Verkiezingen lakmoesproef Mahathir

Vandaag gaat Maleisië naar de stembus. Premier Mahathir neemt het voor het eerst in dertig jaar op tegen een verenigde oppositie. Hij heeft gewaarschuwd voor chaos en onrust indien zijn tegenstanders zouden winnen. Mahathir en de `Anwar-factor'.

Eerder deze maand liet Anwar Ibrahim vanuit de gevangenis weten geen kandidaat te zijn bij de parlementsverkiezingen, vandaag in Maleisië. Zijn kandidatuur zou toch niet worden geaccepteerd door de nationale verkiezingscommissie, zo motiveerde hij zijn besluit. Toch blijft de vice-premier die vorig jaar in ongenade viel, tot zes jaar gevangenisstraf werd veroordeeld wegens machtsmisbruik en nu wordt vervolgd op beschuldiging van homoseksuele uitspattingen, een luis in de pels voor premier Mahathir Mohamad. Als vandaag zijn UMNO-partij (United Malays National Organizaton) stemmenverlies lijdt, kan Mahathir dat terugvoeren op de `Anwar-factor'.

Waarnemers houden er rekening mee dat de bijna 74-jarige premier, de langstdienende regeringsleider in Azië, de vijfjaarlijkse populariteitstest deze keer niet geheel zonder kleerscheuren zal doorkomen. Maar ze verwachten ook dat het verlies beperkt zal blijven. Niemand houdt er serieus rekening mee dat de oppositie genoeg aanhang weet te mobiliseren om de huidige regeringscoalitie, de Barisan Nasional, te verslaan. Daarvoor zit het `Nationale Front' – een alliantie die wordt gedomineerd door de Maleise UMNO, maar waarin ook de belangen van de economisch machtige Chinese zakenelite (de Malaysian Chinese Association) en de bevolkingsgroep van Indiërs (Malaysian Indian Congress) zijn vertegenwoordigd – te stevig in het zadel. Het is al 30 jaar geleden dat de nationale alliantie voor het laatst geen tweederde meerderheid in het parlement haalde – een zetelovermacht die Mahathir de afgelopen jaren in staat heeft gesteld vrijwel ongehinderd zijn wil door te voeren.

De arts Mahathir werd op 16 juli 1981 de vierde premier van de onafhankelijke Federatie van Maleisische Staten, en de eerst niet-aristocratische regeringsleider van het multiraciale land. Sindsdien heeft hij zich met succes ingespannen voor modernisering van de economie en voor het uitvoeren van de historische opdracht van de UMNO: het bereiken van een groter aandeel van de onderontwikkelde Maleise bevolkingsgroep – de bumiputra's (zonen der aarde) – in de economische bedrijvigheid en welvaart. Onder zijn leiding heeft Maleisië zich ontwikkeld tot een Aziatische `tijger' waaraan buitenlandse investeerders graag hun geld toevertrouwden. Dankzij de hoge jaarlijkse groeicijfers was er de afgelopen decennia genoeg welvaart om etnische spanningen te voorkomen.

Mahathir heeft daarvoor alom lof geoogst. Maar hij heeft in het buitenland ook de reputatie opgebouwd van propagandist van `Aziatische waarden' die, toen die veronderstelde `waarden' tekort schoten om de recente Aziatische crisis te voorkomen, de grens van het betamelijke overschreed door uit te halen naar ,,de joodse speculant'' Soros. Sinds het uitbreken van de affaire-Anwar zijn ook in eigen land Mahathirs minder prettige eigenschappen in de schijnwerpers komen te staan. De premier houdt niet van tegenspraak. Zijn autoritaire optreden en het monddood maken van politieke tegenstanders – Anwar was niet de eerste politicus die achter de tralies verdween – wordt in het verkiezingsmanifest van de oppositie aangeduid als ,,repressie''. Bovendien wordt zijn regime beticht van corruptie en nepotisme.

De affaire-Anwar heeft de oppositie bijeen gebracht in het `Alternatieve Front', een `reformasi'-coalitie van vier, gezien hun etnische en ideologische achtergrond, ongemakkelijke bedgenoten. De meest prominente is de Parti Keadilan Nasional (de partij van `nationale rechtvaardigheid') die in april werd opgericht door de oogarts Wan Azizah Wan Ismail, de vrouw van Anwar. `Keadilan' bevindt zich in één kamp met onder andere de Democratic Action Party (DAP), een oude sociaal-democratisch partij met een overwegend Chinese achterban. De DAP is altijd afkerig geweest van UMNO's beleid van positieve discriminatie van Maleiers, waarvoor ook Anwar tot zijn gedwongen ontslag tekende. De vier partijen van het Alternatieve Front zijn dan ook vooral verenigd door hun wens een eind te maken aan het bewind van Mahathir. Om zo sterk mogelijk te staan hebben ze in kiesdistricten gezamenlijke kandidaten ingezet en hebben ze afgesproken onderlinge scherpslijperij achterwege te laten.

Die toezegging heeft ook de fundamentalistische Parti Islam Sa-Malaysia (PAS) gedaan, de partij binnen het Alternatieve Front die misschien wel de grootste bedreiging vormt voor Mahathir. Sinds 1990 is PAS aan de macht in Kelantan, de enige van de 13 Maleisische deelstaten in handen van de oppositie. Net als UMNO is PAS een islamitische partij die opkomt voor de belangen van de Maleiers. Maar de bescheiden 68-jarige eerste minister van Kelantan, Nik Abdul Aziz Nik Mat, is de tegenpool van Mahathir. Voor Nik Aziz, die in een houten huisje buiten de hoofdstad Kota Baru woont, is de islam a way of life die niet ophoudt bij de grens tussen staat en religie. Hij legde de verkoop van alcohol aan banden, liet nachtclubs en gokhallen sluiten en dreigde met boetes voor bedrijven die vrouwelijke personeelsleden zonder hoofddoek lieten werken.

Kelantan is een achtergebleven plattelandsstaat, waar geen torenhoge, moderne kantoorgebouwen zijn te vinden zoals in Kuala Lumpur en waar investeerders hun geld niet hebben gestoken in prestigieuze high tech projecten zoals elders in Maleisië. ,,Nik Aziz's populariteit is gebaseerd op zijn prestige als ulama (islamitisch schriftgeleerde). Als bestuurder en politicus geniet hij geen hoge populariteit'', zei onlangs een UMNO-vertegenwoordiger tegen de Far Eastern Economic Review.

Maar juist dat onbezoedelde imago kan aantrekkingskracht hebben voor Maleise kiezers die geen vertrouwen meer hebben in Mahathir. Volgens eigen opgave is het ledental van PAS sinds het uitbreken van de Anwar-affaire met meer dan 120.000 leden gegroeid tot ruim 600.000. Cruciaal is of PAS erin slaagt haar positie in Kelantan te handhaven en door te breken in naburige deelstaten zoals Perlis, Terengganu en Kedah die een grote Maleise bevolkingsmeerderheid hebben. ,,Als Mahathir hier verliest, zal dat zijn prestige ernstig aantasten en zal zijn leiderschap ook binnen de UMNO ter discussie komen te staan'', zeggen waarnemers.

Dat laatste wil Mahathir voorkomen. Hij heeft dreigend laten weten dat een overwinning van de oppositie (`Laat het geweld niet triomferen') wel eens heel vervelende gevolgen kan hebben voor de stabiliteit, de raciale rust en de economische voorspoed. Mahathir verwees daarbij naar de traumatische gebeurtenissen van 30 jaar geleden, toen na verlies van de regeringsalliantie (de voorloper van het Nationale Front) rassenrellen uitbraken waarbij honderden, voornamelijk Chinese slachtoffers vielen. Met andere woorden: alleen met Mahathir aan het roer zijn welvaart en rust gegarandeerd. De kiezers moeten vandaag wel zeer veel moed tonen, willen ze die in de grote gezagsgetrouwe kranten breed uitgedragen boodschap negeren.

    • Wim Brummelman