Na het poldermodel: doorregeren

Het beroemde Nederlandse overlegmodel lijkt op instorten te staan, maar het paarse kabinet wordt er warm noch koud van.

Het lijkt bijna een trend. Sociale partners lopen weg uit overleg met het kabinet, boerenleiders slaan de deur kwaad achter zich dicht en ook de milieubeweging staakt het overleg. En het kabinet wordt er niet echt nerveus van.

Na een goeddeels verloren eerste jaar is het kabinet druk aan het regeren geslagen. Ministers nemen robuust positie in: ze willen, zeker op de grote dossiers, resultaat boeken. Regeren gaat altijd van `au'. Maar dezer dagen wordt de pijn vooral bij het maatschappelijk middenveld gevoeld.

Is er sprake van toeval of is er regie in het spel? Het is toeval dat de drie botsingen zich in één week voltrekken. Op geen enkel moment is binnen het kabinet met zoveel woorden afgesproken dat de belangenbehartigers zouden worden aangepakt.

Wel is het zo dat onderscheiden ministers – De Vries, Brinkhorst en Netelenbos – de karakterologische neiging hebben om door te duwen. En ook is het zo dat binnen het kabinet-Kok II een sterke neiging bestaat om het primaat van de politiek – wij beslissen! – voorop te stellen. ,,Het poldermodel is geen kleffe deken waar je alles onderstopt'', zei minister De Vries (Sociale Zaken) gisteren in de Tweede Kamer tijdens het spoedoverleg over de breuk met de sociale partners.

Minister Brinkhorst van Landbouw liet zich onlangs in het D66-tijdschrift Idee in scherpe bewoordingen uit over het poldermodel: ,,Ik denk dat het poldermodel zich op sommige punten niet verdraagt met de parlementaire democratie. Want parlementaire democratie houdt in dat er een overkoepelend politiek gezag is. Het poldermodel heeft met corporatisme te maken. Het is te gemakkelijk om te zeggen dat ergens geen draagvlak voor is.''Is er sprake van een omslag in het denken? Arjo Klamer, hoogleraar economie aan de Erasmus Universiteit en kenner van het Nederlandse overleg-model, denkt van wel. Onder Paars-I prezen ministers voluit de zegeningen van het poldermodel, terwijl in feite het marktdenken dominant was. Daarin is weliswaar een sterke rol weggelegd voor de overheid als toezichthouder op de markt, maar niet voor maatschappelijke organisaties, zoals vakbonden en milieubeweging. ,,Voor de buitenwereld werd het poldermodel geprezen, terwijl we er eigenlijk zelf niet meer in geloofden'', meent Klamer.

Oppositieleider De Hoop Scheffer van het CDA ziet een slingerbeweging in de twee opeenvolgende paarse kabinetten. ,,Paars begon als het kabinet dat het primaat van de politiek wilde herstellen. Vervolgens kwam het poldermodel in zwang, kwamen er complimenten vanuit het buitenland. Toen hebben we daar een tijd niets meer gehoord. Nu zie je dat de slinger weer teruggaat.'' Haagse illusies zijn het, volgens de CDA-leider. ,,Je kunt vanuit de politiek niets bereiken zonder draagvlak in de samenleving.''

De Hoop Scheffer wijt de huidige conflicten aan de `teleurstellende compromissen' die PvdA en VVD hebben gesloten. ,,Bij de sociale zekerheid krijgt de PvdA zijn staatsmoloch in de uitvoering. En de VVD een beetje marktwerking bij het zoeken naar werk voor WAO'ers. Onbegrijpelijk dat de VVD daarmee akkoord is gegaan'', zegt hij. ,,Er mag dan wel daadkracht zijn bij het kabinet, maar het is zeer de vraag of die daadkracht ergens toe leidt.''

Fractieleider Rosenmöller van GroenLinks ziet in het conflict van minister De Vries met de sociale partners de aanwijzing dat PvdA en VVD een andere inrichting van de samenleving zijn gaan voorstaan, waarin de plaats van maatschappelijke organisaties kleiner wordt. Hij oordeelt dat het kabinet in het debat over de uitbreiding van de luchthaven Schiphol niet ,,wezenlijk'' wil luisteren naar de opvattingen van de milieubeweging. ,,Het kabinet heeft een beetje de neiging om te regeren over en zonder maatschappelijke organisaties'', zo constateert hij evenals De Hoop Scheffer.

Herstel van het primaat van de politiek is dus de trend, maar het is toevallig dat de conflicten met maatschappelijke organisaties juist deze week ontstonden. Het kabinet Kok-II is bezig aan zijn tweede jaar. Dat is voor elk kabinet het jaar dat de grote beslissingen genomen moeten worden. Ook is er sprake van een `domino-effect' bij de maatschappelijke organisaties. Voorzitter Doornbos van LTO stapte deze week zelfs twee keer op. Eerst als lid van de Stichting van de Arbeid die niet meer met minister De Vries wilde overleggen over de nieuwe opzet van de sociale zekerheid. Later stapte hij op als LTO-voorzitter tijdens het overleg met Brinkhorst.

Premier Kok is, zo constateert zijn omgeving, opmerkelijk `ontspannen' over de aanvaringen die zijn kabinet met de maatschappelijke organisaties heeft. Hij heeft het consensus-model allerminst opgegeven, maar weet ook dat er in dit stadium van de kabinetsperiode daadkracht nodig is om tot resultaten te komen. De premier zal vandaag sussende woorden spreken en het belang van overleg benadrukken, maar tegelijk niks afdoen aan de opvattingen die het kabinet heeft. Nieuwe botsingen met de belangenbehartigers zijn te verwachten.

    • Kees van der Malen
    • Peter de Bruijn