Nederland gaat niet hamsteren

Nederland gaat niet hamsteren voor het millennium. Wel zal op bescheiden schaal extra contant geld worden opgenomen. Meer dan tachtig procent van de bevolking viert oud en nieuw thuis, bij familie of bij vrienden.

Dit blijkt uit een enquête die het Nipo in opdracht van NRC Handelsblad heeft gehouden onder ruim duizend personen. Samen vormen zij een representatieve afspiegeling van de Nederlandse bevolking.

Slechts één procent van de ondervraagden zegt zeker extra voorraden te zullen inslaan in verband met mogelijke problemen rond de millenniumwisseling. Wel is het denkbaar dat onverwachte gebeurtenissen alsnog aanleiding geven tot enige hamsterwoede: zes procent zegt `waarschijnlijk wel' extra voorraden te zullen inslaan, 33 procent `waarschijnlijk niet'. Een meerderheid zegt echter `zeker niet' te gaan hamsteren. Voor de detailhandel zijn dit geruststellende uitkomsten: omdat uit efficiency-overwegingen nauwelijks nog voorraden worden aangehouden, zou hamsterwoede snel tot lege schappen en daardoor tot paniek kunnen leiden. Daar is vooralsnog weinig kans op.

Iets meer belangstelling is er voor het opnemen van extra contanten. Drie procent zegt die zeker te gaan opnemen, veertien procent waarschijnlijk wel. Banken houden daarvoor extra papiergeld achter de hand. Zo lang de enkele honderdduizenden mensen die extra geld willen opnemen geen exorbitante bedragen van hun rekening halen, zijn er ook in de geldvoorziening geen ernstige problemen te verwachten.

De helft van de ondervraagden zegt oud en nieuw thuis te vieren, bijna een derde bij vrienden of familie. De belangstelling voor grote feesten en andere bijzondere millenniumgebeurtenissen is gering. Slechts vijf procent is van plan daarheen te gaan. Op die feesten zijn dus een half miljoen mensen te verwachten. Dat kunnen er overigens nog wat meer worden, want elf procent van de ondervraagden heeft nog geen besluit genomen over de oud-en-nieuwviering.

De belangstelling voor feesten en bijzondere gebeurtenissen is onder hoger opgeleiden bijna drie keer zo groot als onder lager opgeleiden en onder jongeren vier zo groot als onder ouderen.

Drie procent van de ondervraagden moet zeker werken met oud en nieuw, nog eens twee procent waarschijnlijk, negen procent waarschijnlijk niet. Al met al zijn er dus op zijn minst enkele honderdduizenden mensen aan het werk in de oudejaarsnacht. Het overgrote deel van de bevolking, 84 procent, hoeft zeker niet te werken.