Oost-Afrika vormt Economische Unie

Vandaag tekenen de staatshoofden van Kenia, Tanzania en Oeganda een verdrag voor oprichting van de East African Community, naar het voorbeeld van de EEG in de jaren '50. Op termijn moet er een politieke unie komen.

De laatste keer dat de drie landen van Oost-Afrika hun krachten bundelden – in de jaren `70 – eindigde hun economische en politieke unie in een bittere en bloedige scheiding. Kenia en Tanzania kregen al snel ruzie over het economisch beleid en de machtshonger van Idi Amins hardvochtige militaire regime in Oeganda deed alle hoop op een politieke alliantie in rook opgaan.

Tegen eind 1979, toen Amin door het Tanzaniaanse leger en een groep Oegandese vluchtelingen werd afgezet, was het te laat voor een serieuze verzoeningspoging. De Oost-Afrikaanse Unie werd in 1977 al formeel opgeheven en Amin had te veel leed veroorzaakt en schade aan de onderlinge relaties toegebracht.

Maar vandaag staan de drie landen op het punt de draad weer op te pakken. De nieuwe leiders laten zich niet afschrikken door pijnlijke mislukkingen in het verleden. Ze zien integratie als de beste mogelijkheid om hun zwakke economieën op te vijzelen en de extreme armoede onder hun bevolkingen te verminderen.

In de Noord-Tanzaniaanse stad Arusha tekenen drie presidenten vandaag een verdrag voor oprichting van de East African Community (EAC), een economische unie naar het voorbeeld van de EEG in de jaren `50, met 80 miljoen inwoners. Uiteindelijk moet die unie net als de EU een politieke federatie opleveren. Samen sterk, is het wachtwoord van de drie landen, die gokken op economische schaalvergroting. Als eerste stap gaan ze een regionaal economisch masterplan opstellen. Dat plan moet investeringen stimuleren, vooral in transport- en communicatienetwerken, elektriciteitsproductie en industriële activiteiten.

,,Om goed te concurreren op de wereldmarkt is een combinatie van onze hulpmiddelen en grondstoffen onontbeerlijk'', zegt Nicholas Biowatt, de Keniase minister van Economische Zaken en toerisme.

Volgens het Unieverdrag moet elk land uiterlijk over vier jaar de interne douanetarieven en de exportheffingen volledig hebben afgeschaft. Het monetaire beleid ondergaat harmonisatie en de effectenbeurzen worden gecombineerd. Een gezamenlijke strategie voor alle economische activiteiten – van wegen- en spoorverbindingen tot safarivakanties voor buitenlandse toeristen - moet meer steun van donorlanden en private investeringen uitlokken.

De architecten van de economische unie rekenen op succes, omdat de regio nu veel stabieler is en er veel meer steun is voor een vrije markt dan in het verleden.

,,De stuwende kracht van deze integratie komt van private initiatieven en niet van de overheden. De regeringen zorgen met dit verdrag wel voor een stimulans en een kader voor de economische samenwerking'', zegt Francis Muthaura, secretaris van de commissie die het ontwerp-verdrag samenstelde.

Belangrijkste drijfveer voor de drie regeringen om nauw samen te werken is dat elk van de drie landen er individueel niet in is geslaagd de leefomstandigheden van veruit het grootste deel van de bevolking te verbeteren, in de afgelopen vier decennnia sinds ze onafhankelijk werden van Groot-Brittannië. De landbouw bleef in alle drie economieën de belangrijkste bestaansbron. Het gemiddelde inkomen per hoofd van de bevolking bedraagt in de regio slechts circa 250 dollar (545 gulden) per jaar.

Landbouwers en veetelers onder de stammen trekken zich van oudsher overigens weinig aan van de kunstmatige grenzen die vroeger door koloniale overheersers zijn vastgelegd. De Masaï bijvoorbeeld, trekken met hun kuddes door een groot gebied in Zuid-Kenia en Noord-Tanzania. ,,Als de prijzen voor vee in Kenia aantrekkelijker zijn, passeren ze de grens van Tanzania en verkopen hun dieren in Nairobi'', zegt een Oegandees lid van de commissie die het verdrag opstelde. ,,We moeten die grensoverschrijdende handel blijven aanmoedigen.''

Maar Oegandese en Tanzaniaanse zakenlieden zijn niet zo gecharmeerd van het initiatief van hun leiders. Ze vrezen dat producenten uit Kenia - het land met relatief de sterkste economie - hun markten met goederen zullen overstromen, waardoor hun hoop op versteviging van de eigen industrie vervliegt. ,,Kenia zal ons verstikken. Zij hebben meer en betere vakmensen en hun industrie heeft al een lange ontwikkeling doorgemaakt, vergeleken met de onze'', zegt Mohammed Dewji, directeur van een groot Tanzaniaans handelshuis. ,,Ik denk dat het absulute idiotie is om nu een verdrag met Kenia te tekenen.'' (Reuters)