Norse lokeend

Pal achter het geluidsscherm aan de snelweg bij de Vinkeveense Plassen, aan wier oevers André Hazes de knakworstverkoop tot ongewone hoogte opstuwt, ligt hotel restaurant De Lokeend. De voortuin is nonchalant geasfalteerd, zodat het toch nog iets van een wegrestaurant heeft. De Lokeend huist in een knus villaatje, eerder de entourage van een pannenkoekenhuis dan van een hotel-restaurant. Buitenom, tussen de keuken en de opslag door, komen we op het achtererf. Daar ligt een rijtje piepkleine huisjes, van het type dat aan de kust ook wel aan Duitse gezinnen wordt verhuurd. Het uitzicht is minder weids dan we hoopten. De huisjes liggen niet direct aan de plas, maar staan loodrecht op een brede sloot. Het smalle achtererf loopt uit op een soort ophaalbrug, die zonder waarschuwing halverwege de sloot eindigt. Als we ons dat vannacht bij het opzoeken van onze slaapplaats nog maar weten te herinneren.

Het huisje meet krap drie bij vijf meter, boven is een slaapzolder. Een handige copywriter zou het een gestapelde suite noemen. Op de begane grond zijn de voornaamste meubelstukken een televisie en een tweezitter, die op de meubelboulevard ongetwijfeld als `lederen' is aangeprezen. De tegels en de bruin-beige kleurstelling wekken het vermoeden dat de huisjes een kwart eeuw geleden zijn gebouwd. Onlangs is er wat geschilderd en opnieuw gestoffeerd. Boven domineren nu blauwe en gele tinten.

Dezelfde kleuren vinden we overvloedig terug in het restaurant, dat een zuidelijke sfeer heeft. Het zou Grieks kunnen zijn, ware het niet dat het blauw te lavendel is. Het grof pleisterwerk doet weer Italiaans aan. De keuken is echter onvervalst klassiek Frans. De ontvangst door de patron is noords afstandelijk.

De prijzen van wijnen en spijzen zijn pittig. Op de mooie wijnkaart begint de echte keuze pas vanaf tachtig gulden en onder zestig gulden is er helemaal geen keuze. Voor dat geld mag je iets verwachten. Het zelf samengestelde eendenmenu begint uitstekend met smeltende eendenlever in een roosvorm geschikt op in balsamico azijn gecaramelliseerde witlof, daaroverheen is wat grof zout gestrooid. In het gerecht zijn de basissmaken zuur, zoet, bitter en zout mooi gecombineerd.

Aan de andere zijde van de tafel stemt de venkelsoep tot tevredenheid, vooral omdat deze zo royaal is getruffeerd. Ook de op drie wijzen bereide eend in een smaakrijke lavendelsaus toont het vakmanschap van de kok.

Het in bouillon gegaarde piepkuiken komt in een koperen pannetje met réchaud op tafel en wordt onder onze ogen gedemonteerd. Het is een chique versie van de kip `bonne femme', met onder meer getordeerde aardappeltjes, groene asperges, Trompettes des Morts en cantharellen. Alles is perfect beetgaar.

De patron volhardt in zijn gereserveerde houding. Het ijs wil maar niet breken, hoewel wij toch echt net zo gezellig, goedlachs en praatgraag zijn als gewoonlijk. Het grand dessert kijgen we min of meer opgedrongen, maar daar horen ze ons niet over klagen.

Tevreden zoeken we het bed op, al vinden we de prijs van ƒ150 gulden per persoon voor het diner aan de hoge kant. We slapen rustig – van de autoweg is niets te horen – en diep, dankzij de fles Shiraz van Rosemount die we bij het eten hebben gedronken. `s Ochtends worden we gewekt door een kraaiende haan. We ondervinden dat het huisje wel heel klein en de meubilering een tikje sleets is. Er hangt een zweem van schimmellucht. We moeten ons buiten de mini-badkamer afdrogen, binnen is onvoldoende ruimte om de armen te strekken. Een kapstokhaak is afgebroken en de televisie biedt slechts keuze uit vier willekeurige zenders. Stelende gasten vormen een ernstig probleem voor hotelhouders, stond vorig week prominent in het ochtendblad. De Lokeend heeft dat afdoende opgelost. Er staat niets wat je zou willen hebben. Of het zou de lampenkap van de grootmoeder van Laura Ashley moeten zijn.

Het ontbijt wordt aan de deur bezorgd. Met het bord op de knieën zitten we op het bankje. We kijken uit op een strookje betegelde tuin, een paar meter verder staat een heg. Ergens achter wat nieuwbouw moeten de Vinkeveense Plassen liggen.

,,Hoeveel betalen we hier nu voor?'' vraagt mijn reisgenoot. ,,Tweehonderdvijftig gulden en nog eens vijftig voor het ontbijt.''

We barsten uit in gelach.