UPS met geld van beurs op overnamepad

Het Amerikaanse UPS is de grootste pakketdienst ter wereld. Maar de concurrentie groeit in de VS sneller dan UPS erbuiten. Onlangs haalde het bedrijf met een beursgang bijna 5,5 miljard dollar binnen. Daarmee gaat het naar verwachting op het overnamepad.

In 1907 begonnen twee tieners in Seattle een telefonische boodschappendienst. And the rest is history, pleegt men in de Verenigde Staten te zeggen.

United Parcel Service (UPS), zoals het bedrijf nu heet, is uitgegroeid tot de grootste pakketdienst ter wereld en ging onlangs met succes naar de beurs. Het bedrijf haalde met zijn emissie, waar maandenlang naar was uitgekeken, een recordkapitaal van 5,47 miljard dollar binnen. Dat was overigens slechts 10 procent van het bedrijf.

UPS, dat gevestigd is in Atlanta (Georgia), ging naar de beurs om kapitaal te krijgen in de vorm van aandelen. Niet alleen is het bedrijf serieus van plan overnames te doen in eigen land, ook internationaal is UPS voor een bedrijf van zijn omvang – 24,8 miljard dollar omzet per jaar – nog verrassend onbekend. Een interessant overnameobject is bijvoorbeeld de Nederlandse TNT Post Groep (TPG), die vorig jaar een omzet haalde van 8,7 miljard dollar.

UPS, TPG, Federal Express en DHL zijn de vier grootste particuliere pakketdiensten in de wereld. De internationale verzenddiensten groeien meer dan 15 procent per jaar en de groei is minstens zo groot in Azië als in Europa en de VS.

Het probleem van alle vier bedrijven is dat de pakketten gemakkelijk vertrekken vanaf de thuisbasis, maar te traag worden bezorgd in het land van bestemming. UPS bijvoorbeeld is een berucht slechte bezorger in Europa. Andersom heeft TPG moeite met zijn Amerikaanse distributie, die wordt uitgevoerd door Airborne Express. TPG zegt niet geïnteresseerd te zijn in een overname van Airborne. ,,Dat zou ons niet de dekking geven die we nodig hebben'', aldus topman Ad Scheepbouwer in Forbes.

Een internationale overname is bijna voorwaarde voor succes van UPS omdat de concurrentie sneller terrein wint op Amerikaanse bodem dan UPS buiten de landsgrenzen. UPS-topman James Kelly heeft met zoveel woorden gezegd dat de beursgang UPS aan het benodigde kapitaal moet helpen om overnames te doen.

In eigen land is UPS nog steeds dominant. Het bedrijf heeft een enorme impuls gekregen door de groei van e-commercie. Alle via Internet gekochte goederen moeten immers bezorgd worden en de grootste distributeur heeft daar in verhouding het meeste voordeel van. Vorig jaar omstreeks de kerst nam UPS 55 procent van alle via Internet gekochte goederen voor zijn rekening.

UPS kampt echter ook met problemen. Het bedrijf had ruim twee jaar geleden te kampen met een verlammende staking die de enorme ontevredenheid van zijn personeel aan het licht bracht. De wonden zijn nog niet geheeld. Niet alleen dreigt de Teamstersvakbond het bedrijf nog eens plat te leggen omdat UPS zich niet aan zijn beloftes zou hebben gehouden, ook de klandizie die UPS misliep kwam maar heel langzaam terug. De Amerikaanse Postal Service (USPS), FedEx en Airborne Express kregen alle kans om terrein te winnen.

De aandacht van de stroeve verhouding met de bond is echter even afgeleid door de belangen die werknemers hadden bij de beursgang, die aangekondigd werd in juli. UPS heeft de naam een bedrijf te zijn dat in handen is van zijn werknemers en velen hadden zich ook laten betalen in nog uit te geven aandelen. De emissie werd door het personeel met spanning tegemoet gezien.

Toen op de avond van de tiende november de stofwolken op de beursvloer waren opgetrokken hadden de werknemers in loondienst – UPS heeft 330.000 werknemers – 5,5 procent van de uitgegeven aandelen. De managementtop had ongeveer 1 procent en middenmanagers bezaten 30 procent. Stichtingen en erfgenamen van de oprichters hebben eveneens 30 procent van de aandelen en gepensioneerde werknemers hebben 25 procent. De rest ging naar jan publiek.

Het enthousiasme van beleggers voor UPS is nog nauwelijks getaand. De aandelen, die naar de beurs gingen voor 50 dollar elk, stegen eerst naar 75, zakten vervolgens tot 63 maar sloten vanmorgen toch weer op 66 dollar.