Vraagexplosie chips uitdaging voor Philips

Philips is drie magere jaren in de chipbranche succesvol doorgekomen met een zuinige investeringspolitiek. Nu moet het laten zien dat het ook een vraagexplosie aankan.

Plaats van handeling is dezelfde, maar de manier van zaken doen is ingrijpend veranderd. Een decennium geleden beet Philips de tanden stuk op `de Kathedraal', een productielocatie in Nijmegen waar een miljardenverslindend plan voor een supersterke geheugenchip gerealiseerd had moeten worden.

De kathedraal staat er nog altijd. Het elektronicaconcern opende er gisteren een extra productielijn voor chips, die een investering van 250 miljoen euro vergde. Maar anno 1999 schermt Philips niet meer met bijna megalomane plannen. Integendeel, het profileert zich als de meest prudente chipmaker ter wereld. Philips heeft enig recht van spreken, want in de dip die de chipbranche in de afgelopen jaren heeft doorgemaakt behoorde het Nederlandse bedrijf na het Amerikaanse Intel (microprocessoren voor computers) tot de best renderende chipmakers ter wereld.

Het recept van Philips valt grofweg uiteen in twee onderdelen. In de eerste plaats is tussen 15 en 25 procent van de chipproductie ondergebracht bij leveranciers buiten de deur, zoals het Taiwanese dochterbedrijf TSMC. Volgens operationeel directeur S. McIntosh van Philips Semiconductors is dat percentage externe leveranties ideaal. ,,Als je vijf procent uitbesteedt ben je geen serieuze partij'', zegt hij. ,,Als je vijftig procent uitbesteedt gaan je toeleveranciers ten onder aan je eisen. Want met de helft van de productie van een van de toptien-spelers in de chipbranche kun je de capaciteit van een fabriek makkelijk vullen.''

Tweede onderdeel van Philips' voorzichtige aanpak is uitstel van investeringen. Volgens McIntosh is dat mogelijk door fabrieken op tijd te bouwen, maar de benodigde apparatuur pas neer te zetten als de markt erom schreeuwt. McIntosh: ,,Huisvesting van een fabriek kost misschien wel honderd miljoen. Een enorme investering. Maar de apparatuur die we neer moeten zetten kost vele honderden miljoenen. We proberen deze investeringen te timen. De leveranciers [van chipapparatuur] worden er gek van. Onze werknemers worden er gek van. Maar alles is beter dan dat je de activiteiten te snel opbouwt en je de hele boel weer af moet breken.''

Met de nieuwe productielijn in Nijmegen wordt de productie opgevoerd met 100.000 tot 300.000 plakken silicium (zogeheten wafers waaruit chips worden gesneden). Die productiecapaciteit is volgens McIntosh direct geheel bezet met opdrachten van klanten.

De resultaten van Philips Semiconductors over het jongste kwartaal bleven iets achter bij de verwachtingen. Volgens McIntosh bemerkt Philips pas sinds kort de opgaande lijn van de chipmarkt, omdat het geen geheugenchips produceert. De stijgende prijzen in deze categorie sijpelen pas na enige tijd door in de chipmarkt voor toepassingen zoals auto's en consumentenelektronica. Na een paar sterke jaren zal Philips moeten aantonen dat zijn strategie ook werkt in een explosief groeiende markt. ,,Alle fabrieken zijn op dit moment tot aan de nok vol'', zegt McIntosh. ,,Onze grootste uitdaging is het voldoen aan de vraag.''

Het ziet er naar uit dat Philips zich daarbij nieuwe concurrenten van het lijf moet houden. Zo heeft het Koreaanse Samsung, fabrikant van geheugenchips, onlangs bekendgemaakt dat het chips voor andere toepassingen wil gaan maken. Technisch directeur T. Claasen maakt zich daarover echter niet al te veel zorgen. Volgens hem missen makers van geheugenchips de benodigde expertise op andere terreinen. ,,Samsung kan die overstap niet zomaar maken.''