Weinig belangstelling bij begin zaak-Bouterse

Voor het Haagse gerechtshof is vanochtend het hoger beroep begonnen tegen de van grootschalige cocaïnehandel verdachte voormalige Surinaamse legerleider D. Bouterse en twee medeverdachten.

De eerste week van het proces zal geheel worden besteed aan het voeren van zogeheten preliminaire, formele verweren. Het hof zal zich bijvoorbeeld buigen over de vraag of de dagvaarding geldig is en of het openbaar ministerie ontvankelijk is.

De advocaat van Bouterse, A. Moszkowicz, die in eerste aanleg bij de rechtbank verstek liet gaan omdat hij wilde dat de zaak in Rotterdam zou worden behandeld, is nu wel verschenen in gezelschap van drie kantoorgenoten. De president van het hof, E.P. von Brucken Fock, wilde vanochtend eerst van Moszkowicz weten of hij als volledig gemachtigde van zijn client optreedt. De raadsheer zei ,,duidelijkheid'' te willen om te voorkomen dat de strafzaak ,,een schimmig'' proces wordt.

Moszkowicz wil tot nu toe niet als gemachtigde voor Bouterse optreden, omdat hij het justitie dan te makkelijk maakt om juridische stukken aan Bouterse te betekenen. Moszkowicz is dan min of meer een postbus voor de verdachte. Het hof gaf vanochtend te kennen dat Moszkowicz alleen gemotiveerde beslissingen van het hof op zijn verweren kan verwachten als hij echt gemachtigd is. Hij kan volgens het hof ,,niet alleen een beetje de verdediging voeren''. Deze kwestie was vanochtend nog niet opgelost.

Het hoger beroep tegen Bouterse en zijn twee medeverdachten gaat naar alle waarschijnlijkheid tot en met de zomer duren. Moszkowicz wil alleen al 107 getuigen horen.

In het hof is een speciale zaal gereserveerd waar het publiek de zaak via video kan volgen. Er was vandaag geringe belangstelling. In de zittingszaal is slechts één niet-professionele toeschouwer toegelaten: de hoogbejaarde strafrechtgeleerde A. Melai.