NEANDERTHALERS OVERLEEFDEN LANG IN CENTRAAL EUROPA

Het huidige idee dat de laatste Neanderthalers omstreeks 30.000 jaar geleden in Spanje leefden, moet worden herzien. Ze blijken enkele duizenden jaren langer te hebben geleefd (Proceedings of the National Academy of Sciences, 26 oktober). En de mogelijk laatste vertegenwoordigers van Homo sapiens neanderthalensis leefden niet in Spanje, maar in centraal Europa.

Er zijn inmiddels veel plaatsen ontdekt met resten van de Neanderthalers. Hun verspreiding en hun geleidelijk verdwijnen kunnen daardoor, mede dankzij absolute ouderdomsbepalingen met behulp van koolstof-14, goed in kaart worden gebracht. Het beeld dat uit die `kartering' tot nu toe bestond, was betrekkelijk duidelijk, en tegelijk overtuigend vanwege de logica: toen de moderne mens (Homo sapiens sapiens) zich langzaamaan vanuit Afrika en het Midden-Oosten over Europa verspreidde, werden de Neanderthalers steeds verder teruggedrongen naar de buitengewesten; Spanje leek hun laatste basis.

In de jaren zeventig en tachtig jaren zijn in Kroatië echter twee grotten ontdekt met tal van resten van Neanderthalers, onder meer schedelfragmenten. Die zijn pas onlangs gedateerd, met als verrassende uitkomst dat de Neanderthalers daar zeker tot 28.000 jaar geleden moeten hebben geleefd, dus zeker tot 2000 jaar nadat ze uitgestorven waren geacht. Dit `uitstel van executie' betekent ook dat de Neanderthalers langer dan eerder aangenomen gelijktijdig met de moderne mens hebben geleefd.

Volgens de betrokken onderzoekers, Smith en Trinkhuis van de Washington University in St. Louis, betekent dit dat er een veel grotere kans is dan tot nu toe aangenomen dat de beide variëteiten van de mens zich ook hebben gemengd. Dit is in de paleoantropologie altijd een zeer omstreden onderwerp geweest. De archeoloog Strauss (University of New Mexico in Albuquerque) meent nu dat het niet alleen mogelijk is dat beide groepen zich genetisch hebben gemengd, maar dat er gedurende lange tijd zelfs een zeer geschakeerd patroon van culturele interactie moet hebben bestaan. Een dergelijk complex patroon, waarbij beide groepen in een min of meer geregeld contact met elkaar stonden, zou ook inhouden dat de nu algemeen aangehangen visie over het uitsterven van de Neanderthalers moet worden herzien; ze zouden dan immers niet meer door de binnentrekkende moderne mens met alle mogelijke middelen vanuit de best leefbare gebieden zijn verdreven naar minder aantrekkelijke oorden.

Deze nieuwe opvattingen worden overigens nog niet algemeen geaccepteerd op grond van de nieuwe dateringen. Zo houdt Tattersal (American Museum of Natural History in New York) vast aan de oude inzichten, waarbij hij alleen denkt aan een verschuiving in de tijd van het veronderstelde moment waarop de Neanderthalers zijn uitgestorven.

    • A.J. van Loon