Celstraf uitzitten in Nederland

Nederlandse gevangenen in een Marokkaanse cel kunnen een verzoek indienen om hun straf in Nederland uit te zitten. Vandaag werd het verdrag tussen bijde landen getekend.

In Rabat is vanochtend het Marokkaans-Nederlandse verdrag ondertekend dat het voor Nederlandse gevangenen in Marokko mogelijk maakt hun straf in Nederland uit te zitten. De afgelopen jaren is bij herhaling door Nederlandse gedetineerden aangedrongen op de totstandkoming van een dergelijke overeenkomst. Daarbij werden de ministeries van Buitenlandse Zaken en Justitie meerdere malen laksheid en onwil verweten.

De kwestie rond de mogelijkheid voor Nederlandse gevangenen om in hun eigen land hun straf uit te zitten was jarenlang inzet van parlementair getouwtrek. In vrijwel alle gevallen betreft het gedetineerden die zijn veroordeeld wegens de smokkel van drugs. Afgezien van de hoge straffen zijn het vooral de slechte omstandigheden in de Marokkaanse gevangenissen die de gevangenen parten spelen. Hoewel er sinds enige tijd in Marokko voor buitenlandse gevangenen ook kleinere cellen beschikbaar zijn, vormen ruimtes voor twintig gevangenen zonder sanitair geen uitzondering.

D66-Kamerlid Boris Dittrich, die de gevangenen in Marokko opzocht en bij herhaling kamervragen rond het uitblijven van het uitwisselingsverdrag stelde, meent desgevraagd dat het nieuwe verdrag ,,een stap in de goede richting'' is. Dittrich hekelde echter wel de moeizame totstandkoming van de regeling. ,,Ik heb het gevoel dat deze zaak sneller afgewikkeld had kunnen worden als de minister zich echt verantwoordelijk had gevoeld. Er is erg veel druk voor nodig geweest'', aldus Dittrich.

De vertraging in de totstandkoming van de overeenkomst werd ondermeer veroorzaakt doordat Nederland zich op het standpunt stelde dat de uitwisseling in principe via multilaterale verdragen op Europese leest geregeld moest worden. Dat laatste was voor Marokko niet aanvaardbaar. Volgens Dittrich bestond er in juridische kring daarnaast het bezwaar dat een verdrag de erkenning van de Marokkaanse rechtspraak inhoudt. ,,Dat is een mooie principiële discussie, maar daar hebben de gevangenen weinig aan'', aldus het Kamerlid.

Onder de zaken die de afgelopen jaren de pers haalden was het geval van de Nederlandse vrachtwagenchauffeur Ferry P. Hij werd aan de grens aangehouden met enkele honderden kilo's hasj verborgen in een lading tomaten. P., die naar eigen zeggen geen weet had van de smokkelwaar in zijn auto, werd veroordeeld tot een gevangenisstraf van 20 jaar en een geldboete van tienduizenden guldens. P. heeft inmiddels zes jaar van zijn straf uitgezeten.

Het verdrag, dat vanochtend ceremonieel werd gesloten tussen de Marokkaanse minister van Justitie Omar Azziman en de Nederlandse ambassadeur H.J. van Pesch biedt de mogelijkheid aan gedetineerden om een aanvraag in te dienen tot overplaatsing naar Nederland. In principe heeft Nederland zich daarbij verplicht om het Marokkaanse vonnis te respecteren. In praktijk wordt een aanzienlijke strafvermindering verwacht.

Volgens ambassadeur Van Pesch komt ongeveer de helft van de ruim tachtig Nederlandse gevangenen in aanmerking voor overplaatsing. De andere helft bezit naast de Nederlandse ook de Marokkaanse identiteit en valt daarom buiten de verdragsregeling. De verdragstekst treedt begin volgend jaar in werking. Volgens Van Pesch is nog niet te zeggen hoe lang het zal duren voordat de eerste gevangenen worden overgeplaatst.