`Ik wil wel blijven, maar..'

Het Rotterdams Philharmonisch Orkest gebruikte gisteren de repetitietijd om te zien of chef-dirigent Valery Gergjev voor het orkest kan worden behouden.

Anderhalf uur stonden chef-dirigent Valery Gergjev en interim-directeur Vleggeert gistermorgen pratend in de repetitietijd voor het Rotterdams Philharmonisch Orkest. De musici waren bezorgd, omdat Gergjev vorige week in Wenen had gedirigeerd, in plaats van in Rotterdam op te treden. En er was twijfel over de voortzetting van het contract van Gergjev. Wordt Gergjev niet tè wereldberoemd om hem nog te kunnen binden aan Rotterdam?

De Rotterdamse Doelen is vaak niet uitverkocht bij optredens van de dirigent, die ook chef is van de Kirov Opera in St. Petersburg en vaste gastdirigent van de Metropolitan Opera in New York. In september was bij de uitvoering van Parsifal de zaal maar voor een derde gevuld. Overal elders ter wereld ontmoet de dirigent meer publiek enthousiasme dan in Rotterdam. Zo leidde Gergjevs Weense debuut bij de Wiener Philharmoniker tot enorme euforie.

Na afloop van de praatsessie overheerste de opluchting. Gergjev, die bijna een uur aan het woord was, is niet van plan om onmiddellijk Rotterdam vaarwel te zeggen. Volgens Vleggeert zijn er wederzijds goede bedoelingen om Gergjev in Rotterdam te houden. Wel is het volgens hem duidelijk dat het orkest zal moeten leren omgaan met Gergjevs wereldfaam en dat de dirigent in de toekomst wat minder vaak in Rotterdam zal zijn.

Vleggeert, die boos was dat Gergjev Wenen prefereerde boven Rotterdam, sprak dinsdag twee uur met Gergjev en later deze week zal het orkestbestuur met de dirigent overleggen. Daarna hoopt men bekend te kunnen maken dat Gergjev ook het volgende seizoen in Rotterdam blijft. Sinds hij in 1995 aantrad heeft hij in Rotterdam geen geschreven contract, alles gebeurt op mondelinge afspraak. Volgens Gergjev heeft hij al in maart laten weten dat hij de afgelopen week in Wenen zou zijn. Het orkest zegt dat het daar pas veel later achterkwam.

Tijdens de pauze van het concert van gisteravond zei Gergjev desgevraagd voor een dilemma te staan: ,,Ik ben nu zeer tevreden over de artistieke kwaliteiten van het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Ik wil hier graag blijven, maar... Hier ontbreekt een goede organisatie om publiek te werven voor de concerten en het Gergjev Festival. Ik wil zekerheden, er er is hier veel misgegaan: een uitvoering van Tristan und Isolde is niet doorgegaan, terwijl de Scala in Milaan mij voor dat stuk had gevraagd en mij carte blanche had gegeven. De enscenering van Manon Lescaut in Schouwburg was ondermaats, een uitvoering van Don Carlo in de Ahoy' is dit jaar afgelast. In St. Petersburg loopt alles beter dan in Rotterdam, terwijl je zou verwachten dat het omgekeerd is.''

Vleggeert geeft volmondig toe dat het in de nadagen van de per 1 oktober vertrokken directeur Paul Zeegers niet goed liep. ,,Ik ben hier sinds 14 juli interimdirecteur— dat wil zeggen crisismanager — om orde te scheppen in de chaos en achterstallig onderhoud te plegen aan de organisatie. Bij het tegels lichten kom ik van alles tegen. Veel kan beter, zoals bij de marketing. Maar dan moet het product-Gergjev er ook zijn, evenals zekerheid rond de financiering en sponsoring van allerlei plannen: een varend concert over de Maas bij de afsluiting van het Europees Voetbalkampioenschap volgend jaar met Placido Domingo, concerten in 2001, als Rotterdam `Culturele hoofdstad van Europa' is, en allerlei buitenlandse tournees.''

Na het concert roffelde het Rotterdams Philharmonisch Orkest luidruchtig met de voeten. De boodschap was duidelijk: de waardering onder de musici voor Gergjev is enorm en hij moet blijven.