PAUL McCARTNEY

Paul McCartney was eens in een natuurwinkel in Atlanta en zag daar een serie producten met de naam Run Devil Run. Hij leende deze naam van duivel uitdrijvende poeders en wrijfwas voor zijn nieuwe cd. Run Devil Run is de tweede die McCartney vult met rock 'n' roll-klassiekers. In 1989 nam hij The Russian Album op, met vooral bekende oude nummers. Voor de cd koos hij (afgezien van Elvis' All Shook Up) minder voor de hand liggende liedjes, van bekende namen als Chuck Berry en Larry Williams, maar ook van een obscure groep als The Vipers.

Hij schreef zelf drie nummers, die perfect passen in de rock 'n' roll-traditie, en tegelijk prachtig Beatles-achtig zijn. Try Not To Cry bijvoorbeeld heeft een intro dat klinkt alsof John Lennon op de achtergrond meezingt. What It Is heeft een opzwepende swing, en het titelnummer is een gejaagde Chuck Berry-pastiche.

McCartney koos een gevarieerde stijlkaart van wat voor rock 'n' roll kan doorgaan: van de cajun-achtige Brown Eyed Handsome Man tot de van Fats Domino geleende trage verleidingstechniek van Coquette (ook door Domino geschreven). McCartney zingt het allemaal met passende stem: van de hitsige jongeman tot de bedaagde crooner, van de rauwe rocker tot de verleider met honing om zijn mond. De begeleiding (die wordt gedaan door coryfeeën als Dave Gilmour en Mick Green) klinkt authentiek: puur en doeltreffend. Run Devil Run is voorbeeldig sentiment.

Paul McCartney. Run Devil Run (EMI 22351)