Schuiven met geld binnen defensie-apparaat

Minister De Grave presenteerde vandaag zijn Defensienota. Duurder personeelsbeleid, paraat voor crisisbeheersing én ,,geen verwaarlozing'' van de bijdrage aan de NAVO. En dat alles zonder extra geld.

De economie draait al ongewoon lang ongewoon goed. De schrik van de Kosovo-crisis zit nog in de benen. Het debat over een sterkere eigen Europese defensie-identiteit is in een wat hogere versnelling geraakt. En het besef groeit dat vorig jaar zomer, zonder al te veel analyse of prioriteitsbepaling vooraf, misschien te stevige bezuinigingsafspraken voor defensie zijn gemaakt in het regeerakkoord. De VVD heeft daarover al openlijk haar spijt uitgesproken. Het CDA heeft als grootste oppositiepartij voor een (kleine) budgetverhoging gepleit.

Ook lijkt het politieke zondagskind Frank de Grave, ruim vijftien maanden nadat hij als VVD-minister van Defensie uit de formatietombola kwam rollen, in een prettige situatie om een Defensienota uit te brengen. De grote fracties in de Tweede Kamer spreken elkaar immers tegen over de richting die het defensiebeleid na de eeuwwisseling moet krijgen, wat de minister ruimte geeft een soort scheidsrechtersrol te spelen.

De Grave kan het zich zelfs veroorloven, zoals hij vandaag in zijn nota doet, om een squadron F-16's in de verkoop te doen, terwijl hij dat van een meerderheid van de Tweede Kamer best zou mogen houden. Het regeerakkoord en de jarenlange bezuinigingen sinds PvdA-minister Ter Beek in 1993 met zijn Prioriteitennota kwam hebben op Defensie voor een krappe kas gezorgd. Veelzeggend: in de nieuwe Defensienota zijn nog maatregelen nodig voor plannen (op personeelsgebied bijvoorbeeld) die al in de Prioriteitennota waren gemaakt.

Tien jaar na het einde van de Koude Oorlog vindt de grootste regeringspartij, de PvdA, dat de klassieke verdedigingstaak in de NAVO zowel achterhaald als onbetaalbaar geworden is. Dat moet geen kerntaak meer zijn en er kan flink op worden gesnoeid. D66 en GroenLinks denken min of meer hetzelfde. Maar de VVD en het CDA zien hier een valse tegenstelling. Zij willen Nederland een volwaardige NAVO-bijdrage laten blijven leveren, vooral in het Duits-Nederlandse legerkorps. En menen dat een goede crisisbeheersingscapaciteit en stafactiviteiten op hoger internationaal niveau daarbij juist gebaat zijn.

In zijn Defensienota volgt De Grave deze laatste gedachtengang, die natuurlijk ook de opvatting weergeeft van de bevelhebbers van de krijgsmachtdelen met wie hij een compromis vond waarin zij zich kunnen vinden. Een compromis waarin de kaasschaaf langs alle krijgsmachtdelen is gegaan zonder dat er erg ingrijpende keuzes zijn gemaakt.

De Grave wil het één en het ander: een duurder personeelsbeleid, modernisering en een betere paraatheid voor crisisbeheersing én ,,geen verwaarlozing'' van de verdedigingsbijdrage aan de NAVO. En dat alles zonder extra geld, namelijk door binnen het bestaande budget de komende tien jaar voor tien miljard gulden te verschuiven binnen het defensie-apparaat. Gelet op de voorgeschiedenis sinds 1993 wordt hier een fantastische operatie gepland. De Prioriteitennota, die de krijgsmacht moest saneren en haar moest aanpassen aan de toestand na de Koude Oorlog, was bij haar publicatie volgens zeer velen al een nog nét verantwoord minimumbod. Op die nota voor tien jaar zijn jaarlijks niettemin stevige bezuinigingen toegepast. In 1998 kwamen daar per regeerakkoord nog eens 375 miljoen per jaar aan kortingen bij. En nu komt minister De Grave met een nieuwe Defensienota, weer voor tien jaar, waarin het klassieke takenpakket van de krijgsmacht overeind blijft, meer geld voor personeelbeleid en modernisering opgenomen is en de parate inzetbaarheid voor meer crisisbeheersingsvermogen ook nog wordt verbeterd. Het lijkt alsof de Tweede Kamer en De Graves voorgangers sinds 1993 hebben zitten slapen en allerlei potentiële verbeteringen voor hetzelfde geld over het hoofd hebben gezien.

Of is het eerder zo dat De Grave en zijn bevelhebbers een enorm financieringsrisico voor de toekomst hebben genomen? Namelijk door een miljardenbedrag aan investeringen naar latere jaren te verschuiven en zodoende in de tweede helft van de planperiode (2005-2010) een gevaarlijke, zogenoemde `boeggolf' van investeringen te laten ontstaan. In dat geval zou het defensiebudget opnieuw onder een geweldige druk komen te staan.

En dan is de economische conjunctuur misschien niet meer zo goed. En is er wellicht elders geld nodig. Wie weet moet er dan bovendien echt geld op tafel komen voor versterking van de Europese defensiesamenwerking. Tegen die tijd hoopt Frank de Grave, met de palmarès van een geslaagde defensiesanering op de schouders, vermoedelijk alweer `verderop' te zijn als VVD-politicus. Als het zó loopt is de nieuwe Defensienota helemaal niet zo nieuw, maar een reprise van al die eerdere nota's die rust aan het budgettaire front moesten brengen maar daarin niet slaagden.

    • J.M. Bik