Vele ruzies in India's wilde oosten

In het afgelegen noordoosten van India opereren talrijke afscheidingsbewegingen. De afgelopen jaren zijn in het gebied van de `Zeven Zusters' tienduizenden mensen gedood.

Vroeg in de namiddag valt de schemering over de huizen van Guwahati, de hoofdstad van Assam, aan de boorden van de brede Brahmaputra. Het noordoosten van India heeft dezelfde tijdzone als in Delhi meer dan 2.000 kilometer naar het westen. ,,Het hanteren van één tijdzone voor heel India is maar één van de arroganties van de autoriteiten'', zegt een winkelier met Zuidoost-Aziatische gelaatstrekken. Hij voelt zich geen Indiër, want hij is afkomstig uit een stam die zijn oorsprong vindt in de jungles van Birma. ,,De Indiërs en de miljoenen vluchtelingen uit Bangladesh hebben de oorspronkelijke bevolking van Assam steeds verder in het nauw gedreven.''

Zodra het donker wordt, zijn de straten verlaten. Angst voor ontvoeringen en gewapende overvallen, de belangrijkste inkomstenbronnen van de talloze militante bewegingen, houdt de bewoners binnen. ,,Zelfs de honden blijven binnen,'' zegt de middenstander.

Voor de gemiddelde Indiër is het verre oosten van India een afgelegen en volstrekt onbekend gebied voorbij de grote rivieren. Aan weerszijden van de Brahmaputra Vallei, in de jungles van rebellie, is geweld al tientallen jaren de norm. Talloze afscheidingsbewegingen en criminele bendes heersen rondom de theeplantages van Assam, in de dichte regenwouden en de heuvels van Manipur, Nagaland en Tripura en, in mindere mate, in de bergen van Meghalaya, Mizoram en Arunachal Pradesh. De `Zeven Zusters', die slechts zijn verbonden met de rest van het land door een 20 kilometer brede corridor tussen Nepal en Bangladesh, worden in India meestal wordt aangeduid met `Het Noordoosten'; behalve om thee staat het gebied voor de meeste Indiërs om weinig anders bekend dan moordpartijen, bomaanslagen op treinen en bussen, ontvoeringen, afpersingen en buitenrechtelijke exucuties.

Alleen al in Tripura, een voormalig koninkrijkje met 3 miljoen inwoners dat voor het grootste deel ligt ingeklemd tussen de oostelijke grenzen van Bangladesh, werden sinds 1995 meer dan 3.000 burgers ontvoerd en ruim 1.000 vermoord – gedode militanten, soldaten en politiemensen niet meegerekend. In Assam, met 25 miljoen inwoners de grootste staat in de regio, kwamen 5.000 mensen om: militanten, soldaten, burgers, politiemensen. Meer dan 4.000 mensen werden er de afgelopen vier jaar ontvoerd. In Manipur vonden ruim 3.000 mensen de dood.

De Indiase problemen met het Noordoosten komen in omvang overeen met die van de separatistische opstand in Kashmir in het noordwesten van het land. Het verschil met de kwestie-Kashmir is dat India's buurlanden in het noordoosten Birma, Bhutan, Bangladesh, Nepal en China – niet actief meewerken aan de separatistische opstanden, al gebruiken verschillende groeperingen, zoals het Verenigd Bevrijdingsfront van Assam (ULFA) het grondgebied van Birma en Bhutan als uitvalbasis.

,,De staten in het noordoosten zijn tientallen jaren genegeerd en lopen achter bij de ontwikkelingen in de rest van India'', zegt Noordoosten-specialist Barun Gupta. Wegen werden alleen aangelegd om de thee en de olie uit de rijke bronnen van Assam af te voeren; de winsten verdwenen meestal naar New Delhi. Door het geweld bedenken industriëlen zich wel drie keer voordat zij in Assam of de zes andere staten investeren.

De economische achterstand en de etnische en religieuze verschillen tussen de regio en de rest van India zijn volgens Gupta de belangrijkste oorzaken van de onvrede. De oorspronkelijke bevolking van het Noordoosten, meer verwant met bergstammen uit Birma en Thailand dan met de bewoners van Rajasthan of Tamil Nadu, is een etnische puzzel met bevolkingsgroepen zo divers als heel Azië alleen al in Arunachal Pradesh, de meest afgelegen deelstaat, spreekt men meer dan 50 talen.

De echte problemen begonnen vlak na de onafhankelijkheid van het subcontinent in 1947. Miljoenen inwoners van het toenmalig Oost-Pakistan, nu Bangladesh, vluchtten in de loop van de jaren naar India wegens hongersnoden, overstromingen, overbevolking en de ijzeren vuist van het Pakistaanse leger, die leidde tot de onafhankelijkheid van Bangladesh in 1971.

De aanhoudende immigratie leidde tot scheve verhoudingen in de meeste deelstaten. In Tripura, bijvoorbeeld, werden de oorspronkelijke tribale bewoners, vooral christenen en boeddhisten, door de immigranten gedegradeerd van een regerende meerderheid tot een geregeerde minderheid die nu al jaren afhankelijk is van de gunsten van de nieuwkomers Bengaalse hindoes. ,,De militanten zijn de zonen van Tripura ze zijn buitenstaanders in hun eigen land geworden'', zegt politiek wetenschapper Sabyasachi Basu Roy Choudhury.

In 1983 kwam het op veel plaatsen tot een uitbarsting; bij massaslachtingen dreven de lijken van honderden gedode `buitenlanders' in de zijrivieren van de Ganges en de Brahmaputra. Toen de rust terugkeerde aan het begin van de jaren '90 kwam een nieuwe vluchtelingenstroom op gang. Deze keer waren het tienduizenden Birmezen die naar Manipur, Mizoram en Nagaland trokken, op de vlucht voor de lange arm van het Birmese leger dat de macht had overgenomen in Rangoon. Door de constante migratiestromen leven verspreid over het hele gebied honderdduizenden vluchtelingen.

Het Indiase leger, met enkele honderdduizenden soldaten in het Noordoosten gestationeerd, heeft nog steeds zijn handen meer dan vol aan het mozaïek van vrijheidsstrijders en terroristen. Niet alleen strijden zeker zeventien grotere en talloze kleinere groeperingen met namen als de `Tijgermacht voor Tripura' en het `Volksbevrijdingsleger' in Manipur voor onafhankelijkheid of autonomie, maar ook onder elkaar vechten inheemse stammen bittere oorlogen uit.

In Assam ontstonden de onlusten aan het eind van de jaren '70, toen bij tellingen bleek dat de namen van honderdduizenden Bengaalse immigranten, hindoes en moslims, op de kieslijsten waren verschenen. ,,Eerder in de eeuw had de oorspronkelijke Assamese bevolking op tal van plaats al moeten wijken voor de theeplantages van de Britten zonder compensatie'', zegt Sanjoy Hazarika, die een studie maakte van Noordoost-India. Daar ontstonden de eerste fricties onder de Assamezen. New Delhi kon en wilde weinig doen aan de instroom van de miljoenen Bengalen. Toen de verschillende Assamese bevolkingsgroepen geen oor vonden voor hun roep tegen de onderdrukking, zochten radicale jongeren contact met het Afghaanse verzet, de mujahedeen, met de Pakistaanse inlichtingendienst ISI, en met narco-militanten in Birma.

Eén van de problemen is dat de doelstellingen van de opstandelingen zo veelzijdig zijn als de bevolking. In Assam strijdt de ULFA al jaren voor een soeverein `Asom'; het Nationaal-Democratische Front van Bodoland strijdt voor een onafhankelijk Bodoland in het westen van Assam; het Tijgerfront voor de Bevrijding van Bodo's voor een eigen deelstaat binnen de Indiase Unie.

Meestal wordt het zicht nog eens belemmerd door de onderlinge concurrentie tussen de groeperingen, zoals duidelijk wordt in het twee miljoen inwoners tellende grensstaatje Manipur, een voormalig koninkrijk waarvan de inwoners nog steeds met weemoed vertellen dat het tweeduizend jaar onafhankelijk is geweest. In Manipur vallen jaarlijks meer doden bij veldslagen tussen Kuki's, Naga's, Pathei's en Waife's dan bij de guerrilla-oorlogen tegen het Indiase leger. De situatie in Manipur is nog ingewikkelder omdat de Naga's in Manipur strijden voor de zelfstandigheid van Manipurs buurstaat Nagaland en zij willen het door Naga's gedomineerde deel van Manipur daarbij inlijven. ,,Daarnaast komen er de laatste jaren steeds meer criminele splintergroeperingen die meer geïnteresseerd zijn in afpersing dan in politiek'', zegt een inwoner van de hoofdstad Imphal. ,,Ik betaal elke maand `belasting' aan vijf verschillende bewegingen.'' De niet-officiële belastingophalers zijn ook in de rest van de regio een groeiend probleem. Bescherming is er niet; de politie en het leger hebben het te druk met de strijd tegen de opstandelingen en leggen, net als in Kashmir, routinematig de schuld bij Pakistan dat de opstanden met geld en wapens zou steunen.

Ondanks de snijdende spanning bestaat onder de bevolking van Manipur steun voor de vrijheidsstrijd. ,,De Indiase regering nam na de onafhankelijkheid in 1947 een kwart eeuw de tijd om Manipur te erkennen als deelstaat', zegt Jagjit Lakhtumbom van de Universiteit van Manipur. ,,We zijn nooit als Indiërs behandeld en nu wil de oorspronkelijke bevolking zelfstandigheid.'' Maar hij geeft toe dat er in het Noordoosten te weinig eenheid bestaat om dat doel te verwezenlijken.