The World in 2000

Het Amerikaanse bedrijfsleven heeft momenteel hetzelfde aureool van onoverwinnelijkheid als het Japanse tien jaar geleden. Vandaag de dag is de superioriteit van de Amerikanen weliswaar duidelijk, maar niet universeel. Op het terrein van bijvoorbeeld luxe goederen en consumentenelektronica blijven ze achter. Dat neemt niet weg dat de Amerikanen volgens The World in 2000, een jaaruitgave van The Economist, op veel terreinen voorop lopen omdat ze in de jaren negentig meer werk hebben gemaakt van herstructurering dan de concurrenten in Azië en Europa.

Of dat zo blijft is een open vraag omdat Europa in een soortgelijke positie komt als Amerika waar het bedrijfsleven altijd kon en kan rekenen op een thuismarkt van 250 miljoen mensen. Dankzij de Europese eenwording moeten nu ook de Europese ondernemingen in staat zijn te profiteren van de voordelen van economische grootschaligheid.

Voor veel autoproducenten ziet de toekomst er echter somber uit, met name in Europa, waar de markt kampt met een overcapaciteit van dertig procent. Alleen DaimlerChrysler en Volkswagen maken een behoorlijke winst. Het ligt voor de hand dat Fiat en Peugeot, beide twee keer zo klein als Volkswagen, in de nabije toekomst opgeslokt worden door grotere concurrenten uit Europa of Amerika, nog voor het eerste jaar van het nieuwe millennium is verstreken. Verder ziet het er naar uit dat auto's op grote schaal verkocht gaan worden via het Internet, op de manier waarop Dell zijn computers aan de man brengt.

's Wereld oudste managementgoeroe, Peter Drucker, bespreekt in deze jaaruitgave de toekomst van de elektronische handel. Zijn uitgangspunt is dat levering voor de meeste traditionele bedrijven een ondersteunende functie heeft, een routinebezigheid voor administratieve medewerkers. Hij betoogt dat levering in de elektronische handel een kernkwaliteit zal worden, omdat het de enige mogelijkheid zal worden om zich te onderscheiden van de concurrenten. Zoals het railvervoer meer dan een eeuw geleden de afstanden verkleinde zo elimineert de elektronische handel de afstand volledig. Dat betekent dat iedere organisatie die zijn levering goed organiseert overal ter wereld kan opereren zonder fysiek aanwezig te zijn. Zo zal de elektronische verkoop van auto's een grote vlucht nemen.

De auteur noemt als voorbeeld de groei van CarsDirect.com in Los Angeles. De onderneming werd opgericht in januari van dit jaar en was in juli al een van de twintig grootste autodealers in Amerika, opererend in veertig van de vijftig staten, met een verkoopcijfer van duizend auto's per maand. Natuurlijk zijn er al meer elektronische autodealers, maar CarsDirect.com onderscheidt zich van de concurrenten met een uniek leveringssysteem, door contracten te sluiten met 1100 traditionele dealers die rechtstreeks leveren aan de koper op een gegarandeerde leveringsdatum.

The World in 2000 is een uitgave van The Economist

www.theworldin.com

The Guardian Weekly

Als Mike Moore van de Wereldhandelsorganisatie WTO beweert dat zijn bureaucratie zo democratisch mogelijk is en dat iedereen profiteert van vrije handel dan staat zijn geloofwaardigheid op springen. Tony Juniper, directeur van Vrienden van de Aarde, meent in The Guardian Weekly dat beide beweringen gewoon niet waar zijn. Het democratische gehalte van de WTO wordt bepaald door het feit dat de besluiten van de organisatie worden genomen in besloten sessies door niet-gekozen bureaucraten. Nationale overheden of consumentenorganisaties hebben geen invloed op de besluitvorming van de WTO, om maar te zwijgen van bijvoorbeeld bananentelers uit het Caraïbisch gebied.

De WTO is weliswaar een regeringsorganisatie, maar is verre van representatief want haar doelstellingen en activiteiten zijn bepaald door organisaties als de Internationale Kamer van Koophandel. Het succes van de industriële lobby overtreft alles wat niet-gouvernementele organisaties als Vrienden van de Aarde ooit hebben bereikt.

Sterker nog, nu de industriële tariefbarrières uit de weg zijn geruimd is het Europese en Amerikaanse bedrijfsleven druk doende ook andersoortige barrières op te heffen, inclusief verplichte ecologische keurmerken en regulering op het terrein van milieu en gezondheid.

De enorme invloed van de industrie op regeringsorganisaties is gebaseerd op het idee dat de belangen van het grote bedrijfsleven dezelfde zijn als die van de samenleving en dat permanente groei vanzelf leidt tot duurzame ontwikkeling.De grootste bedreiging voor de aarde is het blinde vertrouwen in het idee dat steun aan grote bedrijven de beste manier is om de armen te helpen en het milieu te beschermen.

Het probleem, repliceert Charlotte Denny namens The Guardian, is niet zozeer dat er teveel vrije handel is maar dat het Westen het beginsel van de vrije handel nooit serieus heeft genomen en haar markten altijd heeft afgeschermd voor goederen uit de sectoren die het belangrijkst zijn voor de Derde Wereld, textiel en landbouw

De vraag die de opponenten van de WTO nooit beantwoorden is wat eigenlijk de alternatieven zijn voor het handelssysteem zoals de WTO dat hanteert. Zonder tussenkomst van de WTO zou de regulering van de markt geheel in handen komen van de grote landen en de grote ondernemingen.

Organisaties als de Vrienden van de Aarde suggereren nogal eens dat de overheden van ontwikkelingslanden de belangen van hun onderdanen schaden door mee te doen aan de WTO, en dat Derde-Wereldleiders die in vrije handel geloven per definitie corrupt zijn.

Volgens The Guardian is dat een vorm van neokolonialisme. Natuurlijk kun je je afvragen hoe vrij de verkiezingen eigenlijk zijn in de ontwikkelingslanden, maar wiens belangen worden eigenlijk vertegenwoordigd door degenen die protesteren tegen de WTO?

    • Herman Frijlink