Vurige minnaar impotent

De in april 1978 geopende Amsterdamse optiebeurs was bedoeld om de zieltogende handel in aandelen op te peppen. Net als in 1973 de eerste optiebeurs ter wereld in Chicago de Amerikaanse aandeelhouders wakker moest schudden. De koop- en verkoopopties, aanvankelijk gebaseerd op aandelen, waren doordachte contracten met enkele standaard voorwaarden. Door die aanpak konden beleggers en handelaren snel en tegen lage kosten handelen. Daardoor, maar vooral door de economische voorspoed sinds 1982, voldeden de optiebeurzen ruimschoots aan hun doelstellingen.

Om de verhouding tussen beide beurzen te verduidelijken werd een aandelenbeurs toen afgeschilderd als een stijve oude dame, en een optiebeurs als een vurige, jonge minnaar om haar op te vrijen. Zo lagen de verhoudingen ook in Amsterdam. De Effectenbeurs een stijlvolle, dooie boel waar weinig omging, en de optiebeurs (wél een initiatief van de Effectenbeurs) een stel schreeuwende apen die de eerste jaren alles aanpakten om het hoofd boven water te houden.

Iedere maand togen de toenmalige optiebeursvoorzitter Brouwer en directeur Westerterp samen naar Baron van Ittersum van de effectenbeurs om geld te lenen voor de salarissen en de huur. Alles bij elkaar telde de oude dame twaalf miljoen gulden neer om haar vriend in leven te houden. Een dure gigolo, voor die tijd. Tjerk Westerterp herinnert zich desgevraagd de bedeltochten naar Beursplein 5: ,,Ik droom er nog wel eens van, maar we hebben ze alles tot de laatste cent terugbetaald hoor!''

Vele jaren leefden zij en hij apart in hun beursgebouwen. Een stormachtige lat-relatie vol verwijten over en weer, die de onderlinge concurrentie en de handel bevorderde. En daar ging het tenslotte om. Het hoogtepunt was – nooit meer overtroffen – de invoering van wereldunieke opties met een looptijd van maximaal vijf jaar, ruim tien jaar geleden. Het razendsnelle antwoord op het nieuwe product van de Effectenbeurs: een optie-instrument op aandelen Koninklijke Olie van het beleggingsfonds Robeco. Toch konden die twee niet zonder elkaar. Opa vertel nog eens van die wilde tijd.

In al die jaren leerde de Optiebeurs particuliere en professionele beleggers in binnen- en buitenland hoe ze opties en termijncontracten kunnen gebruiken. Dat kostte veel tijd, maar het loonde de moeite. De populariteit van opties is het bewijs. Toch begrijpen mensen de principes van de opties en de handel in die afgeleide producten (derivaten) niet snel, hoewel het logisch in elkaar zit. Wel is duidelijk welk recht het bezit van een call- of koopoptie biedt. Dat lijkt op de optie die potentiële kopers op een huis hebben: recht om te kopen op een bepaalde prijs, binnen de afgesproken periode.

Hoe gaat het zo'n twintig jaar later met de latin lover? Helemaal niet goed. Sinds 1 januari 1997 woont hij samen met zijn mainteneuse. Sterker: ze zijn getrouwd, gefuseerd. Daardoor doofde de fiere vurigheid van weleer tot een kaarsvlam, die vanzelf zal doven. De omzet in contracten en geld komt dit jaar circa 30 procent lager uit dan vorig jaar. Misschien zelfs 60 procent lager als je daar van aftrekt de optie-omzet die buiten de beurs om loopt.

Er is meer. Qua innovatie staat de Optiebeurs al jaren stil: men biedt niet meer dan de oorspronkelijke, kale basisproducten: call- en put-opties op de topaandelen en de AEX-aandelenindex. De rest van het assortiment telt niet mee. Vijftien onderliggende waarden is voldoende en overzichtelijker dan die brij aan opties waar niets in omgaat. De beurs is er voor beleggers en niet om handelaren aan een boterham te helpen.

Men vergat de standaard opties te `verpakken' in voor het publiek interessante producten. Dat heet innovatie, meegaan met de tijd. De rest van de financiële wereld deed dat wel.

Zo zijn/waren bijvoorbeeld de clickfondsen populair. Dat zijn pakketjes met aandelen(indexen) in combinatie met een maatwerk put-optie tegen koersdaling. Die opties lopen niet via de beurs.

Een andere ontdekking is de reverse convertible bonds en zijn broer de knock-in reverse convertible notes, beide te vinden op de koerspagina van deze krant. Simpel gesteld het tegenovergestelde van een clickfonds: je betaalt nu voor een mandje met topaandelen, dat je in de toekomst geleverd krijgt. Geen bescherming tegen koersdaling. Een combinatie van geld, aandelen en geschreven put-opties, op maat. Op zichzelf een interessant product, maar de informatie van de banken schiet volstrekt tekort. Het gaat ze vast te goed.

Tot slot deze innovatie: de Contentoptie. Een call-optie gesneden op maat van de zakken van de directie en managers van een bedrijf dat wordt overgenomen. Een altijd-prijs-optie, alleen in achterkamertjes te koop.