Europa wil niet betalen voor eigen defensie

De problemen van de Europese defensie kunnen worden opgelost wanneer geïnvesteerd wordt in concrete slagkracht. Tientallen miljarden guldens zijn nodig om de krachtsverhoudingen binnen de NAVO in evenwicht te brengen. Maar dat bedrag zal niet snel worden vrijgemaakt en dus zal de defensie-kloof tussen de VS en Europa zich verbreden, meent Jeffrey Gedmin.

Richard Perle, de vroegere defensie-topman onder president Reagan die nu president-in-spe George W. Bush adviseert, zegt dat de Europese Veiligheids- en Defensie-Identiteit (EVDI) van de EU ,,verdient te worden genomineerd om de plaats van de Amerikaans-Canadese betrekkingen in te nemen als saaiste onderwerp in het Trans-Atlantische overlegcircuit''. Perle heeft voor de helft gelijk.

De West-Europeanen spreken al sinds de oprichting van de West-Europese Unie (WEU) in 1954 over een Europese poot binnen de NAVO. Sinds het einde van de Koude Oorlog hoort men hen steeds vaker zeggen dat het tijd is dat de EU in geostrategisch opzicht volwassen wordt. Kosovo heeft nog eens pijnlijk duidelijk gemaakt dat Europa nog altijd de tiener van het Bondgenootschap is. Joschka Fischer, de Duitse minister van Buitenlandse Zaken: ,,De oorlog om Kosovo heeft aangetoond dat Europa nog altijd niet in staat is zijn eigen problemen op te lossen.'' Dus hebben tijdens de Brits-Franse topconferentie van vorige week Tony Blair en Jacques Chirac hard gewerkt aan een dappere poging hierin verbetering te brengen. De EU moet, zoals zij het formuleerden, ,,de concrete, praktische middelen krijgen om de ideeën en initiatieven kracht bij te zetten.''

Dit wordt door niemand betwist. De oorlog om Kosovo was een verhaal van twee NAVO's. De Amerikaanse NAVO verrichtte 80 procent van de operatie. De Europese NAVO deed haar best het tempo bij te houden. Zelfs de trotse Fransen, die zo fulmineren tegen overheersing door Amerika – en die samen met de Britten meer dan de helft van de vliegtuigen leverden die de overige 18 NAVO-lidstaten ter beschikking stelden – slaagden er met moeite in 8 procent van de vluchten uit te voeren. De tekortkomingen van de Europese toestellen waren zo ernstig dat de NAVO-planners zich gedwongen zagen het aantal missies te beperken om onnodig risico uit te sluiten. Dit verklaart mede waarom de nieuwe secretaris-generaal van de NAVO, George Robertson, zo somber is. ,,In Kosovo kwamen we oog in oog te staan met de toekomst van Europa'', zei Robertson destijds, ,,en die aanblik is beangstigend.''

Dus gaat Europa nu eindelijk iets aan zijn conditie doen om de krachtsverhoudingen binnen de NAVO in evenwicht te brengen? Het antwoord op die vraag lijkt nee te luiden, en in zoverre heeft Perle dus gelijk.

In Kosovo beschikten alleen de VS over voldoende geavanceerde gevechtsvliegtuigen en -bommenwerpers van de types F-14, F-15, F-16 en F-18 om een luchtmachtcampagne te voeren met het doel de oorlog te winnen zonder grondtroepen. En alleen de VS hadden de F-117 `Stealth'-gevechtstoestellen en zware B-2-bommenwerpers die zo ongrijpbaar bleken voor de Joegoslavische luchtverdediging. ,,De meeste Europese toestellen'', aldus de onlangs gepensioneerde hoge NAVO-officier Klaus Naumann, ,,moeten min of meer recht over hun doel vliegen, wat het stomste is wat je doen kunt, want zo maak je jezelf kwetsbaar voor de vijandelijke luchtverdediging.'' En als de NAVO wel voor de inzet van grondtroepen had gekozen? Dan hadden, opnieuw, alleen de VS voldoende transportvliegtuigen van de types C-5, C-141 en C-17 gehad om de operatie te doen slagen. Kortom, zonder de VS is een Europees militair optreden, zelfs een optreden in het piepkleine, nabijgelegen Kosovo, vrijwel ondenkbaar.

De problemen van de Europese defensie zijn niet moeilijk te begrijpen. De EVDI en dergelijke blijven saaie gespreksstof zolang Europa zich richt op het creëren van instituties in plaats van concrete slagkracht. Blair, Chirac en alle anderen beseffen dat terdege. Alleen slagkracht stelt iets voor – maar is voorlopig nog te kostbaar om er serieus werk van te maken. ,,Het is puur een kwestie van geld'', aldus Javier Solana, EU-woordvoerder voor het externe beleid.

Een simpele maar pijnlijke constatering. De VS besteden 3,2 procent van het bruto binnenlands product aan defensie – een cijfer dat vrijwel zeker omhooggaat als gouverneur Bush volgend jaar tot president wordt gekozen. De Europese bondgenoten besteden gemiddeld 2,1 procent. Wat wellicht nog belangrijker is, is dat de VS 36 miljard dollar per jaar opzijzetten voor de ontwikkeling van geavanceerde wapens en systemen voor het vergaren van inlichtingen. Daar ligt de toekomst. Precisiewapens die geringe nevenschade veroorzaken, en minimale risico's voor geallieerde strijdkrachten. In schril contrast hiermee staan de 10 miljard dollar die Europa besteedt aan hightech-wapens, waarvan bovendien nog steeds een deel wordt verkwist aan niet-competitieve, nationale projecten.

Natuurlijk kunnen en moeten de Europeanen een effectiever gebruik gaan maken van hun huidige defensiemiddelen – het consolideren en stroomlijnen van de nationale defensie-industrieën zou al helpen. Maar op den duur ,,zullen de defensiebegrotingen omhoog moeten'', aldus Solana. En daarvan is nog geen enkel teken te bespeuren. Integendeel. Verwacht iemand nu werkelijk een mededeling van de wankele rood-groene coalitie in Berlijn dat ze minder aan gezondheidszorg, onderwijs en milieu wil gaan besteden zodat ze meer kan uitgeven aan de geavanceerde wapensystemen waarmee toekomstige oorlogen zullen worden gevoerd? De Europese NAVO-lidstaten besteden thans ruwweg 12 keer zoveel aan sociale voorzieningen dan aan defensie. Wie verwacht nu werkelijk dat in die verhouding op afzienbare termijn reële verandering komt? Bij dit alles verdient een belangrijk detail nog vermelding: zelfs als Europa het geld had en de wil bezat om het uit te geven, dan nog zou het twintig jaar noeste volharding kosten om de kloof ten opzichte van de VS ook maar bij benadering te dichten. Sluit uw ogen en tel tot 36 miljard.

Dus laat de Europeanen toch, als ze meer zien in woorden dan in daden. Wat kan het schelen? De NAVO heeft in het verleden goed gefunctioneerd terwijl de VS de zwaarste lasten torsten – ondanks Amerikaanse ergernis en Europees ressentiment. Het vervelende is echter dat de Koude Oorlog inmiddels ver achter ons ligt. De vroegere ergernissen en ressentimenten aan weerszijden van de Atlantische Oceaan lijken zich te verscherpen. De Europeanen storen zich, onder aanvoering van de Fransen, steeds meer aan de Amerikaanse hegemonie. En de defensiekloof tussen de VS en Europa verbreedt zich, alle retoriek over Europese defensie-initiatieven ten spijt. Voor Atlantisch-gezinden in Europa en de VS vormt dit gegeven stof tot overweging. In de hoognodige Amerikaans-Europese dialoog over de EVDI wordt dat de interessante gespreksstof.

Jeffrey Gedmin is verbonden aan het American Enterprise Institute en directeur van het New Atlantic Initiative.