Sterke verhalen

De kinderoppas is zwanger. Ze wil thuis bevallen maar er is geen ruimte, want opa woont ook in haar appartement en die is bedlegerig. Besloten wordt opa tijdelijk naar het ziekenhuis te brengen. Het is haar al afgeraden en ja, na drie dagen is opa gestorven.

Nu de bevalling. Ze voelt weeën en belt de vroedvrouw. Die weigert te komen. Dood komt het kind ter wereld. Ze belt weer de vroedvrouw en die zegt dat haar hulp niet meer nodig is. Ze moet de politie maar bellen om de dode te laten registreren. Dat doet ze en ze wordt meteen verhoord wegens moord.

Ik wist dat het erg is in Rusland maar dit verhaal dat de in Moskou woonachtige uitgever Derk Sauer bij Zaal over de Vloer op Net5 vertelde, is een van de gruwelijkste. In arme landen of bij grote, persoonlijke armoede is niets vanzelfsprekend. De gewone dingen kosten tien keer zoveel tijd en inspanning. Je hoort die verhalen wel vaker, over achtergebleven familie van immigranten. Toch schijnt het in Moskou niet slecht te gaan, zegt Sauer en zeggen anderen.

Zelf heeft Sauer geen armoedeproblemen, want hij woont met zijn gezin op een beveiligd terrein vlakbij Moskou met een privé-school voor zijn kinderen. Alle diensten die wij hier gewend zijn, kunnen daar ook worden gekocht. Toch is zo'n uitzending vanuit zijn huis onthullend. Je hoort over het dagelijkse leven daar. De onvoorspelbaarheid, de plotselinge belastingaanslag van tien miljoen, de dagelijks merkbare gevolgen van de oorlog in Tsjetsjenië. Tijdens het gesprek wandelt Frans Bromet met zijn camera door alle kamers van het ruime huis. Door het raam is kaal besneeuwd bos te zien.

Ik kende Zaal over de Vloer al van de Amsterdamse zender AT5. Die uitzendingen werden op Net5 herhaald. Onderhand heeft Wim Zaal de interieurs van de hele bekende grachtengordel in beeld gebracht. Het lijkt me onprettig om het scherpe cameraoog van Bromet over de sleetse plekken van het vloerkleed te laten dwalen. Ik zou me opgelaten voelen. Maar als tv-voyeur kan ik het waarderen.

De meeste bekende Nederlanders zijn mooier ingericht dan ik, zwevende parketvlakten, alles keurig aan kant. Er gaat waarschijnlijk wel wat werk aan vooraf. Die halfdode plant gaat de deur uit. Portretten worden verhangen. Een niet uitgelezen standaardwerk krijgt een prominentere plaats. Je ziet leuke details. Goh, tekstschrijver Jan Rot heeft nog steeds zo'n computer als ik tien jaar geleden de deur uit heb gedaan. Welke tram zie ik daar over de straat rammelen? Huisbezoeken in het buitenland brengen daar nog de dimensie van het onbekende alledaagse bij. Zaal en Bromet kunnen daar wel enige tijd mee voort.

Sterke verhalen kreeg ik ook te zien in de maandagnacht uitgezonden docu van Werner Herzog over de in 1991 overleden acteur Klaus Kinski, Mein Liebster Feind. Zonder Kinski was Herzog nooit zo'n bekend regisseur geworden. Met Kinski's expressieve hoofd, waar de waanzin op uitbreken staat, spreekt zelfs een stomme film. Een knap acteur. Het hoge, bolle voorhoofd, de opengesperde ogen onder wenkbrauw-afdakjes. In anderhalf uur verhaalde Herzog over de schreeuwpartijen, het plotseling weglopen van Kinski. Bezocht oude filmlocaties. Hij had de acteur zelfs met moord bedreigd. Hij kende Kinski al van zijn vroege jeugd, toen de acteur als kamerbewoner het armoedige huis met hem en zijn moeder deelde.

En dan Fitzcarraldo, de krankzinnige speelfilm over een krankzinnig project. Over de kolkende rivier de opera naar een afgelegen stad brengen. Een schip met touwen en geïmproviseerde houten windas over een 100 meter hoge boshelling in Peru schuiven om een stroomversnelling te passeren. Kinski werd pas enthousiast toen het begon te lukken. Het opperhoofd van de helpende indianenstam was geërgerd en bood Herzog aan Kinski te vermoorden. Hij bedankte beleefd. Een indiaanse houthakker moest zijn voet afzagen toen hij door een giftige chuchupe-slang was gebeten. Hij redde het. Voor de opera, voor de kunst, voor de kijker. Ik zat vastgenageld.