Spaanse film triomfeert in Berlijn

Spanje is de grote winnaar geworden in de wedloop om de beste Europese film van 1999. Regisseur Pedro Almodóvar won zaterdag in Berlijn de Europese filmprijs met Todo sobre mi madre (All about my mother). De Spaanse hoofdrolspeelster Cecilia Roth (Manuela) kreeg de prijs voor de beste actrice. Acteur Antonio Banderas ontving de `Europese Oscar' voor zijn Europese bijdrage aan de internationale filmwereld.

,,Dit is mijn Amerikaanse familie'', riep de populaire Hollywoodster Banderas uit toen hij regisseur Almodóvar op het podium van het Schillertheater omarmde en hem de filmprijs uitreikte – samen met zijn vrouw, de actrice Melanie Griffith. De prijswinnaars kennen elkaar beter uit Hollywood dan uit Spanje.

Het zilverkleurig beeldje van een tengere vrouw, ontworpen door de Britse kunstenaar Theo Fennell, heeft nog altijd geen naam, maar het was alweer de twaalfde keer dat de Europese filmprijs werd uitgereikt als tegenhanger van de Amerikaanse Oscar. De Hollywood-emoties, die de Oscar-ceremonie kenmerken, ontbraken. Geen tranen, geen grote gebaren, geen beroemde woorden. Mensen in de Europese filmwereld kennen elkaar niet goed genoeg om hun emoties op het toneel te tonen, zei de Duitse regisseur Volker Schlöndorff, die in 1977 de Oscar won met de verfilming van Der Blechtrommel van Grass.

,,Wij Europeanen zijn heel verschillend, maar onze rijkdom is onze sterkte'', reageerde Pedro Almodóvar. De excentrieke, verlegen regisseur, die geldt als de `Spaanse Fassbinder', was ontroerd dat zijn film de grote Europese prijs had gekregen. Todo sobre mi madre is een typische film die eerder te zien is in de kleinere filmhuizen, dan in de grote populaire cinema's. De melodramatische film gaat over een alleenstaande moeder Manuela die, nadat haar zoon Esteban is omgekomen bij een auto-ongeluk, op zoek gaat naar de vader. De zoektocht voert Manuela terug naar Barcelona, waar ze 18 jaar eerder heeft gewoond, en waar ze ontdekt dat de vader van haar zoon een travestiet is die Lola heet.

,,Tragedie is een deel van ieders leven'', zei hoofdrolspeelster Cecilia Roth. ,,Plaats iemand in een extreme situatie en de tragedie ontvouwt zich.'' Roth geldt momenteel als een van de belangrijkste actrices in Spanje; ze speelde in Wild Horses, A Place in the World en won twee jaar geleden met Martin H de Goya-prijs.

De ceremonie rondom de prijsverlening mag minder groots zijn dan in Hollywood, in het Berlijnse Schillertheater was zaterdagavond aardig wat Europees talent verzameld. De uit Polen afkomstige regisseur Roman Polanski, de Duitse acteur Götz George, de actrice Maria Schrader, de Britse acteur Ralph Fiennes (The English Patient), die tot de beste Europese acteur werd gekozen, en de Italiaanse componist Ennio Morricone – die een staande ovatie kreeg van het publiek vanwege zijn beroemde filmmuziek (The Good, the Bad and the Ugly).

Een Duitse film was niet voorgedragen voor de prijs; wel was Götz George voor zijn rol als Josef Mengele, de arts uit een concentratiekamp, in Nichts als die Wahrheit genomineerd voor de prijs van de beste acteur in Europa. De Duitse regisseur Wim Wenders won met Buena Vista Social Club – een film over de muzikale pelgrimstocht van Ry Cooder naar de wortels van de Cubaanse volksmuziek – de prijs voor de beste Europese documentaire.

Alleen van de Nederlanders was geen spoor te bekennen. Het kleine Denemarken was er wel in geslaagd om tot de lijst van acht genomineerde films door te dringen met Mifunes Sidste Sang van regisseur Seren Kragh-Jacobsen, evenals België met Rosetta. Het Britse Notting Hill met Hugh Grant en Julia Roberts was de bekendste film, die was voorgedragen voor de Europese filmprijs. Deze werd vorig jaar gewonnen door de Italiaan Roberto Benigni met La vita è bella (Life is beautiful) over de Holocaust.

De Berlijnse burgemeester Eberhard Diepgen greep de prijsuitreiking aan om Berlijn als `Boomtown' te presenteren van de film- en media-industrie, die een omzet heeft van 18 miljard mark. Met meer dan 12.000 studenten in de mediawereld, talrijke toneelspelers en kunstenaars beschikt Berlijn over het ,,grootste creatieve potentieel'' van Duitsland, zei Diepgen. Hoe groot het talent ook is, de Europese filmindustrie blijft een `fragiel kind', stelde de Duitse cultuurminister Michael Naumann vast. De hegemonie van de Amerikaanse film in de wereld blijft ongekend. Ook de door de critici bejubelde prijswinnaar Todo sobre mi madre is met een magere 150.000 bezoekers tot nu toe geen kassucces.