`Plannen regering-Wahid wekken vertrouwen'

Nederland heeft veel vertrouwen in de nieuwe Indonesische president Abdurrahman Wahid en heeft na zeven jaar de ontwikkelingsrelatie met Indonesië hersteld. Minister Herfkens kreeg in Jakarta een warme ontvangst.

Minister Evelien Herfkens (Ontwikkelingssamenwerking) is na anderhalve dag Jakarta laaiend enthousiast over de nieuwe Indonesische regering. Ze zou het liefst vandaag nog een cheque uitschrijven ter ondersteuning van een concreet beleidsvoornemen, maar geeft zelf toe dat ze wat dat betreft wat te vroeg naar Indonesië is gekomen. De prioriteiten van president Abdurrahman Wahid en zijn kabinet zijn weliswaar in grote lijnen al bekend, maar voor de uitwerking hebben ze nog meer tijd nodig. Herfkens is vooral naar Jakarta gevlogen om een politiek signaal te geven: Nederland twijfelt niet aan de goede wil van Wahid en de zijnen.

Voldoet Indonesië inmiddels aan de criteria van Ontwikkelingssamenwerking?

,,Mijn komst is de bevestiging dat we over de hele linie een ontwikkelingsrelatie willen aangaan met Indonesië. Om in aanmerking te komen voor Nederlandse hulp moet een land voldoen aan het armoedecriterium – daarvoor hanteer ik als maatstaf dat het toegang moet hebben tot het `zachte leningenloket' van de Wereldbank –, het moet behoorlijk worden bestuurd en het sociaal-economische beleid moet voldoende kwaliteit hebben. Aan de tweede voorwaarde, goed bestuur, is nog niet voldaan, want de corruptie tiert hier welig, maar de integriteit van de zojuist aangetreden regering staat buiten kijf.

,,Het sociaal-economische beleid staat nog in de steigers, maar ook het Internationale Monetaire Fonds heeft voldoende vertrouwen dat het de goede kant uitgaat. De prioriteiten – aanpak van de corruptie, armoedebestrijding en decentralisatie – zien er goed uit. En dan zou het onaardig zijn om met de toezegging van hulp te wachten tot de laatste punten en komma's zijn gezet. Ik heb nog geen bedragen vastgesteld, maar het gaat om enkele tientallen miljoenen. Dit is een land met ruim 200 miljoen inwoners en dan kun je niet aankomen met vijf miljoen.''

Betekent het aantreden van Wahid en zijn kabinet nu het definitieve herstel van de ontwikkelingsrelatie of is dat al gebeurd onder ex-president Habibie?

,,Onder Habibie is van Indonesische kant te verstaan gegeven dat er geen problemen meer waren. Daarop hebben wij besloten mee te doen in de Club van Parijs met een schuldenverlichting van 196 miljoen gulden, en die kwamen uit mijn budget. De regering-Habibie had echter een overgangskarakter, dat was nog niet het moment om zaken te doen op de lange termijn. Wij hebben dus gewacht tot de presidentsverkiezingen achter de rug waren. Dat moment is nu. In zekere zin ben ik nog steeds een beetje te vroeg, want de prioriteiten aan de ontvangende kant zijn nog onvoldoende uitgewerkt.

,,Ik kon om politieke redenen niet later komen, ik wilde een gebaar maken. Maar als het nog teveel tijd kost om zaken bilateraal op te pakken, heb ik er geen enkel probleem mee om bijvoorbeeld 5 miljoen `bilateraal geld' in het Governance Trust Fund (een speciaal fonds voor corruptiebestrijding, red.) te stoppen. Dat is hun eigen prioriteit. Ze kampen hier met zeer beperkte institutionele capaciteit omdat de oude bureaucratie moet wennen aan een heel nieuwe manier van werken. In plaats van hen nu lastig te vallen met bilaterale Memoranda of Understanding met Nederland, hen te dwingen regeltjes te maken over financiële accounting,kun je voorlopig beter via de multilaterale band werken.''

Vinden uw gesprekspartners het van speciaal belang dat juist Nederland weer meedoet aan de ontwikkelingssamenwerking met Indonesië?

,,De warmte waarmee ik ben ontvangen, bijvoorbeeld door de coördinerende minister voor Economische Zaken, Kwik Kian Gie, en door vice-president Megawati, laat zien dat zij daar veel gevoelens bij hebben. Megawati is bezig met een verhuizing, president Wahid was in het buitenland en ze heeft het razend druk, maar ze nam ruim de tijd om me thuis te ontvangen. Ze vindt het fantastisch om uitgenodigd te worden naar Nederland, want met haar vader Soekarno is het daar niet van gekomen, zo zal ik het maar tactisch formuleren. Kwik hecht sterk aan de relatie met Nederland (hij studeerde in Rotterdam en is gehuwd met een Nederlandse, red.) en wil dat er meer Indonesische studenten met een beurs in Nederland kunnen studeren. Daar heb ik ja op gezegd.

,,Het hangt er wel van af met wie je spreekt. Hasballah Saad, de minister zonder portefeuille van Mensenrechten, spreekt geen Nederlands. Hij vond het heel prettig dat ik de eerste minister van Ontwikkelingssamenwerking was die hem vroeg: Zeg maar wat je nodig hebt, dat kun je zo krijgen. Dat maakte me populair, niet het rood-wit-blauw. En wat het verleden betreft, ik zei gisteren op een vraag van de Indonesische televisie: de chemie tussen de vorige regeringen van Nederland en Indonesië was niet volmaakt, maar die tussen de huidige regeringen is fantastisch. Als ik aan Indonesische ambtenaren uitleg dat een van de beleidsvernieuwingen in Nederland is dat we hebben afgerekend met het donorenhobbyisme en dat de ontvangende landen wat ons betreft de prioriteiten stellen, dan zie ik ze breed lachen van opluchting.''

    • Dirk Vlasblom