Reggaezanger Horace Andy laat de jaren zeventig herleven

`Pull up, selecter!' Als het publiek in een Jamaicaanse dance hall die woorden scandeert, weet de discjockey (`the selecter') dat hij een plaat heeft opgezet die in de smaak valt. Hij tilt de naald abrupt uit de groef en zet het intro van de plaat in kwestie meteen nog een keer op. Reggaezanger Horace Andy bracht hetzelfde trucje gisteren live in Paradiso, waar hij zijn band herhaaldelijk maande om een zojuist gespeeld intro opnieuw in te zetten. Het overwegend jonge publiek kende het Jamaicaanse dance hall-ritueel niet, maar was afgekomen op Andy's semi-legendarische status als gastzanger van Massive Attack. Dit Engelse triphop-collectief maakte onder meer op het debuutalbum Blue Lines uit 1990 dankbaar gebruik Horace Andy's soepele vibrato. `De Jamaicaanse leeuwerik' dankt zijn bijnaam niet in de eerste plaats aan zijn plooibare reggaestem, maar aan zijn luchtige muziekstijl die in de jaren zeventig als skylarking (`flierefluiten') werd aangeduid, tevens de titel van Andy's debuutelpee uit 1972. Massive Attack bracht op het eigen label Melankolic een verzamel-cd uit van Horace Andy's `klassieke' reggaemomenten, maar kon geen tijd vrijmaken om mee te werken aan de nieuwe cd Living In The Flood. Die blijkt geheel verstoken van modernismen en bevat muziek die de jaren zeventig-reggae in bijna al zijn ouderwetse glorie doet herleven, inclusief het door Joe Strummer van The Clash geschreven titelnummer.

Bij zijn optreden deed de vrolijk rondhuppelende reggaeveteraan met zijn onafscheidelijke petje evenmin moeite om nieuwerwets te doen. Behalve de muziek waren ook het sentiment achter nummers als Money Money (`is the root of all evil') en zijn vele lofzangen op de rastagod Jah direct terug te voeren op ouderwetse seventies-reggae, met dien verstande dat de magie van verheffende artiesten als Bob Marley of Culture node gemist werd. Dat valt ook niet mee, als de blazers uit een elektronisch kastje moeten komen en de beste nummers meer dan twintig jaar oud zijn.

Zelfs het Massive Attack-nummer One Love klonk een beetje stoffig, gespeeld door een band die haar reggaemuziek uit een boekje leek te hebben geleerd. Ook het trucje met de intro's werd na een paar keer eentonig. In de twee uur die hij op het podium stond maakte Horace Andy niets meer en niets minder dan prettige gebruiksmuziek voor een doordeweekse avond.

Concert: Horace Andy. Gehoord: 24/11 Paradiso, Amsterdam. Herhaling: 25/11 Nighttown, Rotterdam, 26/11 013, Tilburg.

    • Jan Vollaard