Justitie verdenkt twee diplomaten

Justitie verdenkt ambassadeur B. Körner en kanselier J. Hendrichs sinds begin deze week van mensensmokkel vanuit Sri Lanka naar Nederland. De smokkel dateert van 1995 en 1996, de periode waarin Körner Nederlands ambassadeur was in Sri Lanka.

Minister Van Aartsen (Buitenlandse Zaken) heeft gisteren in een brief aan de Tweede Kamer laten weten dat Körner ontheven is van zijn huidige ambassadeurspost in Nigeria. Volgens het openbaar ministerie in Zwolle, dat de mensensmokkel onderzoekt, kwam de betrokkenheid van de ambassadeur en de kanselier naar voren in een smokkelzaak die vorige maand diende tegen de tot Nederlander genaturaliseerde Sri-Lankese hoofverdachte A.M.

Hij werd veroordeeld tot vier jaar cel voor de smokkel van 100 Sri-Lankezen naar Europa. In diezelfde zaak werden twee hoge ambtenaren van de Nederlandse Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) veroordeeld tot voorwaardelijke straffen. Volgens justitie hebben de twee 25.000 gulden aan steekpenningen aangenomen van hoofverdachte A. M. De smokkelaars kregen volgens justitie aanvankelijk visa bij de Nederlandse ambassade in Colombo, de hoofdstad van Sri Lanka. Na zes transporten stopte die, waarna voor twee transporten de hulp van de IND'ers werd ingeroepen. De rol van Körner en kanselier Hendrichs hierbij is nog onduidelijk.

Körner kwam ook in zijn functie als ambassadeur in Nigeria in opspraak na een rapport deze zomer van hulporganisatie Terre des Hommes. In het rapport over minderjarige asielzoekers werd melding gemaakt van visa die de ambassade in Lagos tegen betaling verstrekte.

Körner werd teruggeroepen naar Nederland. Volgens eigen onderzoek van het ministerie van Buitenlandse Zaken is van betrokkenheid van de ambassadestaf toen niets gebleken, wel rezen er vragen over de handelswijze van de ambassadeur. Hij zou, in strijd met de regels, op eigen gezag visa hebben verstrekt.

Als de justitie in Zwolle tot vervolging overgaat, zal minister Van Aartsen de ambassadeur schorsen. Het ministerie van Buitenlandse Zaken stelt bovendien een eigen onderzoek in, omdat het ministerie volgens het ambtenarenrecht geen disciplinaire maatregelen kan nemen tegen de diplomaat.