Miljardensteun staalindustrie VS

De Amerikaanse staalindustrie heeft de afgelopen twintig jaar miljarden dollars overheidssubsidie ontvangen.

Dat staat in een rapport van het American Institute for International Steel (AIIS), dat gisteren is uitgebracht. Staalbedrijven in de Verenigde Staten krijgen volgens het rapport subsidies op federaal en locaal niveau en ook nog per staat.

Tegelijkertijd hebben de bedrijven een machtige lobby in de hoofdstad Washington die buitenlandse bedrijven de voet dwarszet met een beroep op de Anti-dumpingwetten. Een klacht indienen onder verwijzing naar die wetten is vaak al genoeg om een buitenlands bedrijf maandenlang te verhinderen staal te importeren. Bovendien kunnen die bedrijven niet anders dan dure, vooraanstaande advocaten inhuren om de schade beperkt te houden.

,,Omdat de binnenlandse propagandisten van de staalindustrie almaar doorgaan met hun eigen problemen te wijten aan vermeende subsidiëring van grote, buitenlandse staalexporteurs,'', zei Horst Buelte van het AIIS, ,,dachten wij dat het passend was om aan te tonen dat binnenlandse producenten niet helemaal vies zijn van het aannemen van geld uit handen van overheidsinstanties.''

Niet toevallig komt het rapport uit op de eerste dag van de Wereldhandelstop in Seattle (Washington). Buelte wijst erop dat de WTO probeert de vrije handel te bevorderen. ,,Wij dringen er bij Amerikaanse onderhandelaars op aan binnen de eigen landsgrenzen te kijken alvorens onze buitenlandse handelspartners de les te lezen over marktverstorende overheidssteun.''

Amerikaanse organisaties van staalproducenten verwezen het rapport naar de schroothoop. In een gezamenlijke reactie van de American Iron and Steel Institute (AISI) en de Steel Manufacturers of America (SMA) spreken de organisaties van een ,,bevooroordeelde compilatie opgesteld door vertegenwoordigers van buitenlandse producenten die zich schuldig maken aan oneerlijke praktijken.'' Het rapport signaleert volgens de producenten ,,een probleem dat niet bestaat.'' Het ,,beetje hulp'' dat de VS geeft aan staalproducenten is ,,onbeduidend'' en ,,niet handelsverstorend''.

Voorbeelden van de subsidies die de staalindustrie krijgt zijn volgens het rapport legio. Een recente wet geeft noodleningen aan staalbedrijven die geen krediet meer kunnen krijgen. Kosten voor de belastingbetaler: 1 miljard dollar in leengaranties. Een wet uit 1988 stelde 150 miljoen beschikbaar voor research voor de industrie. Om de schade van het terugdraaien van aftrekbare investeringen te beperken is er in 1986 een noodprogramma aangenomen dat in vier jaar tijd 574 miljoen dollar heeft gekost. Een pensioenprogramma voor vervroegd gepensioneerde werknemers van honderdvijftig staalbedrijven kostte de Amerikaanse staat 2 miljard dollar. De staalindustrie wordt beschermd tegen concurrentie uit het buitenland. Amerikaanse consumenten daardoor meer.

    • Lucas Ligtenberg