Aanhoudingen in wijk `onrechtmatig'

Het zogenoemd preventief fouilleren tijdens een politieactie afgelopen vrijdag in Rotterdam is volgens rechter-commissaris P. Pulles ,,onrechtmatig''. Een van de mannen die bij de actie werden opgepakt voor illegaal wapenbezit is gisteren op last van de rechter-commissaris vrijgelaten.

Bij een grootscheepse politieactie werd de Rotterdamse Millinxbuurt hermetisch afgesloten. Iedereen die tussen acht uur en half elf de wijk in wilde, werd gefouilleerd op het bezit van wapens. De politie verrichte 31 arrestaties en nam vijf vuurwapens en twaalf slag- en steekwapens in beslag. De actie is een proef van de ministers Peper (Binnenlandse Zaken) en Korthals (Justitie). Doel is het toenemende vuurwapengeweld een halt toe te roepen. ,,We kijken hoe ver we kunnen gaan'', zei een politiewoordvoerder vrijdagavond.

Volgens de onderzoeksrechter heeft de politie op onrechtmatige wijze gebruikt gemaakt van collectieve fouilleringen. Er moet een `redelijk vermoeden' bestaan wil de politie iemand kunnen aanhouden. Volgens de Rotterdamse officier van justitie was bij vier van de zes gefouilleerden waargenomen dat ze een wapen hadden of snel hadden weggegooid. Twee anderen waren volgens hem in verband met een andere zaak bij de politie bekend, zodat ook bij hen een redelijk vermoeden kon bestaan dat ze een wapen bij zich hadden.

De rechter-commissaris toetste gisteren alleen de rechtmatigheid van de aanhoudingen. Op 22 december wordt een definitief oordeel over de methode geveld. ,,Wij wisten dat wij met iets bezig waren dat grensverleggend is en dat wij op het scherpst van de snede opereren'', aldus de Rotterdamse officier van justitie na het oordeel van de rechter-commissaris.

RAZZIApagina 3