Kansspelen niet blij met vrijgeven van loterijen

Ambtenaren willen de strak gereguleerde wereld van de loterijen liberaliseren. Er is ,,een legitieme behoefte aan bonafide kansspelen''.

Calvijn regeert in het kansspel. Maar niet lang meer!

De Nederlandse overheid heeft de kansspelen de afgelopen jaren behandeld als een noodzakelijk kwaad. Als een gevaarlijke verleiding waaraan de mens slecht weerstand kan bieden, die door de overheid aan banden gelegd dient te worden. Om gokverslaving tegen te gaan. Om illegale kansspelen de kop in te drukken. Om er voor te zorgen dat de opbrengsten niet in de zakken van de organisatoren verdwijnen maar naar goede doelen gaan. Om te voorkomen dat opbrengsten niet naar het buitenland wegvloeien.

Een en ander resulteerde in een wirwar van regels en regeltjes. In een vergunningenstelsel waarbij slechts een klein aantal kansspelen werd getolereerd. In ongelijke behandeling van verschillende kansspelen. En in een kluwen van ministeries die elk vanuit het eigen belang de kansspelen in de tang hielden – om bijvoorbeeld gokverslaving tegen te gaan (VWS), om illegale spelletjes uit de markt te halen (Justitie), en om geld, veel geld, op te strijken (Financiën via de Staatsloterij).

Maar Calvijn wankelt.

Kansspelen raken meer en meer maatschappelijk geaccepteerd. Jaar op jaar groeit het aantal deelnemers en hun inleg. En technologische ontwikkelingen maken de van overheidswege opgelegde beperkingen steeds moeilijker houdbaar. Via Internet bijvoorbeeld komen kansspelen de landsgrenzen over zonder dat justitie daar iets tegen kan doen.

De uit de zestiger jaren stammende Wet op de Kansspelen is aan herziening toe, zo constateerde het coördinerend ministerie van Justitie onlangs. Een interdepartementale werkgroep zoekt nu op last van het kabinet naar deregulering en marktwerking – zoals ook is gebeurd bij de winkelsluitingswet en de taxiwet.

De adviezen die de werkgroep in petto heeft duiden op een aardverschuiving, zo blijkt uit de vertrouwelijke conceptnotitie die nu is uitgelekt. Gokken moet niet langer worden gezien als een noodzakelijk kwaad. Er is ,,een legitieme behoefte aan bonafide kansspelen'', aldus de notitie. De kansspelsector ,,moet als een gewone industrie worden gezien waarbij overheidsinterventie alleen noodzakelijk is om de bescherming van de consument tegen oneerlijk spel en tegen gokverslaving te waarborgen''.

De belangrijkste veranderingen laten zich als volgt samenvatten. Het verbod op uitbreiding van het aantal kansspelen verdwijnt in de prullenbak. Iedereen, mits `betrouwbaar', `deskundig' en `solvabel', komt in aanmerking voor een vergunning. En de opbrengst van de kansspelen behoeft niet per se meer aan een goed doel (waaronder de schatkist) te worden geschonken. ,,Een ieder die een kansspel organiseert staat het vrij om te bepalen welke bestemming de opbrengsten dienen te krijgen: een goed doel, een algemeen belang of een eigen belang.''

De bestaande kansspelen, die vaak zo ageerden tegen de strakke leiband van de overheid, zullen er niet blij mee zijn. ,,Grote buitenlandse loterijen die veel meer prijzengeld te bieden hebben zullen hier komen en ons wegvagen'', zo verwoordt een loterij de verontrusting onder de gevestigde kansspelen. De Staatsloterij ziet naast de risico's ook een duidelijke kans. ,,Dit is beter voor de consument, aldus een woordvoerder. ,,Door toenemende concurrentie zullen de loterijen hoger prijzengeld moeten bieden – en dus minder overhouden voor de opbrengst.''

De tientallen goededoelenorganisaties die samen jaarlijks vele honderden miljoenen guldens ontvangen uit de opbrengsten van kansspelen, zullen de voorstellen niet juichend begroeten. Het staat hun straks weliswaar vrij om een eigen loterij te beginnen, maar ze zullen genadeloze concurrentie krijgen van handige commerciële jongens die kansspelen voor hun eigen gewin zullen inzetten.

De werkgroep stuurt haar adviezen begin volgend jaar naar het kabinet. Maar eerst krijgen de belanghebbenden – waaronder de kansspelen zelf – nog de kans zich uit te spreken. Hun kritiek is voorspelbaar. Een enkele loterij heeft zijn advocaat al ingeschakeld.

Als de adviezen eenmaal in een wetvoorstel zijn omgezet, is de Tweede Kamer nog aan de beurt. En bekend is dat de goede doelen zich altijd kunnen verheugen op de warme belangstelling van parlementariërs, al was het alleen maar omdat de goede doelen goed liggen bij de kiezers.

Calvijn is nog niet gevallen.