Partij van Chirac kiest een onsje onafhankelijkheid

`Een culturele revolutie', zoals het Chiracijnse dagblad Le Figaro vanmorgen schrijft, is het niet. Met de keuze voor Michèle Alliot-Marie als nieuwe voorzitter van de Rassemblement pour la République heeft de partij van president Chirac voor een onsje onafhankelijkheid gestemd.

Toch was de uitkomst een half jaar geleden niet te voorspellen. Toen gaf de laatste bijna-sterke man, Nicolas Sarkozy, het op. Voor hem had Philippe Séguin vergeefs geprobeerd de RPR als volwaardige politieke partij te leiden. Beiden moesten erkennen dat het Elysée hen via de afstandsbediening bleef hanteren als beheerders van een adressenbestand.

Sindsdien is voor het eerst binnen een Franse politieke partij een vrije voorzittersverkiezing georganiseerd. Vier kandidaten hebben maanden het land doorkruist en hun ideeën over het neo-gaullisme verkondigd. Na de tweede ronde bleven twee kandidaten over: oud-minister Michèle Alliot-Marie en Jean-Paul Delevoye, de favoriet van Jacques Chirac, senator en burgemeester van de noordelijke stad Bapaume.De laatste, die door de adviseurs van de president werd gezien als `een betrouwbaar, niet-Parijzig soort sociaal-gaullist', deed te laat een poging zich enige onafhankelijkheid aan te meten. De leden wilden geen lakei van het staatshoofd, ook al zullen zij Chirac bij de volgende presidentsverkiezingen van 2002 weer steunen.

De sympathieën van Alliot-Marie lagen tot nu toe dichter bij de liberale stroming van oud-premier Edouard Balladur en zijn vroegere secondant Sarkozy, de laatste secretaris-generaal van de beweging. Naarmate haar kansen toenamen, onthield de oud-minister van sport- en jeugdzaken onder Balladur zich van opmerkingen die haar van Chirac konden vervreemden.

Michèle Alliot-Marie zei zaterdagavond, toen haar zege een feit was, dat zij de RPR ,,met en voor Jacques Chirac'' naar nieuwe hoogten zou voeren. Alles zou anders worden. De partij heeft een solide naam opgebouwd als mannenbolwerk. Premier Alain Juppé ontsloeg in 1996 nog en bloc vier vrouwen uit zijn regering, omdat `ze' niet voldeden.

De nieuwe voorzitter zal met dat soort praktijken afrekenen, al zijn er voorlopig geen regeringsposten te verdedigen. Rechts zit in de oppositie, en is sterk verdeeld. Daar liggen haar echte kopzorgen. Niet alleen spelen de ex-coalitiepartners, de Liberalen (van Alain Madelin) en Force Démocrate (de voormalige christen-democraten, van François Bayrou), hun eigen melodie. De RPR zelf heeft een aderlating ondergaan: oud-minister Charles Pasqua heeft met de extreem-katholieke Philippe de Villiers de anti-Europese Rassemblement pour la France opgericht met de zelfde drie letters aangeduid als De Gaulle's RPF.

Jacques Chirac stichtte de RPR (Rassemblement pour la République) in 1976, als imitatie van generaal De Gaulle's naoorlogse Rassemblement du Peuple Français. Chirac was tot 1994 voorzitter, omdat een jaar later zijn kandidatuur voor het presidentschap hem riep. Michèle Alliot-Marie moet de ernstig verdeelde en gedesillusioneerde troepen nu troosten en nieuw elan inblazen, mét Jacques Chirac als beschermheilige, terwijl een deel van de achterban wegloopt, of onverschillig thuisblijft. Nu extreem rechts zichzelf dodelijk heeft verzwakt door interne ruzies, moet fatsoenlijk rechts in Frankrijk een verhaal en enige eenheid kunnen hervinden. Dat is nodig wil men een alternatief bieden voor de niet zo coherente coalitie van links.