Relaas verkrachting

Verslag van een vrouw (21) en een vrouwelijk familielid (februari `99):

,,Om zes uur, terwijl we wachten op de bus, arriveerden vijf politiemannen. Ze waren 25 tot 30 jaar oud, op één na, die ouder was, hij was ongeveer 50 en kaal. Ze vroegen wat we in onze tassen hadden. ,,Jullie hebben bommen'', zeiden ze. Ze doorzochten onze tassen en zeiden: ,,Jullie moeten mee naar het politiebureau.'' Ik liet mijn identiteitsbewijs zien. ,,Je naam is [achternaam ontbreekt]. Je bent zeker van het UÇK.'' Ze vroegen of we wilden instappen in de auto. We zeiden dat we liever wilden lopen naar het politiebureau. Ze duwden ons de auto in. De oudste vroeg of we mee wilden naar een hotel. Ik deed alsof ik getrouwd was. Hij zei: ,,Wees goede meisjes. Ook al wil je het niet doen, je moet.'' De chauffeur, de jongste, zei: ,,Laat ze toch gaan''. De oudste weigerde, want ,,onze mensen worden vermoord door het UÇK''. We reden drie uur buiten Prizren.

We kwamen bij een veld naast een orthodoxe kerk en een meer. Het was sneeuwerig en koud. We moesten onze zakken leeg halen en mijn identiteitsbewijs werd verscheurd. Ze trokken onze kleren uit en verkrachtten ons. We werden meerdere keren door ieder afzonderlijk verkracht. Na de verkrachting moesten we het meer in. Het water kwam tot onze borst. Het was ijskoud. Ze duwden onze hoofden een poosje onder water. Daarna verkrachtten ze ons opnieuw. Ze namen mijn hoofd en ik moest orale seks met ze hebben, terwijl ik bedreigd werd met een stok. Ze maakten vernederende grappen over ons. Ze speelden met de loop van het geweer met onze borsten.

Ik zei dat ik de politie zou inlichten en ze zeiden dat dan onze familie zou worden vermoord en onze huizen in brand zouden worden gestoken. Sommigen verstonden Albanees want ze begrepen toen we beledigende opmerkingen over hun tegen elkaar maakten. Tegen middernacht lieten ze ons gaan.''