krant al zo snel na het gebeurde weet dat er geen structurele achtergrond is.

Het Parool en NRC Handelsblad laten ons tot de tweede alinea in spanning over de afkomst van de dader. Toen ik deze kranten had doorgenomen, dacht ik dat er tenminste één dagblad in Nederland zou zijn dat gewoon in de eerste alinea zou vermelden wat er aan de hand was. De Telegraaf. Dat is toch de krant die in dit soort kwesties altijd wordt bekritiseerd. Marokkaan steelt appel. Stil, er zijn toch ook Nederlanders die appels stelen. Ik sloeg De Telegraaf op en las. En las. En las verder. Ja, eindelijk in alinea drie: zoon van Turkse Koerden. Ook De Telegraaf is te keurig geworden. Ik zou Het raadsel van de multicultuur, dat boek van Brugman, van harte bij de redacties willen aanbevelen.