Van den Broek laakt oliefirma's

Supermarktconcern Dirk van den Broek beschuldigt de grote oliemaatschappijen van vertragingstactieken bij de liberalisering van de benzinemarkt. Shell, marktleider in Nederland, is zich van geen kwaad bewust en noemt een brief van Van den Broek daarover ,,stemmingmakerij''.

De liberalisering van de benzinemarkt spitst zich toe op de pompstations langs de snelwegen. De plannen van het kabinet zijn onderdeel van de grote operatie `Marktwerking, Deregulering en Wetgevingskwaliteit' die moet leiden tot grotere concurrentie in een aantal sectoren.

,,Ik wil snel weten wat ik moet doen om zo'n pompstation te kunnen openen'', zegt president-commisaris Jan van den Broek van het supermarktconcern in een toelichting. ,,Maar we zijn al twee jaar aan het klessebessen en kissebissen. Als niemand wat zegt, gebeurt er ook niets.''

Er zijn nu 248 pompstations langs de snelwegen. Daarvan is 88 procent in handen van de grote vier Shell, Esso, BP/Mobil en Texaco. Het kabinet wil de concurrentie op twee manieren vergroten. In de eerste plaats door nieuwe locaties toe te voegen en ten tweede door bestaande pompstations, die nu een eeuwigdurende licentie hebben, te `onteigenen' en de licenties opnieuw te veilen. Bij zo'n veiling zouden de martkleiders minder kansen krijgen dan nieuwe bedrijven.

Het overleg van de betrokken ministeries met de oliemaatschappijen heeft enige vertraging opgelopen omdat de oliemaatschappijen tijdelijk waren weggelopen uit een werkgroep, zegt een woordvoerder van Economische Zaken. Maar begin volgend jaar moet het overleg zijn afgerond. Daarna zal het kabinet met voorstellen komen.

Dirk van de Broek, een supermarktketen met een omzet van meer dan 2 miljard gulden, is één van de bedrijven die graag nieuwe pompstations zouden willen openen. ,,Het moet leuker worden langs de snelweg'', zegt Jan van den Broek. ,,En we kennen de markt. We hebben al drie pompstations bij onze supermarkten en die zijn 13 tot 15 cent per liter goedkoper. Dat kan interessant zijn voor de consument.''

De oliemaatschappijen en de drie betrokken ministeries overleggen nu over een `alternatieve route' zoals voorgesteld door de bedrijven. Een van de problemen bij de kabinetsplannen is dat `onteigening' juridisch ingewikkeld is en bovendien veel geld kan kosten. Het accountantskantoor KPMG schat de kosten op 1,1 miljard gulden. Taxaties uit de markt komen op 2,5 tot 5 miljard gulden.