Citaten

EEN CODE, EEN GEDRAGSREGEL, een conventie, een ongeschreven afspraak – er zijn talloze eufemismen voor, maar sommige bewakers van de monarchie waren vorige week onplezierig verrast toen deze krant letterlijk verslag deed van een ontmoeting met de koningin. De krant werd door de voorzitter van het Genootschap van Hoofdredacteuren verweten `niet netjes' te hebben gehandeld. De premier zei vrijdag de publicatie `te betreuren'.

De code schrijft voor dat uitlatingen van het staatshoofd aan de pers wel in de krant mogen worden vermeld, alleen niet tussen aanhalingstekens. Er mag dus wel worden geparafraseerd, maar niet letterlijk geciteerd. Zegt het staatshoofd dat de media in Nederland een nuttige functie vervullen dan kan dit worden vermeld. Tenminste, zolang dit niet tussen aanhalingstekens gebeurt. Zoals: De koningin: ,,De media vervullen een nuttige functie in Nederland.'' Hetzelfde geldt als het staatshoofd kritiek heeft. Alleen onder deze voorwaarde laat de Rijksvoorlichtingsdienst contact tussen pers en staatshoofd toe. De gedachte hierachter is dat het staatshoofd dan politiek buiten schot zou blijven, terwijl de lezer toch wordt ingelicht over wat het staatshoofd bezighoudt. Het kabinet kan de verantwoordelijkheid voor het gezegde zo altijd op de krant afschuiven. Ook zou het een voordeel zijn dat er geen discussie over de juistheid van citaten ontstaat, omdat die immers niet letterlijk worden weergegeven.

Verslaggevers verrichten tijdens staatsbezoeken dan ook schitterende staaltjes parafraseerwerk – maar de lezer (en de hoofdredacteur) blijft met een laffe smaak achter. De redacteur is deelgenoot gemaakt van, zo niet medeplichtig geworden aan de observaties en opvattingen van een persoon die nooit zelf aan het woord komt. Het is buikspreekjournalistiek onder protocollaire dwang, voor niemand controleerbaar, behalve voor de redacteur die tijdelijk is ingelijfd bij (en door) zijn onderwerp.

MEER DAN EEN WEEK geleden bezocht het staatshoofd de bijeenkomst van het 40-jarige Genootschap van Hoofdredacteuren. De voorzitter deed een dringende, zij het persoonlijke, oproep aan de koningin om voortaan `meer openheid' te betrachten, waarna Beatrix zich onderhield met een aantal genodigde jonge redacteuren. Dezen stelden daarover vragen en kregen antwoord, waarvan zij vervolgens correct verslag deden. De weerslag daarvan bereikte verschillende kranten.

NRC Handelsblad besloot de citaten deze keer maar eens letterlijk op te nemen. Waarom? Omdat een accuraat weergegeven citaat de spreker het meeste recht doet, de lezer het beste informeert en de redacteur in zijn waarde laat. Daarmee vervult de krant zijn primaire functie: zo letterlijk en objectief mogelijk verslag doen van wat gezegd en gedaan is. Het is niet de taak van de krant om het kabinet behulpzaam te zijn bij het politiek afschermen van het staatshoofd. Dat moet het kabinet zelf doen. De koningin heeft invloed, haar opvattingen worden achter de schermen her en der gehoord. Dat mag dus ook in het openbaar, indien zij ervoor kiest die openbaar te maken.