De schuldencyclus doorbroken

De plechtige afkondiging van een overschot op de rijksbegroting is nog slechts een kwestie van tijd. Maar minister Zalm heeft er belang bij dit tekort op papier zo lang mogelijk te laten bestaan.

Het begrotingstekort van de rijksoverheid bestaat niet meer. Minister Zalm zal het boekjaar 1999 afsluiten met een overschot van 0,2 à 0,4 procent. Niemand in Den Haag zegt het nog met stelligheid, maar de verwachtingen zijn hooggespannen. En het zijn meer dan verwachtingen. De economie blijft sneller groeien dan de rekenmodellen kunnen bijhouden. De opbrengst van belastingen en premies zal nog veel harder meevallen dan ze al meeviel.

Officieel staat de meter nog op 0,2 procent begrotingstekort aan het einde van dit jaar. Het is een raming. Omstreeks de jaarwisseling is er meer te zeggen over de verwachte belasting- en premie-inkomsten voor 1999. Pas in februari zijn harde cijfers beschikbaar, als de balans van inkomsten en uitgaven over het afgelopen boekjaar is opgemaakt.

Na opwekkende berichten, vorige week, over aanhoudende en zelfs versnelde economische groei is Zalms plechtige afkondiging van een begrotingsoverschot nog slechts een kwestie van tijd. Die conclusie valt alleen al te ontlenen aan het permanente `gat' tussen ramingen en werkelijke cijfers uit de afgelopen jaren. De marge daartussen varieert van 0,1 en 0,5 procent. Gezien de florissante economische ontwikkeling mag het verwachte tekort van 0,2 procent tekort op voorhand al worden weggepoetst.

En er zijn hardere aanwijzingen dat de prognoses al door de werkelijkheid zijn ingehaald. In de rapportages van Financiën aan het Internationale Monetaire Fonds staat de Nederlandse rijksbegroting al niet meer in rode cijfers geschreven. Voor de twaalf maanden van november 1998 tot en met oktober 1999 geldt een overschot van 0,4 procent.

Minister Zalm heeft er herhaaldelijk op gewezen dat een dergelijk voortschrijdend `12-maanden-gemiddelde' nog geen positieve balans voor het boekjaar 1999 hoeft op te leveren. In december zou er door rentebetalingen weer een tekort kunnen opdoemen. Inmiddels toont ook Zalm zich optimistischer over zijn jaarcijfers. Op een bijeenkomst van EU-ministers van Financiën in Brussel zei Zalm gisteren desgevraagd dat er mogelijk al over 1999 een klein overschot uit de bus komt.

De nu geldende ramingen voor de economische groei in 1999 (CPB: 2,75 procent; Europese Commissie: 3 procent) zijn volgens Zalm aan de lage kant. Zalm houdt rekening met nog meer inkomstenmeevallers dan de 2,5 miljard gulden die hij onlangs al heeft ingeboekt. Een flink deel daarvan zal niet eenmalig zijn maar structureel, aldus Zalm gisteren in Brussel.

Het bereiken van een begrotingsevenwicht zal van grote psycholgische betekenis zijn. Sinds een kwart eeuw heeft de rijksoverheid jaar na jaar de staatsschuld laten oplopen, naar ruim 530 miljard gulden op dit moment. Volgend jaar zal de Staat circa 30 miljard gulden rentelasten moeten opbrengen, wat iedere Nederlander dagelijks bijna vijf gulden aflossing kost. Het moment waarop deze schuldencyclus is doorbroken, wordt ongetwijfeld als een gedenkwaardig moment gemarkeerd.

De politieke betekenis van budgettair evenwicht of overschot zal intussen nog veel groter zijn. Immers, het regeerakkkoord voorziet niet in deze mate van voorspoed. Volgens de coalitie-afspraken van paars-II gaan meevallende inkomsten voor de ene helft naar de reductie van het begrotingstekort en voor de andere helft naar lastenverlichting voor burgers en bedrijven. Beide bestemmingen beginnen zo langzamerhand meer dan verzadigd te raken.

Geld voor een reductie van het tekort op de rijksbegroting heeft Zalm voorlopig niet meer nodig. Niet alleen voor 1999 lijkt het tekort nog slechts op papier te bestaan, ook voor 2000 zijn de tekenen gunstig. Officieel staat de raming voor 2000 nog op een tekort van 0,5 procent, maar analisten van ABN Amro hebben dit cijfer al bijgesteld tot een overschot van 0,2 procent.

En dan is er die andere bestemming van meevallende inkomsten, de lastenverlichting. De komende drie jaar is hiervoor al bijna 8 miljard ingeboekt. Als de economische groei blijft doorzetten (wat de EU, de OESO en de banksector verwachten), dan zou er voor lastenverlichting in de rest van deze kabinetsperiode zelfs 10 à 12 miljard gulden vrijkomen. Althans, als het kabinet de meevallers blijft verdelen naar de letter van het regeerakkoord.

Tot in de Raad van State klinkt intussen de waarschuwing dat de Nederlandse economie niet nodeloos verder moet worden opgepookt met lastenverlichting. Het zou de inflatie en daarmee loongolven aangejagen, met alle gevaren vandien. De arbeidsmarkt kan bovendien in diverse sectoren de groei niet of nauwelijks bijbenen.

Daarmee ligt voor de komende maanden een nijpend politiek luxe-probleem op tafel. Wat te doen met de verwachte miljarden-meevallers, nu het begrotingstekort is weggewerkt en de algemene lasten wel licht genoeg zijn? De VVD pleit nadrukkelijk voor versnelde aflossing van de staatsschuld. PvdA en D66 willen vooral extra geld voor bijvoorbeeld onderwijs, zorg en milieu.

Er is iets te zeggen voor een gerichte verruiming van de overheidsuitgaven. Het extra geld voor `nieuw beleid' uit het regeerakkoord is nog steeds gebaseerd op een scenario van 2,25 procent economische groei per jaar. Die behoedzaamheid is inmiddels behoorlijk verbleekt. Maar er pleit ook iets tégen extra uitgaven. Het is hetzelfde wat valt in te brengen tegen meer lastenverlichting: ook extra bestedingen kunnen bijdragen aan oververhitting van de Nederlandse economie en daarmee contraproductief zijn.

Het is bovendien niet alleen een economisch maar ook een politiek probleem. Als het kabinet zou besluiten tot extra uitgaven, betekent dit een breuk met de Zalm-norm, die uitgaven en inkomsten van het rijk strikt gescheiden houdt. Minister Zalm is zeer beducht voor een situatie waarin inkomsten al worden `verjubeld' voordat ze feitelijk zijn verdiend.

Tot nu toe heeft Zalm de politieke druk kunnen weerstaan door erop te wijzen dat een eventueel begrotingsevenwicht of -overschot van tijdelijke aard zal zijn. De invoering van de belastingherziening in 2001 gaat gepaard met een lastenverlichting van inmiddels ruim 5,5 miljard gulden. Het begrotingstekort zou hierdoor in 2001 uitkomen op maar liefst 1,2 procent.

De `hardheid' van deze prognose is nog twijfelachtiger dan de ramingen die gelden voor dit en volgend jaar. Het verwachte tekort voor 2001 is vooral een politiek cijfer. De komende twee maanden staan Zalm en zijn staatssecretaris Vermeend voor de krachttoer hun belastingherziening door de Tweede Kamer te loodsen. Bij die behandeling hebben alle Tweede-Kamerfracties hun wensen op tafel gelegd om (delen van) hun achterban nog eens extra voordeel te bieden. Het gevaar bestaat dat er wisselende Kamermeerderheden ontstaan om al deze afzonderlijke groepen aan allerlei extra's te helpen, zoals ook bij de algemene beschouwingen na Prinsjesdag gebeurde. De honderden miljoenen extra, afgedwongen door moties, vlogen toen door de Kamer.

Zalm heeft de grenzen getrokken: eerst het nieuwe belastingplan voor minder dan 6 miljard gulden `smeerolie' aanvaard krijgen, daarna gunstige, nieuwe cijfers vastleggen in de Voorjaarsnota en daarna pas politiek beraad voeren over de besteding van meevallers in de resterende kabinetsperiode. Iedere minister van Financiën weet dat begrotingsdiscipline bij een overschot lastiger te verkopen valt dan bij een tekort.

Een tekort op papier zal Zalm zo lang mogelijk verdedigen.

    • Egbert Kalse
    • Gijsbert van Es