Van klassenstrijd tot respect

Anton de Kom, auteur van Wij Slaven van Suriname, het bekendste boek over de Surinaamse geschiedenis en slavernij, werd in 1944 te Den Haag opgepakt en overleed in een concentratiekamp. Het was het einde van een consequente loopbaan, van sociaal rebel in Suriname tot verzetsman in Nederland. Tien jaar eerder had de maatschappelijke agitatie van De Kom in Suriname tot grote opwinding geleid onder arme landarbeiders en een crisis veroorzaakt in het koloniale bestuur, dat geen andere uitweg zag dan de vermeende communist De Kom arresteren en hem op de boot zetten naar Nederland. Voor generaties Surinamers werd hij daarna een nationale held, een man die had laten zien hoe het Hollandse regime met trots en eigenwaarde tegemoet kon worden getreden.

Met zijn boek (1934) wilde De Kom het proletariaat wakkerschudden, oftewel `het zelfrespect van de Surinamers opwekken', omdat `geen volk tot volle wasdom (kan) komen dat erfelijk met een minderwaardigheidsgevoel belast blijft'. Die beginselverklaring leest achteraf als een voorschot op de huidige psychologisering in het publieke debat over de zwarte slavernij. Ook in Wij Slaven van Suriname, een mooie documentaire van Frank Zichem en Ellen Brautigam over De Kom, wordt veel gesproken over het `trauma' van de slavernij en het `respect' dat ze verdienen. Andere termen uit De Koms verhaal – klassenstrijd, proletariaat – vallen alleen nog in de herinneringen van hoogbejaarden die hem ooit hoorden spreken. Een teken des tijds: de psychologische slachtofferverklaringen hebben overleefd, de sociale en historische diagnose niet.

De film gaat niet erg diep in op de historische achtergronden van de Surinaamse slavernij en het optreden van De Kom, en ook het suggestieve verband met de fragmenten van volksoproer in Paramaribo eerder dit jaar blijft onuitgewerkt. Dat is jammer, want juist bij een zwaarbeladen onderwerp als de slavernij gaat geschiedschrijving toch al zo vaak ongemerkt over in mythevorming en therapie. Daar staat in deze film gelukkig veel waardevols tegenover. De Koms leven wordt als `oral history' verteld door zijn kinderen, tijdgenoten en ooggetuigen. Een 100-jarige Javaan die als contractarbeider naar Suriname kwam, weet nog precies hoe hij stokslagen kreeg van zijn `wrede baas Van der Wees'; een 83-jarige communistische ex-binnenschipper haalt herinneringen op aan kameraad De Kom, die een charisma had `net als Lenin'. Een zoon van De Kom zien we bij de tramhalte waar zijn vader door de SD werd aangehouden.

Toch blijven er natuurlijk vragen. Hoe kon de cultus rond De Kom in Suriname zo snel zulke messianistische proporties aannemen? Waarom had hij juist onder de Javanen zoveel aanhang, en veel minder onder de hindoestanen en creolen? Beloofde hij de Javaanse contractarbeiders inderdaad een snelle terugkeer naar Indonesië? Interessant is het slotcommentaar van twee Surinaamse jongeren, die de tragische heroïek van De Kom ten volle onderkennen. Het zijn geschoolde adolescenten, waarschijnlijk uit de middenklasse. Dat is niet verwonderlijk. Het Surinaamse proletariaat waar De Kom op mikte, heeft inmiddels een andere held, met een beduidend kapitalistischer denkraam.

Wij Slaven van Suriname: Anton de Kom, RVU, Ned.3, 20.55-22.00u.