Een radiohemel op aarde

De op 20 januari 1965 in Palm Springs USA overleden deejay Alan Freed mag dan de twijfelachtige eer hebben gehad de eerste radio- plaatjesdraaier te zijn geweest die zich liet omkopen door platenmaatschappijen, voor de rest was er vrijwel niets op hem aan te merken. Z'n bekendheid had hij ook niet verkregen door drie dagen lang de NCRV vol te kletsen of telefoonspelletjes voor hush-puppies te leiden. Nee hoor, meneer Freed was niet alleen de uitvinder van de term Rock & Roll, maar liet en passant op niet geringe radio-zenders als WJW in Cleveland en (later) WINS in New York City ook nog goed en duidelijk weten, dat de toendertijd populaire teener-muziek niet meer en minder was dan een slap aftreksel van zwarte muziek zoals Jazz en Rhytm & Blues. Freed beperkte zich dan ook echt niet tot plaatjes draaien die hem door een zendercoördinator voorgeschoteld werden maar gebruikte zijn populariteit voor fabelachtige live-concerten die alle muzikale grenzen en andere taboe's doorbraken. Zo opende hij zijn live Rock & Roll Dance Party's (want zo heette zijn programma) meestal met een eigen fenomenale Big Band waarin, geloof het of niet, in de saxsectie Al Sears, Sam `The Man' Taylor en Red Prysock de tenor-sax solo's speelden. En dan niet elk een solootje op een soort `Wie van de Drie' tune. Nee, alle drie sax-`War Lords' tegelijk en meedogenloos tegen elkaar in met met bloedstollende `vier om viertjes' (maten!) in rietblazers- klassiekers als Let's Face it!, Pretzel en niet te vergeten Push it! van de hand van Alan Freed zelf, die ook een blauwe maandag leider van de Sultans of Swing in Ohio geweest was.

Een willekeurig programma van zo'n Live Radio Show met Alan Freed vanuit het Paramount Theater? Roept U maar: Etta James, The Platters, Bill Haley, Big Maybelle, Gene Vincent, The Pinguins en Gloria Mann. En daar tussendoor nog die Alan Freed Band met die drie sax-terroristen! Het moet een (radio)Hemel op Aarde geweest zijn. Kom op Stenders, huur het Hilton af en presenteer van daar uit eens live je Radio 3 programma met de Spookrijders, een paar Turks/Amsterdamse popgroepen , Anouk (die uit den Haag) en desnoods die groep van Texel waar je zo gek van bent, want Freed hielp Chuck Berry ook met het nummer Mabelline te schrijven om het vervolgens grijs en tot hit te draaien in z'n radio-show.

Toch liep het uiteindelijk slecht af met Alan Freed. Hij werd te populair bij een gemengd publiek en bovendien weigerde hij inferieure blanke covers te draaien van zwarte hits en dat werd hem door de muziekindustrie zwaar aangerekend. Dat weten ze hier bij de Nederlandse radio wel beter, want niemand weigerde ooit Heintje's Mamma te draaien vanwege de originele Italiaanse versie. Maar goed, Freed moest zich dus zonodig wel principieel opstellen en z'n vijanden zorgden er voor dat een live Rock & Roll Party in de Boston Arena uit de hand liep en in een rel eindigde. Hij kreeg de schuld en kon niet, zoals een populaire zanger in de Amsterdam Arena, de narigheid afkopen met een taakstraf, waardoor hij in fikse financiële moeilijkheden raakte. Van het een kwam zoals gewoonlijk het ander en z'n carrière was niet alleen gebroken maar bovendien bleek zijn gezondheid fiks aangetast door de niet aflatende golf van aantijgingen wegens `payola'. Hij bleef zich desondanks manmoedig verdedigen met de slogan ,,I never played a record that I didn't like''. En dat mocht misschien best waar zijn, maar het hielp hem niet uit de nesten. Toen hij uiteindelijk dood was verscheen er in het blad Cashbox een artikeltje waarin stond: ,,He suffered the most...for alleged wrongs that had become a way of life for many others''. En daar schrik je toch een beetje van als radio-columnist.

    • Hans Dulfer