Rode mensen met rode schaduwen

`Zijn er veel kleine jongetjes die denken dat ze een monster zijn', vraagt het kleine jongetje Geryon zich af, terwijl hij met zijn hondje buiten op de rotsen zit. Het hondje kijkt hem bemoedigend aan en Geryon vervolgt: `Maar in mijn geval heb ik gelijk.' Voor die mening valt wel iets te zeggen, want Geryon is roodgekleurd, heeft vleugels op z'n rug en een rode schaduw. Verder vertoont hij alle kenmerken van een normaal, wat gevoelig Amerikaans schoolkind. Zijn hondje is ook rood.

Geryon is de hoofdpersoon van Autobiography of Red, een `roman in verzen' van de Canadese dichteres Anne Carson (1950). Carson heeft in Noord-Amerika een gedegen reputatie opgebouwd met bundels als Glass and God en Short Talks, maar is om onduidelijke redenen in Europa nauwelijks bekend. Zo bleef de Amerikaanse editie van Autobiography of Red, die vorig jaar al verscheen, nagenoeg onopgemerkt. Als om dat goed te maken zijn nu tegelijkertijd twee verschillende Britse uitgaven verschenen, die daar hopelijk verandering in gaan brengen. Want zoals de rode gevleugelde hoofdpersoon al doet vermoeden gaat het hier om een verbluffend origineel werk.

Carson liet zich voor Autobiography of Red inspireren door de Griekse mythe van Geryon, die deel uitmaakt van de Werken van Herakles (behalve dichteres is Carson ook nog hoogleraar klassieke talen in Montréal). Geryon was een rood monster dat op een rood eiland woonde, waar hij samen met zijn rode hond een prachtige kudde rode runderen hoedde. In het kader van zijn Tiende Werk rooft Herakles de runderen, doodt Geryon en zijn hond.

Van de dichter Stesichoros (ongeveer 650 v. C.) is bekend dat hij hierover een lang werk schreef vanuit het ongebruikelijke perspectief van het monster, waar een paar fragmenten van bewaard zijn. Na een quasi-academische inleiding produceert Carson een bladzijde of zes met fantasievolle `vertalingen' van deze fragmenten, drie appendices plus een absurd interview met Stesichoros. De teksten doen enigszins aan Borges denken, en zijn typerend voor Carsons hybride stijl. Maar het hart van het boek, een formidabel gedicht in 47 hoofdstukken getiteld `Autobiography of Red. A Romance', heeft deze postmodernistische grapjes helemaal niet nodig.

Het verhaal volgt Geryon vanaf zijn eerste dagen op de kleuterschool, waar hij zich totaal verloren voelt. Zijn gemene oudere broer geneert zich en wil niet met hem meelopen. Ook thuis pest hij Geryon, en 's nachts misbruikt hij hem in ruil voor knikkers. Op school maakt Geryon een project over de geluiden die kleuren maken, en is erg verbaasd dat de meeste kinderen die hij ervoor interviewt, zeggen dat ze `the cries of the roses/ being burned alive in the noonday sun' niet kunnen horen. `Like horses, Geryon would say helpfully.' Gelukkig is er ook nog zijn begripvolle, kettingrokende en glamoureuze moeder, op wie Geryon dol is. Verder werkt hij gestaag aan zijn autobiografie, eerst in knutselobjecten, later in een schriftje en uiteindelijk in foto's, zijn definitieve medium.

Dan komt Herakles. De veertienjarige Geryon ziet hem uit de bus stappen: `They were two superior eels/ at the bottom of the tank and they recognized each other like italics.' Een tijd lang zijn ze onafscheidelijk, en het is onvermijdelijk dat ze geliefden worden. Geryons moeder vindt het maar niks, en ook het verhaal van Stesichoros voorspelt weinig goeds. Maar Carson is er de dichter niet naar om de traditie tot op de letter te volgen. Herakles doodt Geryon niet, hij dumpt hem: `Geryon, you know/ we'll always be friends.'

Niet toevallig gebeurt dit tijdens een uitstapje van de twee naar het stadje Hades, waar ze een sluimerende vulkaan bezoeken. Carson is gefascineerd door vulkanen, maakt er schilderijen van en in haar poëzie zijn de ziel, emoties en vulkanen onverbrekelijk met elkaar verbonden. Met name de gemoedstoestanden die het gevolg zijn van `the human custom of wrong love' lopen als een rode draad door Carsons werk, en ze excelleert in het beschrijven ervan. In een eerder gedicht daarover heette het: `I lived my life/ which felt like a switched-off TV.' Zo ook Geryon, die zichzelf letterlijk begraaft in een dom archiefbaantje in de kelder van een bibliotheek.

Maar een paar hoofdstukken verder is hij 22, student filosofie en op reis naar Buenos Aires. Hij zit er in Café Mitwelt waar hij ansichten schrijft met flarden Heidegger, hij zwerft door de straten, valt in slaap in een tangocafé en botst plotseling tegen Herakles op. Die blijkt de wereld rond te reizen samen met zijn Peruaanse vriend Ancash, met als doel de geluiden van vulkanen op tape vast te leggen. Gedrieën vertrekken ze naar Peru om daar een nog werkende vulkaan te bezoeken.

Een uitbarsting blijft niet uit. Geryon slaapt met Herakles, weet dan: `I once loved you, now I dont know you at all.' Herakles blijkt een oppervlakkige figuur die uitsluitend in uitroeptekens spreekt en dingen zegt als: `Can't you ever just fuck and not think?' Ondertussen vertelt Ancash Geryon over de plaatselijke legende van de Yazcamac, ooggetuigen die de binnenkant van een vulkaan hebben gezien en het overleefd hebben: `they say the Yazcamac return as red people with wings,/ all their weaknesses burned away-/ and their mortality.' Speciaal voor hem vliegt Geryon met de taperecorder naar de krater, en komt terug met een glimp van onsterfelijkheid.

In bepaalde opzichten is Autobiography of Red een roman te noemen: er is een plot en de psychologische ontwikkeling van de personages is subtiel en geloofwaardig getekend. Door de versregels worden wilde sprongen, onlogische ontwikkelingen en complexe metaforen direct vanzelfsprekend. Carsons taalgebruik is fenomenaal, met een sterk visuele inslag: haar beelden zijn van een fotografische scherpte. Lyrische passages worden afgewisseld met absurde of banale scènes, psychologisch realisme gaat moeiteloos samen met mythe en symboliek, bedrieglijk eenvoudige spreektaal blijkt literaire of filosofische verwijzingen te herbergen. Het eindresultaat is gelaagd, ontroerend en vaak erg geestig. Deze `autobiografie' gaat niet alleen over kunst als zelfbehoud, mythen, filosofie, de kleur rood, geologie en emoties, vriendschap en de klassieke associatie van vleugels met liefde; het is ook een aansporing voor alle rode monsters om hun vleugels eens te gebruiken.

Anne Carson: Autobiography of Red. Cape Poetry, 149 blz. ƒ34,95. Vintage, 149 blz. ƒ33,35.

    • Corine Vloet