Vonnis uroloog in cassatie bevestigd

Het hof in Arnhem heeft een uroloog terecht veroordeeld wegens het afgeven van een valse overlijdensverklaring na het toepassen van euthanasie bij een terminale patiënt.

De arts beriep zich ten onrechte op de regel dat hij, wanneer hij de euthanasie had gemeld, zou hebben meegewerkt aan zijn eigen veroordeling als het openbaar ministerie tot vervolging zou zijn overgegaan.

Dit heeft de Hoge Raad vandaag beslist in de cassatie die de uroloog eind 1997 had ingesteld tegen de uitspraak van het hof.

Het Arnhmese hof had hem veroordeeld tot een boete van vijfduizend gulden wegens valsheid in geschrifte. Het hof had de arts van rechtsvervolging ontslagen voor de euthanasie bij een patiënt in een vergevorderd stadium van prostaatkanker met veel uitzaaiingen in zijn skelet. Volgens het hof heeft de uroloog daarbij verantwoord gehandeld.

De uroloog had de euthanasie echter niet gemeld en een verklaring ondertekend waarin hij meldde dat zijn patiënt een natuurlijke dood was gestorven. Ter verdediging voor het afgeven van de valse overlijdensverklaring voerde de arts aan dat hij niet kon worden gedwongen aan zijn eigen veroordeling mee te werken. Weliswaar geldt in de huidige meldingsprocedure voor euthanasie dat de arts euthanasie bij de lijkschouwer moet melden, maar euthanasie wordt op dit moment in het wetboek nog aangemerkt als een misdrijf. Op grond van zogeheten nemo tenetur-beginsel zou het hof het openbaar ministerie niet ontvankelijk moeten verklaren, zo meende de arts. Het hof meent dat de meldingsprocedure voor euthanasie echter geen verplichting voor de arts bevat om een verklaring af te geven. Volgens het hof in Arnhem had de arts gewoon valsheid in geschrifte gepleegd en veroordeelde hem daarvoor.

Tijdens de behandeling in cassatie bleef de arts erbij dat, gezien het nemo tenetur-beginsel het openbaar ministerie niet ontvankelijk zou moeten worden verklaard.

Dit uitgangspunt heeft in de afgelopen jaren al herhaaldelijk een rol gespeeld in de discussie over het vraagstuk van euthanasie en hulp bij zelfdoding.